Bergrit naar Mont Orgeuil

Zo zonnig als het gisteren was, zo grijs was het vanochtend.

Maar de dag begon alvast droog dus klagen deden we niet.

We vertrokken bergaf naar St Helier centrum om dan langs de kust richting de baai van Grouville.

Onderweg maakten we een tussenstop aan Samares Manor waar de Botanic Gardens zijn. Een mooie tuin of een arboretum laten we zelden links liggen.

Er is onder andere een landhuis, een duiventil uit de 11e eeuw, een kruidentuin en een Japanse tuin te bewonderen. De naam is afgeleid van salse marais wat zoutwatermoeras betekent.

Daarna ging het verder richting Mont Orgeuil Castle.

Orgueil is een Frans woord dat trots betekent. Zo betekent de naam van het kasteel de trotse berg. In het Jèrriais wordt het kasteel lé Vièr Châté (het oude kasteel) genoemd. Vraag me niet hoe je dat moet uitspreken.

Het kasteel ligt op een hoge rotsheuvel in Gorey (Jersey) (Grouville) en heeft zicht op de haven van Gorey. In het verleden beveiligde het kasteel dan ook deze havenplaats.

In tegenstelling tot Elizabeth Castle ligt Gorey Castle aan het eiland vast. Het kasteel kan dan ook vanaf het land beschoten worden. Om het kasteel in landrichting te beschermen tegen kanonschoten is er een vreemde, ovale, uitbouw aan het kasteel gemaakt, die eigenlijk alleen uit muur bestaat. Toch verloor het kasteel zijn functie doordat het te beschieten was. Sir Walter Raleigh ontfermde zich rond 1600 over het kasteel zodat het behouden bleef. Het plan bestond om het kasteel af te breken om de oude stenen opnieuw te gebruiken. Raleigh stelde: “‘twere pity to cast it down” (‘tzou jammer zijn het neder te werpen)

Het kasteel is oorspronkelijk echter gericht op Frankrijk. Vanaf 1204 veranderden de Kanaaleilanden van een vredig oord in een brandpunt van de strijd tussen Engeland en Frankrijk. Het fort Mont Orgueil werd rond die tijd gebouwd om dienst te doen als militaire basis. Het ligt dan ook in het midden van de oostkust van Jersey.

In het begin van de eenentwintigste eeuw werd het kasteel gedurende 5 jaar gerestaureerd. In die periode was het kasteel gesloten voor het publiek. Sinds de restauratie is er op diverse locaties moderne kunst in het kasteel tentoongesteld, waarmee in alle gevallen verwezen wordt naar de geschiedenis van Jersey of het kasteel zelf. (Bron : Wikipedia)

Het was de bedoeling van nog verder naar het noorden te fietsen maar omdat het begon te regenen zijn we maar terug naar ons appartementje gefietst. Dat was trouwens niet zo simpel. Jersey heeft behoorlijk wat kuitenbijters. Gelukkig bestaat er zoiets als “sport” en “turbo” op een elektrische fiets 😉

De fietstocht

Foto’s Botanic Gardens

Foto’s Mont Orgeuil Castle (en de tocht naar daar)

La Corbière

Verschrikkelijk vroeg was het vanochtend toen de wekker afliep … nog geen half zes.

Daar was wel een goede reden voor. De ferry van CondorFerries naar Jersey vertrok al om 8u en er werd gevraagd/aangeraden om toch anderhalf uur op voorhand daar te zijn. Om half zeven zaten we dan ook al op de fiets om de anderhalve kilometer van het hotel naar de haven af te leggen.

De overtocht ging snel en comfortabel en om twintig over acht (plaatstelijke tijd) meerden we al aan. Nog even door de paspoortcontrole en de vakantie kon echt beginnen.

We gingen maar direct op pad. Ik had een fietstochtje uitgestippeld die ons naar de Corbière Walk zou brengen. Dat is een wandel- en fietspad op de oude treinbedding van Saint Aubin naar Corbière. Heel aangenaam fietsen trouwens.

Tussen 1873 en 1929 reed daar een nog een trein. Nu rijdt er nog wel een “toeristentreintje” op het fietspad tussen Saint Aubin en Saint Hellier maar een echte trein rijdt er dus niet meer.

In Corbière bleven we de kust volgen tot we plots op een plek kwamen waar er met de fiets geen doorkomen aan was, toch zeker niet met twee elektrische fietsen die bovendien zwaar geladen zijn (uiteraard door de bagage, niet door de bestuurders 😉). Dan maar even een ommetje gemaakt dat weliswaar behoorlijk klimmen was maar daarna ook gezellig afdalen was.

Onderweg ook nog gestopt om een sierlijke kiekendief te bewonderen en om een lekkere bread roll with bacon, sausages & egg te verorberen.

Het was een mooie fietstocht maar toch ook wel lastig. Bijna zo lastig als het vinden van ons appartement. We stonden er letterlijk 10 meter voorbij maar we hadden ze gemist. Afin, het is ons toch gelukt en we zijn zelfs al boodschappen gaan doen.

Straks nog effe terug naar het centrum om iets te gaan eten. De afgelopen twee dagen zijn, mede door slecht slapen toch vrij vermoeiend geweest.

Eindelijk vakantie

Het heeft precies lang geduurd dit jaar maar eindelijk zijn we op vakantie vertrokken. De snipperdagen die we al opgenomen hebben dit jaar zijn allemaal opgegaan aan werken.

Maar vanochtend zijn we dan toch richting zuiden vertrokken. Eerste stopplaats is Saint Malo vanwaar we dan de oversteek maken naar Jersey.

De eerste dertig kilometer waren de lastigste. Bijna het volledige stuk van de Brusselse Ring dat we moesten doen hebben we in file gestaan. Eens die hindernis genomen ging het probleemloos verder over de Franse snelwegen. Af en toe eens moeten stoppen aan de péage en ook de nodige koffie- en rustpauzes genomen en rond 17u waren we in Saint Malo.

Hier laten we de auto op de parking staan en morgenvroeg nemen we dan met de fiets de ferry naar Saint Helier om een paar dagen het kanaaleiland te verkennen.

Teken van leven

Druk, druk, druk en werk, werk, werk en regen, regen, regen en geen zin om te bloggen.

Dat is zowat de samenvatting van de afgelopen weken.

Het is dus niet zo dat we de afgelopen weken niets hebben gedaan, in tegendeel, maar eigenlijk niets dat de moeite waard is om over te schrijven.

Vandaag was het weer dan gelukkig nog wel eens deftig genoeg om een fietstochtje te maken. We kozen voor een tochtje via de Nete naar het Zennegat. Op de terugweg zouden we dan een stop maken in Mechelen want daar was het “Riddermarkt”.

Viel dat even tegen zeg. Het begon al bij de lunch. Een half uur moeten wachten op een zielige bagel met een verwaarloosbaar slaatje, dat had veel beter gekund. Niet dat de meisjes van slechte wil waren of zo. Ze deden echt wel hun best. Ik denk gewoon dat ze onvoldoende opleiding hadden gekregen en aan hun lot werden overgelaten door een ongeïnteresseerde eigenaar.

En dan de “Riddermarkt met randanimatie” … Daar kunnen we ook heel kort over zijn. Dat stelde helemaal niets voor. Een paar kraampjes op de Markt, niet het vermelden waard, een troubadour, twee soldaten, een edelman en edelvrouw en een koppel dat er soms naast speelde op den Bruul.

Morgennamiddag trek ik terug naar Mechelen voor een teambuilding, hopelijk valt die beter mee. Dan gaan we Mechelen verkennen op een step.

Dat is trouwens het begin van de laatste week vóór we er even de blok op leggen om op vakantie te gaan. Het aftellen kan nu echt beginnen (al licht er voor ons beiden nog een stapel werk die weg moet).

Een impressie van de fietstocht: Knooppunten 44 – 12 – 43 – 91 – 56 – 55 – 51 – 52 – 94 – 97 – 57 – 64 – 46 (vertrek aan het Kasteel van Zellaer)

Verlengd weekend

Alweer een verlengd weekend achter de rug en alweer was het vrij goed gevuld.

De wandeling die in afgelopen vrijdag in Gestel had gepland met moeder viel bijna letterlijk in het water. Toen we van het pittoreske dorpsplein van Gestel naar de Nete wilden stappen versperden plassen en modder ons de weg. Op mijn eentje had ik er misschien nog wel doorgesparteld maar iemand van bijna 90 doe je dat niet aan.

Vrijdagavond gingen Conny en ik, voor de voorlaatste keer dit seizoen naar CC De Zwanenberg in Heist op den Berg. Daar waren te gast bij Arnout van den Bossche die ons ruim anderhalf uur op zijn typische wijze slimmer heeft gemaakt met betrekking tot coaches. Toch straf hoe een man een hele zaal weet te boeien met een eenvoudige flipchart.

Zaterdag was het dan weer tijd voor een dagje tuinonderhoud. Ik schat dat we nog zo’n 32 zaterdagen werk hebben en dat we dan eindelijk kunnen beginnen aan een nieuw jaar.

Gisteren was er wel tijd voor ontspanning. Eerst met een bezoekje aan Leuven voor een 3x3x3 wandeling van Lots of Leuven. Zij organiseren elke 3de zaterdag van de maand om 3 u in de namiddag een wandeling van 3 kwartier omtrent een bepaald stuk van Leuven. Gisteren was dat de Bondgenotenlaan, vroeger gekend als de Stoosestroot. Heel leuk, heel onderhoudend en heel zeker voor herhaling vatbaar.

’s Avonds zijn we dan nog even naar Mechelen gereden. Ik was op zoek naar een locatie om iets te eten voor tijdens de teambuilding van mijn nieuw team en de Sava, een tapasbar op de markt zou volgens Conny heel geschikt zijn. Ik heb echter weinig tot geen ervaring met tapas dus zijn we dat eens gaan proberen. Ik ga het zeker voorstellen als optie.

Ook vandaag was er tijd voor ontspanning. De fietsen gingen op de fietsendrager om een kleine 20km van Peulis te gaan fietsen, meer bepaald naar Rumst. We hebben een Lannoo/knooppunter-gist “Fietsen langs het water” en nummer 04 uit dat boek stuurt je op verkenning door de Rupelregio.

De Rupel is een unieke rivier. Ze heeft geen bron maar ontstaat door de samenvloeiing van Nete en Dijle in Rumst. Nauwelijks 12 kilometer verder mondt ze uit in de Schelde. Je fietst dan ook bijna de volledige lengte van de Rupel.

Je passeert Terhagen, Boom, Hellegat en Niel om dan via de Schelde Hemiksem te bereiken. Onderweg zie je uiteraard veel water maar ook de teloorgegane industrie van onder andere Noevere.

In Hemiksem verlaat je het water om via Aartselaar, Boom en Reet terug naar Rumst te fietsen. Op dat deel passeer je ook Kasteel Cleydael.

Verkenning van de Rupelregio uit het Knooppunterboek “Fietsen langs het water in Vlaanderen” van uitgeverij Lannoo (of volg de knooppunten 50-26-28-29-34-30-70-32-17-18-25-24-23-22-50)

De foto’s

Verlengd Weekend

Het is weer voorbij gevlogen, dat verlengde weekend. Extra verlengd in mijn geval want afgelopen woensdag een extra snipperdagje genomen om met moeder naar Scherpenheuvel en naar het Arboretum van Wespelaar te gaan.

Dat arboretum is enkel open op woensdag en zondag dus zo vaak hebben we de kans niet om daar eens naartoe te rijden. Het was zeker de moeite waard maar het was ook vermoeiend. Een deel van het park is behoorlijk zompig en dus heel lastig om te stappen.

Donderdag waren Conny en ik, volgens jaarlijkse traditie, klaar voor de wandel- en fietsdag van KWB Peulis. Groot was onze verbazing toen we voor een gesloten  deur stonden. Blijken die toch wel de dag te hebben verplaatst naar de zondag na Hemelvaart zeker in plaats van Hemelvaartdag zelf. 

We zijn dan maar naar Gestel gefietst om in de Klappeistaak lekker te gaan eten 😉. Een kleine 50km op de teller.

Vrijdag zijn we dan naar Vorselaar gereden om een vervroegde moederdag te vieren. De “echte” is wel pas op 15 augustus maar af en toen ben ik ook commercieel. Lekker gaan eten in De Comme in Oostmalle en mooi gewandeld in Vorselaar.

Zaterdag was het dan tijd om nog eens in de tuin te werken. Dat was ook hoog nodig.

Om het weekend af te sluiten zijn we vandaag terug naar de Parochiezaal van Peulis te fietsen. Deze keer waren we niet alleen. Het was aangenaam fietsen maar er stond toch meer wind dan verwacht. Ok deze keer was de tocht goed voor 50 km. 

Arboretum Wespelaar

Fietsen naar Gestel (knooppunten 1 – 37 36 – 35 – 49 – 72 – 72 – 28 – 16 – 32 – 52 – 18 – 17 – 2 – 26 – 1)

Fietsen KWB Peulis

Haacht

Vroeger zeiden ze bij ons in de Kempen wel eens dat Jezus “ne socialist” was want op 1 mei was het altijd goed weer en met Pasen dikwijls rotslecht.

Gisteren hadden ze in ieder geval gelijk. Het was zalig weer om de fietsen. Deze keer hadden we de fietsen even op de fietsendrager gezet om dan een tiental kilometer verder, in Haacht, te vertrekken voor een tochtje van zo’n 40 km.

Die 10 kilometer maakt wel veel verschil. Je zit immers direct in een andere omgeving. Bovendien kan je in Haacht de auto achterlaten op Parking De Lombaarden waar er altijd wel een plaatsje is.

We vertrokken richting Wespelaar om dan via Buken en Winksele naar Herent te fietsen waar het tijd was voor een koffiepauze.

Via het Kanaal Leuven-Dijle, waar de die mooie toren van Remy passeerden bereikten we Wijgmaal. Daar was het tijd om onze “bokes” op te eten.

Door het Wijgmaalbroek ging het naar Rotselaar en Wakkerzeel. Van daar was het dan niet ver meer naar Haacht.

De fietstocht afsluiten met een kopje koffie bleek niet zo eenvoudig. Het was er ook markt en alle terrasjes zaten afgeladen vol. Dan maar koffie uit een bekertje op een bankje. Maar het was wel heel lekkere koffie.

1 mei was trouwens ook een (laatste?) wisselpunt in mijn carrière. Bijna 20 jaar geleden maakte ik, na 20 jaar dossierbeheer te hebben gedaan, de overstap Process & Change Management Life, zeg maar de brug tussen IT en Afdeling Beheer. Met nog een paar jaar te gaan vond ik dat ik beter tot mijn recht zou komen bij Beheer en heb ik terug de overstap gemaakt. De cirkel is rond.

Toch wel een beetje een raar gevoel. Enerzijds voelt het aan als thuiskomen, anderzijds laat ik een mooie thuis achter.

In de praktijk verandert er niet veel. Ik ben gewoon van de warme kant van het verdiep verhuisd naar de koelere kant van het verdiep.

De fietstocht : knooppunten 83 – 29 – 27 – 28 – 97 – 87 – 88 – 95 – 38 – 93 – 31 – 35 – 30 – 72 – 26 – 99 – 23 – 83. Parking de Lombaarden ligt tussen knooppunt 83 en 29, vlakbij de route.

Enkele foto’s:

Lierse Vlaaikes

Na zaterdag van alweer hard werken in de tuin (weer een veldslag tegen het onkruid gewonnen maar het einde van de oorlog is nog niet in zicht 😉) haalden we vandaag de fietsen van stal voor wat ontspanning.

Ik had gezien dat er op de Grote Markt van Lier een Rommel- en Brocantemarkt werd georganiseerd. Bovendien was er vandaag ook de viering van het Lierse Vlaaike.

Het Liers vlaaike is een klein kruidig gebakje op basis van kandijsiroop en vier kruiden dat volgens een specifiek (geheim) recept gebakken wordt. In 1999 werd in de stad Lier de “Orde van het Liers vlaaike” opgericht, met als doelstelling het bewaren en bewaken van de kwaliteit van het Liers vlaaike, welke tevens het recept ervan bewaart. Op 25 januari 2007 werd het Liers vlaaike door het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing officieel erkend als Vlaams streekproduct. Op 9 december 2013 kreeg het Liers vlaaike van de Europese Commissie de status van beschermde geografische aanduiding.

En het is om de verjaardag van die Europese erkenning te vieren dat vandaag de Peter en Meter van het Vlaaike werden gehuldigd. De burgemeester werd Peter en Britt Fierens werd, als kleindochter van oud-bakker én voorzitter van de orde, meter van het Vlaaike. Er werden gratis Vlaaikes uitgedeeld.  Ik heb niet duren zeggen dat ik dat absoluut niet lust (maar ik heb er wel vriendelijk voor bedankt).

Toen we onze koffie aan ’t drinken waren op de Grote Markt werden we ook nog verblijdt op een doedelzakconcertje. 

Nog een kleine wandeling om op het Zimmerplein onze fiets te gaan halen en we konden vertrekken. Nog even spanning toen we daar zagen hoe de politie een vrij beschonken man in boeien wist te slagen. 

De fietstocht ging langs de Nete naar Berlaar en vandaar verder naar Putte en Peulis.

Een heel geslaagde dag dus zeker omdat ik op de Rommelmarkt zelf voor een prikje een paar Sjors & Sjimmie boeken heb kunnen kopen.

De fietstocht:

De foto’s

Wind, omleidingen en wind

Het eerste “echte” lenteweekend en wat hebben wij op de eerste dag daarvan gedaan? Gewerkt. Hard gewerkt zelfs. Het terras was immers toe aan een grondige poetsbeurt na een lange donkere en natte winter.

Maar vandaag is er niet gewerkt. ’t Is te zeggen, niet in de tuin noch in of rond het huis. Op de fiets daarentegen wel. Werken om vooruit te geraken. Want er stond wind, bijwijlen zelfs heel veel wind.

Ik had een knooppuntentochtje uitgestippeld naar Provinciaal Domein De Averegten in Hallaar : 1 – 37 – 36 – 35 – 39 – 39 – 17 – 18 – 52 – 38 – 29 – 93 – 77 – 78 – 79 – 92 – 19 – 2 – 2 – 26 – 1 (46 km).

Het eerste stuk richting de Averegten was rustig fietsen. De weg mocht hier en daar wat beter zijn maar verder aangenaam fietsen. We kwamen onderweg wel twee omleidingen tegen, de eerste (tussen KP 17 en KP 52) heel duidelijk aangegeven met omleidingsbordjes. De tweede omleiding was niet aangegeven maar was ook maar een paar honderd meter omrijden.

In de Averegten was het behoorlijk druk, zeker aan Het Boshuis waar een een drankpauze namen. Ons geduld werd daar wel op de proef gesteld (en de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik op dat gebied niet van de sterktste ben). Op één of andere manier slaagde de garçon erin om ons compleet te negeren. Andere tafels werden wel geholpen maar wij dus niet. Gelukkig was het niet echt persoonlijk want achter ons zaten nog twee mensen hopeloos te wachten om hun bestelling door te geven. We hebben uiteindelijk maar via de QR-code besteld en 5 minuten later stond ons drinken op tafel.

De terugweg was minder rustig. Het was sowieso drukker maar er was ook veel wind, heel veel wind. En dan lag “den Berg” van Heist en Beerzelberg nog op de route.

Afin, we waren content toen we na 46 km terug op ons proper terras konden gaan zitten.

De fietstocht:

En een paar foto’s:

De Jutse Plassen

Na een zaterdag werken in de tuin was er op zondag tijd voor wat ontspanning (al is werken in de tuin op zich ook wel een vorm van ontspanning).

We namen de fiets om van Peulis naar de Jutse Plassen te fietsen.

De Jutse Plassen zijn een kunstmatig aangelegd waterbekken en retentiegebied in de Lierse deelgemeente Koningshooikt, via watergangen en sluizen aangesloten op de nabijgelegen Itterbeek. Het gebied is gelegen op de grens met de gemeente Putte, en beschermt de omliggende gemeenten tegen wateroverlast bij overvloedige regen.

Het is een provinciaal overstromingsgebied van ruim 11 hectare 30 are (113.000 m2) groot, dat 100.000 kubieke meter water kan opvangen. Het bestaat uit twee grote plassen en enkele kleinere amfibiepoelen. Ook een bos van 2,7 hectare behoort tot het overstromingsgebied. Dit loopt enkel uitzonderlijk onder water. Het gebied is afgezoomd met aarden dijkjes, en een wandelpad van 1,6 km. Het pad, met enkele rustbanken, is toegankelijk vanuit de Putsesteenweg, en sluit aan bij een ruimer netwerk van wandelpaden in de streek. In opdracht van het Regionaal Landschap Rivierenland werd op 17 juni 2023 een vogelkijkhut opengesteld.

De naam “Jutse Plassen” is afgeleid van “Jut”, een verkorte vorm van “Koningsjut”, de volkse benaming van Koningshooikt.