Back to business

Het was vanmorgen best moeilijk … vroeg opstaan om te gaan werken.

Inderdaad … werken want de vakantie zit er nu echt wel op.

Hoe hebben we de laatste drie dagen nog doorgebracht?

Wel, vrijdag zijn naar Antwerpen getrokken. Ik had net vóór de vakantie een pakje aangekregen van Stripwinkel Beo. Dat was heel vriendelijk van hen maar ik had niets besteld. Het ging uiteraard om een vergissing en ik had dan ook onmiddellijk laten weten dat ik het pakje wel zou terugbrengen wanneer het paste. Vrijdag leek wel geschikt. Het was toch niet echt weer om te gaan fietsen.

Aangezien we toch in Antwerpen waren hebben we gezellig door de oude stad gekuierd  en zijn we ook naar het Plantin en Moretusmuseum geweest. Een aanrader voor wie er nog niet is geweest. Later meer daarover.

Verder is het altijd prettig om door Antwerpen te lopen, zeker in de minder drukke buurten. Ik ben ook grote fan van de Mariabeelden waarvan er zo’n 160 te vinden zijn in de stad. ’s Middags hebben we gegeten bij de Bomma aan de Willem Ogierplaats (recht tegenover het Steen). Daar kan je lekker ouderwetse kost eten voor een schappelijke prijs. En er hangen trouwens honderden bomma’s aan de muur, allez, ’t is te zeggen, hun foto’s hè, niet lijfelijk. .

Zaterdag was het tijd om wat te gaan shoppen in Mechelen en ook gisteren zijn we nog naar Mechelen geweest om eens, met de fiets, door de Tangent te fietsen.

Er staat nog veel op de planning en het zal nog enkele jaren duren eer de werken afgerond zijn maar maar wat ze tot nu toe al gemaakt hebben is best indrukwekkend.

En ondertussen heb ik dus mijn eerste werkdag al achter de rug. Al bij al is die goed meegevallen.

Fietsen en tuinieren

Het lijkt alsof we gisteren pas zijn teruggekomen van onze midweek op de Veluwe maar neen hoor … de vakantie nadert stilaan al zijn einde ☹.

Vorige zaterdag zo goed als niks gedaan. Met 35°C was het ook geen weer om iets te doen. Zondag dan naar Domein Puyenbroeck in Wachtebeke waar neef Rudy een familiefeestje had georganiseerd voor de “neven en nichten”. Altijd prettig al ben ik eerlijk gezegd niet zo’n fan van zulke dingen.

Maandag was het snoeidag … de klimophaag had een snoeibeurt nodig en daar ben je wel een hele dag zoet mee. Dinsdag dan naar Heist op de Berg om het hoorapparaat binnen te doen voor een onderhoud. Daar hebben we dan een mooie fietstocht aan vast geknoopt via Hulshout en Beerzel zodat we op een kleine 60km uitkwamen.

Woensdag is er weer in de tuin gewerkt. Helaas is de overwinning op het onkruid nog niet in zicht maar we geven ons nog niet gewonnen 😉.

En vandaag vertrokken wel al vroeg richting Mechelen waar bij Beans aan de IJzerleen gingen ontbijten. Dan terug naar de Nekker waar mijn knooppuntentocht van zo’n 40 km begon. Via Muizen en Planckendael ging het naar Hofstade waar we langs het meer reden.

Via Weerde en het Kasteel van Rubens bereikten we Zemst waar in Café Belvedère een frisse cola dronken. Via Boortmeerbeek, Hever en Rijmenam kwamen we aan in Bonheiden waar we een bijzonder smakelijk broodje aten bij Croissy Van Bellinghen.

Thuisgekomen stonden er toch weer ruim 50km op te teller.

Een beetje in mineur

Gisteren werden de voor de vierde en laatste keer verwend door Bas en Valerie. Hotel Vierhouten is een “huiskamerhotel”.

Wat houdt dat in? ’s Morgens kan je in alle rust genieten van een ontbijtbuffet tussen 8u30 en 10u en ’s avonds wordt iedereen om 18u aan tafel verwacht voor een “verrassingsdriegangenmenu”. Iedereen krijgt dus hetzelfde voorgerecht, hetzelfde hoofdgerecht en hetzelfde nagerecht op hetzelfde uur.

Je weet nooit op voorhand wat je gaat krijgen maar het is nu de derde keer dat we er verblijven en we zijn nog nooit teleurgesteld. En er wordt wel rekening gehouden met persoonlijke wensen. Zo kreeg ik, als diabetespatiënt, altijd een aangepast dessert of kreeg Conny nooit rozijnen of pinda’s op haar bord. Met allergieën of dieetvoorschriften wordt dus zeker rekening gehouden.

Wil je ’s avonds nog iets drinken in de bar? Geen probleem, je bedient jezelf en je schrijft op welke drankjes je tijdens het verblijf hebt genomen. Gewoon een kwestie van vertrouwen.

Kortom, een ideale plaats om de Veluwe te verkennen.

Vandaag zouden we, op weg naar huis nog een tussenstop maken om nog een toertje te fietsen maar het is toch snel 220 km autorijden en met de voorspelde warmte van vandaag leek het ons beter om recht naar huis te rijden.

Dat ging goed tot we in de buurt van St. Job in ’t Goor kwamen waar er op de signalisatieborden verscheen dat er tot aan Antwerpen Noord ruim een uur mocht worden bijgeteld. Eén uur dus.

Dan maar de afrit genomen en via een alternatieve route, met tussenstop bij de Trappisten in Westmalle om iets te eten, naar huis gereden.

Omstreeks 14u30, zo’n 5 uur na ons vertrek, kwamen we daar aan.

Korte maar zeer goede vakantie gehad en terugkeren naar Vierhouten doen we zeker. Wanneer weten we nog niet maar dat we het gaan doen, dat staat vast.

Hotel Vierhouten bij Bas en Valerie (www.hotelvierhouten.nl)

Paleis Het Loo

Wat gaat de tijd toch snel tijdens vakanties. Onze derde en laatste volledige dag in de Veluwe ☹.

Vandaag besloten we naar Apeldoorn te fietsen en Paleis Het Loo te bezoeken. Sinds kort is dat weer open voor bezoekers. Sinds 2018 waren immers enkel de tuinen te bezichtigen maar nu kan ook het paleis zelf weer worden bezocht.

Stadhouder Willem III, achterkleinzoon van Willem van Oranje, kocht in 1684 het middeleeuwse kasteel Het Oude Loo aan, om ernaast een nieuw jachtverblijf op te trekken. Het terrein leent zich bijzonder goed voor een tuinaanleg met waterwerken, vanwege de natuurlijke wateraanvoer vanuit de heuvels. De stadsmeestertimmerman van Leiden, Jacobus Roman (1640-1716), die in 1689 hofarchitect zou worden, ontwierp een vierkant hoofdgebouw (corps de logis) in classicistische stijl, met aan weerszijden ervan zijvleugels. Hoofdgebouw en vleugels waren met elkaar verbonden via halfronde colonnades. Het interieurontwerp is goeddeels van Daniël Marot.

Nadat stadhouder Willem III koning van Engeland was geworden, liet hij het paleis van 1691 tot 1694 uitbreiden met vier paviljoens (een binnen- en een buitenpaviljoen aan weerszijden van het hoofdgebouw) die het hoofdgebouw met de zijvleugels verbonden. De colonnades werden verplaatst naar de nieuw aangelegde tuin. De paviljoens bevatten de koninklijke appartementen van stadhouder Willem III en Mary Stuart, evenals de eetzaal, paleiskapel en schilderijengalerij. Het interieur werd ontworpen door Daniël Marot. De plafondschilderingen zijn van de hand van Johannes Glauber en Gerard de Lairesse. Volgens Jan van Gool werkten Dirk Valkenburg en Dirk Dalens III rond 1700 aan de verfraaiing met vogel- of jachttaferelen.

Het paleis was de zomerresidentie van de Nederlandse stadhouders en koningen van 1686 tot 1975. Het werd voor het laatst bewoond door prinses Margriet en haar echtgenoot Pieter van Vollenhoven.

Van 1977 tot en met 1984 vond een ingrijpende restauratie plaats van het paleis en de tuinen. Het doel was om beide terug te brengen in de oorspronkelijke 17e-eeuwse staat. Daartoe werden enkele aanbouwen uit de 19e en 20e eeuw verwijderd, waaronder de grote eetzaal en de bad- en kleedkamers aan de tuinzijde van het hoofdgebouw. Verder werd het paleis ontdaan van de witte pleisterlaag, zodat de oorspronkelijke baksteen weer tevoorschijn kwam. Ook werd de in de 20e eeuw aangebrachte verdieping op het hoofdgebouw weggehaald. In het paleis werden plafond- en marmerschilderingen uit voorgaande perioden vrijgelegd en waar nodig geretoucheerd. Bij de inrichting werden de stadhouderlijke appartementen van Willem III en zijn echtgenote Mary II op hun oorspronkelijke plaats op de eerste verdieping teruggebracht.

Sinds 8 januari 2018 werd het paleis opnieuw gerenoveerd. Het betrof noodzakelijk onderhoud en uitbreiding van de bezoekersfaciliteiten. Hierbij is ervoor gekozen om waar dit maar mogelijk was alles in de originele staat terug te brengen, waaronder de vertrekken zoals die in gebruik waren door koningin Wilhelmina (het was haar woon- én werkpaleis) en door prins Bernhard, die ’s zomers, samen met zijn echtgenote, koningin Juliana, in Paleis het Loo verbleef. (Bron Wikipedia)

Ten opzichte van de afgelopen twee dagen was het parcours vandaag wel veel heuvelachtiger dan gisteren maar verder even mooi en afwisselend.

Hanzestad Harderwijk

Tweede volledige dag in de Veluwe.

Voor vandaag had ik een fietsknooppuntentocht uitgestippeld die ons via Nunspeet naar het Veluwemeer zou leiden en dat meer bleven we volgend tot in Harderwijk waar een korte stadswandeling maakten en waar we aan de oever van het meer onze lunch namen.

Harderwijk is meer dan het dolfinarium. Het is eeuwenoude Hanzestad die in 1231 als Herderwich al stadsrechten kreeg. Van 1648 tot 1811 was er een universiteit.

Er is ook een Belgische link. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden bij de stad zo’n 15.000 Belgen in een interneringskamp ondergebracht. Later werd op de Harderwijkse begraafplaats Oostergaarde het Belgisch Militair Ereveld 1914-1918 ingericht. Hier worden 349 Belgen herdacht. Veel van hen zijn overleden aan de Spaanse griep.

Tot de afsluiting van de Zuiderzee in 1932 speelde ook de visserij een belangrijke rol in de stad. Er werd gevist op onder andere haring, ansjovis, paling en garnalen. Gemiddeld 10 tot 15 procent van de beroepsbevolking werkte in deze sector. In de hoogtijdagen telde de vissersvloot zo’n 130 tot 160 geregistreerde vissersschepen. In 1913 kwam er een visafslag aan de haven, die in functie bleef tot 1967. Na de afsluiting van de Zuiderzee nam de visserij als bron van bestaan sterk af, industrie en toerisme namen die plaats in.

Het was verder weer zalig fietsen. Of het nu door het bos is of door de velden of langs het water of door de heide … het maakt niet uit.

De fietspaden zijn meestal perfect, al zijn ze soms wel een beetje te smal. Zo hebben we vandaag moeten filerijden achter twee zwaarbeladen fietsers die het even moeilijk hadden met een klimmetje.

Ik post hier dan wel elke dag foto’s maar eigenlijk is dat maar een fractie van wat je ziet. Dat is onmogelijk om op foto te vatten. En dan mis je ook nog de geluiden. Door een bos fietsen en honderden vogels horen zingen … hoe zet je dat op foto?

Knooppunten : 16 – 15 – 12 – 13 – 40 – 83 – 82 – 81 – 80 – 18 – 43 – 10 – 11 – 82 – 09 – 07 – 32 – 33 – 91 – 92 – 93 – 77 – 85 – 84 – 24 – 73 – 88 – 89 – 21 – 04 – 78 – 40 – 14 – 15 – 16

Hanzestad Elburg

Voor onze eerste volledige dag in de Veluwe had ik een route naar Elburg uitgestippeld. Moeilijk is dan niet wanneer er een fietsknooppunt recht voor het hotel ligt.

Na een kleine twintig kilometer die vooral door bossen ging bereikten we Elburg

Ooit was Elburg een vissers- en handelsplaatsje dat rechtstreeks op de Zuiderzee uitkeek en bestond uit een lintbebouwing rondom de huidige Ellestraat en het verlengde daarvan. Elburg en haar vrijheid waren onderdeel van het oude Doornspijk. Een charter van graaf Floris V van Holland van 27 maart 1291 is de oudst bekende schriftelijke bron waarin voor het eerst over Elburg als stad wordt gesproken.

Aangenomen wordt dat Elburg tussen 1220 en 1271 stadsrecht kreeg, vermoedelijk van graaf Otto II van Gelre en mogelijk in 1233. Op 5 september 1310 werden deze stadsrechten op de landdag van Speyer vervallen verklaard omdat Otto niet bevoegd was om stadsrechten te verlenen en geen koninklijke toestemming had gevraagd. Op 4 december 1312 werden de oude stadsrechten door Reinald I met bewilliging herbevestigd en uitgebreid.

Op 2 oktober 1392 gaf Willem van Gulik, de toenmalige hertog van Gelre, het bevel om de stad Elburg te verplaatsen en haar vrijheid uit te breiden. Hij gaf hiertoe zijn rentmeester Arent thoe Boecop de volgende opdracht: “Wij willen dat sy onze stat versetten sullen op een andere stede”.

Elburg werd eind 14e eeuw niet alleen verplaatst, maar ook maakte men er een vesting van met grachten, muren en een aantal verdedigingstorens. Het stratenpatroon van Elburg dateert grotendeels uit de 14e eeuw. Vanwege de ontwikkelingen in de oorlogsvoering werd aan het eind van de 16e eeuw buiten de toenmalige gracht een tweede verdedigingswal en gracht gegraven. De Vischpoort nabij de haven was onder de naam Visscherstoren oorspronkelijk als gesloten verdedigingswerk gebouwd, maar werd in 1592 omgebouwd tot een open poorttoren. In 1992 werden er opnieuw poortdeuren in aangebracht.

In de 18e eeuw zakte de visserij in Elburg flink in. In 1749 waren van de oorspronkelijke vloot nog drie vissers over. In 1785 werden de patriottische steden Elburg en Hattem door de Oranjegezinde legers bezet. Rond 1798 is er sprake van 21 vissers, waarmee de belangrijkheid van de vissers was toegenomen In dat jaar werd het vissersgilde opgeheven. Er waren toen 10 binnenschepen voor visserij en 8 zeeschepen.

Het is vooral de Noordzeevisserij die het zwaar heeft door de voortdurende oorlog met Engeland. Omstreeks 1840 zijn er geen Noordzeevissers meer in Elburg. Maar Elburg ziet daarna wel een groei in de Zuiderzeevisserij, van 19 vaartuigen in 1858 naar 51 in 1895.

In de stad waren drie bokking- en palingrokerijen. In een rapport uit 1889 werd gemeld dat visserij een belangrijk werkgelegenheid is voor de bewoners van de stad. Het aantal vissers dat er echt voldoende van kan leven is volgens datzelfde rapport echter laag.

Door de afsluiting van de Zuiderzee en de inpoldering verdween in de tweede helft van de 20ste eeuw de visserij helemaal uit Elburg. (Bron : Wikipedia)

Nu is Elburg vooral gezellig vestingstadje om rond te kuieren, met leuke winkeltjes en tal van plaatsjes waar je smakelijk kunt eten.

Na ons bezoekje aan Elburg fietsten we verder door de prachtige Veluwe. Het is hier toch ongelooflijk mooi fietsen. Waar kan je anders kilometers dwars door bos en velden fietsen op fietspaden die er zo goed bijliggen ? Nergens een auto te bespeuren. Zalig is dat.

Een zalige fietsdag werd zonet afgesloten met een barbecue. Nooit eerder meegemaakt, een barbecue op hotel maar in een huiskamerhotel kan dat dus zonder problemen. En het was superlekker.

Knooppunten 16 – 15 – 12 – 13 – 40 – 31 – 61 – 34 – 25 – 25 – 01 – 02 – 30 – 03 – 81 – 79 – 04 – 22 – 05 – 06 – 28 – 27 – 98 – 29 – 18 – 16

De Piramide van Austerlitz

Tenslotte lag het voor me, het vergezicht. Een veelbelovend niets waarin alles kon gebeuren. En inderdaad, er was al iets. Waar ben ik? vroeg ik aan de mensen eromheen. Men zei in koor: de Pyramide van Austerlitz. Ik voelde me ver van huis bij het horen van die woorden.Maar de mensen zeiden: tien kilometer van hier ligt het Venetië van het noorden.

In 1975 schreef Boudewijn De Groot deze tekst samen met oud-klasgenoot René Daalder deze woorden in het nummer Waar ik woon. En sinds ik Boudewijn de Groot ken is het één van mijn favoriete nummers. Al die jaren vraag ik me al af hoe die piramide van Austerlitz er dan wel moet uitzien en sinds vandaag weet ik dat omdat ik ze vandaag voor de eerste keer “in het echt” heb gezien. .Ze lag op de route van de eerste fietstocht die we tijdens deze fietsvijfdaagse gaan doen. Onderweg naar Vierhouten en de Veluwe hebben we een tussenstop gemaakt in Soesterberg.

Daar moeten we zeker nog eens naar toe wanneer we meer tijd hebben want Soesterberg was de bakermat van de militaire luchtvaart in Nederland. In 1913 maakte de Luchtvaartafdeeling (LVA) van het leger hier haar eerste vluchten. Vanwege bezuinigingen op defensie is de basis in november 2008 gesloten en opgeheven. Het grootste deel ervan wordt sindsdien beheerd als natuurgebied: het Park Vliegbasis Soesterberg.

We volgden knooppunten en ik was er van overtuigd dat de Piramide op onze route zou liggen. We zagen het ook vaak staan op de ANWB-paddestoelen maar plots stond daar piramide 2,4 km in de richting vanwaar we kwamen. Effe op het interweb en ja hoor, we waren te ver.

Op onze bandensporen teruggekeerd en aan de piramide (die vandaag niet open was) onze boterhammetjes opgegeten.

Op deze centrale plek in Nederland had de Franse generaal Auguste de Marmont in 1804 een legerkamp opgericht (Camp d’Utrecht) waar hij in een paar maanden tijd verschillende bataljons wist samen te smeden tot een groot, goed getraind leger, dat de Britse vijand zou kunnen verslaan bij een eventuele herhaling van de inval van 1799. Tevreden over de militaire kracht van het nieuwe leger, en tegen verveling bij zijn soldaten, liet De Marmont hen in de herfst van 1804 dit monument bouwen, geïnspireerd op de piramide van Gizeh die De Marmont in 1798 zelf had gezien tijdens de Egyptische veldtocht van Napoleon. Zelfs het door erosie blootgelegde trapvormige oppervlak van de Egyptische piramides liet hij imiteren. Het monument bestond uit een zandheuvel, aan de buitenkant bekleed met plaggen, als bescherming tegen winderosie. De bouw duurde 27 dagen. De totale hoogte was 36 meter, inclusief de 13 meter hoge houten obelisk. Het geheel kreeg de naam Mont Marmont ofwel Marmontberg. De Marmont had het plan om de Pyramide nog te verbeteren door de trappen van plaggen te vervangen door trappen van baksteen, en door bovenop een groot beeld van Napoleon neer te zetten in plaats van de obelisk, maar zover is het niet gekomen.

In de zomer van 1805 vertrok De Marmont met zijn leger naar Zuid-Duitsland en streed mee in de Coalitieoorlog die uitmondde in de Slag bij Austerlitz, de slag waarin Napoleon de Russen en Oostenrijkers vernietigend versloeg.

De naam Marmontberg werd in 1806, ondanks protesten van De Marmont, door Lodewijk Napoleon, de nieuwe koning van Holland, veranderd in Pyramide van Austerlitz. Tegelijkertijd hernoemde Lodewijk de handelsnederzetting bij het nabijgelegen legerkamp van Bois-en-Ville tot Austerlitz.

Na zijn vertrek uit Nederland in 1805 had De Marmont de bewaking van het monument en het vruchtgebruik van de nabijgelegen hofstede Henschoten in gebruik gegeven aan drie soldaten, Louis Faivre, Jean Baptiste La Rouche en Barend Philpsz, die tevens de piramide zouden moeten onderhouden. De houten obelisk begon spoedig scheef te zakken, en werd in 1808 afgebroken. In 1816 verkocht De Marmont de piramide met de bijbehorende grond aan de latere burgemeester van Utrecht, Hubert M.A.J. van Asch van Wijk.

In de 19e eeuw raakte de Pyramide in verval, en de zandheuvel werd vijf meter lager dan vroeger. In 1894 liet Johannes Bernardus de Beaufort, die zowel eigenaar was van het landgoed Henschoten, waarop de Pyramide zich bevond, als burgemeester van Woudenberg, de Pyramide gedeeltelijk herstellen, en hij voegde de huidige stenen obelisk toe. Ook deze obelisk ging enigszins scheef staan. De totale hoogte is sindsdien 33 meter, inclusief de 16 meter hoge obelisk. (Bron : Wikipedia)

Na ruim 35 km stonden we terug aan de wagen en konden we verder rijden naar Vierhouten waar we de komende dagen zullen worden vertroeteld door Bas en Valerie.

De route : fietsknooppunten 52 – 51 – 95 – 94 – 93 – 2 – 3 – 16 – 96 – 79 – 80 – 71 – 1 – 83 – 54 – 52 (vertrekken aan Apollo 234 – 3769 TJ Soesterberg

Generale Repetitie

Morgen is het eindelijk zover … onze fietsvakantie naar de Veluwe.

Het weer ziet er veelbelovend uit (al mag het voor mij gerust een paar graden frisser zijn) maar er wordt weinig regen verwacht dus dan klagen we niet.

Het hotel is ons in ieder geval niet onbekend. We verbleven al twee keer eerder in het familiehotel Vierhouten bij Bas en Valérie en we zijn er telkens supergoed ontvangen.

Vandaag hebben we nog eens gerepeteerd en zijn we naar het Zennegat gefietst.

Dat komt wel goed volgende week.

Plantentuin Meise

Het is hier even stil geweest maar als je niets te vertellen hebt dan zwijg je toch best of niet? Al moet ik toegeven dat ik in de beginperiode van deze blog eens twee A-viertjes heb volgeschreven om te vertellen dat ik niks te vertellen had.

Maar om jullie nu lastig te vallen met … “ik heb in de tuin gewerkt” of “ik heb in de tuin gewerkt” of “het is zo verschrikkelijk druk op ’t werk” .. dat ga ik niet doen.

Vandaag daarentegen zijn we nog eens echt op uitstap geweest.

Gisteren hebben we dat eigenlijk ook al gedaan, toen zijn we namelijk even naar de “Vogelemèt” in Antwerpen geweest. Nu ja, naar Stripwinkel Beo en dan kom je daar automatisch. Vroeger kwam ik geregeld in de winkel maar sinds Corona en de lockdown is dat iets minder. Dan gingen de bestellingen via Internet maar er waren nu enkele nieuwe strips uitgekomen die ik toch even wilde bekijken en voelen voor ik er geld aan gaf. Resultaat … vrij veel geld achtergelaten in de winkel maar wel mooie strips toegevoegd aan de collectie.

En vandaag dus op uitstap … naar Meise, naar de Plantentuin.

De plantentuin werd opgericht tijdens de Franse tijd. Hij was gegroeid uit de tuin van het voormalige Nassaupaleis, waar in 1797 de École centrale werd gevestigd. De eerste directeur sprak van Le Jardin Botanique de Bruxelles. In 1822 kwam de plantentuin onder het beheer van de Société de Flore, om in 1829 te verhuizen naar de Kruidtuin en vandaar in 1958 naar de huidige locatie.

Het domein, 92 hectare groot, bevat de landerijen van het kasteel van Meise en het kasteel van Bouchout, een vroegere burcht van het huis Arenberg. In de bibliotheek van de Plantentuin Meise is ook de bibliotheek van de Koninklijke Belgische Botanische Vereniging gevestigd. Door het domein stroomt de Amelvonnebeek.

De levende planten (18.000 soorten) zijn onder meer ondergebracht in het Plantenpaleis, een kassencomplex met dertien publiek toegankelijke broeikassen. De plantentuin is ook gespecialiseerd in het bewaren van zaden van wilde planten in een zaadbank. Dit gebeurt in diepvriezers die koelen tot -20 °C. De zadencollectie bevat onder andere 211 wilde boonsoorten. Dit is de grootste collectie ter wereld.  (Bron : Wikipedia)

Wij kozen vandaag voor de Lentewandeling maar je kan verschillende routes volgen. We moeten zeker nog een paar keren terug want hebben nog maar een fractie gezien. Als we teruggaan dan nemen we zeker onze eigen boterhammetjes mee. Vandaag hebben we 35 minuten wachten op twee eenvoudige, zij het smakelijke, croque monsieur. 35 minuten dus. De mensen die na ons zaten hadden hun eten een uur vroeger besteld en hadden nog helemaal niks gekregen. Wij waren dus nog bij de gelukkigen.

Maar ondanks die valse noot toch een heel fijne dag gehad in Meise.

KWB fietstocht Peulis

Hemelvaartsdag is in Peulis traditioneel de dag waarop de KWB hun wandel- en fietsdag organiseert.

De afgelopen jaren gingen we daar steevast een fikse wandeling maken maar aangezien we nu elektrisch fietsen kozen we vandaag voor onze tweewieler.

We zouden onderweg beslissen of we de 40km of de 60km zouden doen (de 30km viel sowieso uit de boot). De wind deed ons besluiten om toch maar voor de 40 km te kiezen. Elektrisch fietsen maakt het tegen de wind in rijden gemakkelijker maar niet prettiger (en er stond weer een fikse wind vandaag).

Terug in Peulis konden we dan nog genieten van de bloemetjes en de bijtjes, samen met Martha en Stella die vandaag hun eerste verjaardag mochten vieren.