Close encounters of the wanted/unwanted kind

Na onze wandeldag in Zoutleeuw van vrijdag was het gisteren de hoogste tijd om eens een dagje in de tuin te werken. De lente is in zicht en er moet nog een hoop gebeuren om de tuin klaar te krijgen. Grassen moeten worden gesnoeid. Onkruid moet worden uitgedaan. Daar zijn we nog wel enkele weekends zoet mee.

Het is misschien een karwei voor velen, voor Conny en mezelf is het pure ontspanning na een drukke werkweek. Oké, de volgende dag voel je altijd wel weer een paar spiertjes waarvan je niet wist dat je ze had maar het blijft ontspannend. Zelfs het wassen van de auto’s, waarmee we onze “klusjesdag” hebben afgesloten was ontspannend. Niet gewandeld maar ’s avonds hadden we toch onze 10.000 stappen gehaald.

Vandaag zijn we de dag begonnen met een ochtendwandeling. Het was er het weer voor. We zouden vertrekken door het Peulisbos maar als de helft van het wandelpad onder water staat dan zit er niets anders op dan op je stappen terugkeren en een alternatief zoeken. Gelukkig kan je in Peulis heel mooie wandelingen maken.

We waren trouwens in mooi gezelschap. Gedurende een deel van de wandeling zagen we een zestal buizerds (denk ik toch) boven ons cirkelen. Zelfs met de 500 mm telelens leken ze ver weg maar het heeft toch wel een paar mooie foto’s opgeleverd. Het is er aan te merken dat de lente in aantocht is. De vogeltjes waren heel actief. En je wordt om de oren geslagen met krokussen.

Ook tijdens de wandeling in Vorselaar die ik deze namiddag nog maakt met mijn moeder had ik een “close encounter” maar daar was ik net te laat met de camera. Anders had ik hier ook een mooie foto van een eekhoorntje kunnen tonen.

Mijn derde “close encounter” van de dag was er eentje van de minder aangename soort. Op weg van Peulis naar Vorselaar zag ik in Bouwel iets naast de auto in de wei lopen. Voor ik door had dat het om een jonge ree ging had dat dier al besloten om de straat over te steken. Hij maakte een enorme sprong maar helaas was die niet hoog genoeg om mijn auto te missen. Resultaat : één geschrokken chauffeur, één geschrokken ree en één afgebroken spiegel. Het dier had zijn weg al verdergezet vóór ik mijn aanrijdingsformulier uit het handschoenkastje had gehaald 😊.

Al bij al lijkt de schade nog mee te vallen. Maar het is in ieder geval weer een hoop last.

Zoutleeuw

Nadat we vanochtend mijne Focus hadden achtergelaten bij mijn nieuwe garage (Ford Feyaerts in Haacht) met de auto van Conny verder gereden naar Zoutleeuw.

We hadden nog eens zin (en behoefte) aan een langere wandeling en Zoutleeuw leek ons wel wat. We kozen dus voor Wandeling 37 uit Lannoo’s Groot Wandelboek van Vlaanderen.

Parkeren deden we aan het Provinciaal Domein Het Vinne. Het Vinne is ontstaan rond een 4 meter diepe turfkuil. In 1841 werd begonnen met het droogleggen van deze kuil.  In 1844 werd ongeveer 100 hectare vrijgemaakt voor landbouw.  De nv Union Allumetières uit Geraardsbergen beboste het gebied met Canadapopulieren voor luciferproductie. De winstmarges waren echter teleurstellend en in 1974 werden de gronden aangekocht door de provincie Brabant. In 2004-2005 werd het Vinne omgebouwd tot het grootste “natuurlijke” binnenmeer van Vlaanderen.

Wij gingen echter de andere kant uit, richting het centrum van Zoutleeuw. Zoutleeuw was tussen de 13e en de 16e eeuw één van de grote handelscentra van het hertogdom Brabant. De Gete verbond de haven van Zoutleeuw met de “rest van de wereld”. Zo’n 400 schepen legden in de 14e eeuw jaarlijks aan in Zoutleeuw. Vooral graan, steenkool en wijn werden verscheept. Haring en zout werden in grote hoeveelheden aangevoerd. Mogelijk stamt de naam Zout-leeuw af van die aanvoer.

Nu is Zoutleeuw een heel aangenaam en pittoresk stadje. Zo’n stadje dat je nog wel eens wil bezoeken in de zomer of zo.

Via de velden en boomgaarden en omringd door sneeuwklokjes, kuierden we rustig verder om zo’n drieënhalf uur later terug aan onze auto staan.

Moe maar tevreden konden we de terugweg naar Peulis aanvatten. Onderweg nog gestopt aan de garage om de Focus terug af te halen.

Sneeuw

Het is nu bijna een jaar dat ik, op 8 dagen na, thuis werk. En dat bevalt me dus prima maar afgelopen week beviel het me net dat beetje meer.

Ik zie graag sneeuw maar enkel en alleen wanneer die naast de baan valt. En dat doet die meestal niet. Maar als je dan niet naar Antwerpen moet dan maakt dat minder uit hè.

En ’s avonds kon een wandeling toch nog wel. Tenminste als je een route kiest over sneeuwvrij gemaakte fietspaden. Gelukkig zijn ze daar in Vorselaar, met een paar duizend leerlingen die elke dag naar school komen (tenminste als ze mogen omwille van Covid-19), vrij goed in.

Ook het afgelopen weekend was het in Peulis ondanks de gure wind toch wel genieten van de wandelingen door het sneeuwlandschap. Bijna even hard genieten als van het voederplankje bij Conny in de tuin. Daar kan ik ook uren naar kijken. Koolmeesjes, pimpelmezen, vinken, een roodborstje … het is er soms heel erg druk.

Toch zal ik, net als de kat, blij zijn wanneer de sneeuw terug weg is. Ik zal dan wel naar mijn fotootjes kijken.

Vier seizoenen

Is het jullie de laatste jaren ook opgevallen dat de seizoenen lijken te verschuiven? De afgelopen dagen leken de vier seizoenen elkaar dan weer snel op te volgen.

Vrijdagnamiddag leek het lente toen ik, na een zenuwslopend maar succesvol bezoek aan de autokeuring met het 12 jaar oude dieseltje van ons moeder, nog een wandeling van zo’n 5 km met haar deed door Vorselaar voor ik de verplaatsing maakte naar Peulis. Heel aangenaam wandelweer was dat.

Gisteren was het dan weer miezerig herfstweer toen Conny en ik vertrokken vanop de parking van Kloosterheide op de grens van Lier en Kessel. We wilden absoluut een moddervrije wandeling en dan is het jaagpad tussen Kessel en Berlaar perfect. Het weer was dat niet. Het eerste uur hadden we toch vrij veel regen en een gure wind erbij. Maar de overstroomde weilanden en de duizenden (?) vogels maakten veel goed. De terugweg via de Bartstraat was gelukkiger iets droger (en zonder gure wind).

En onze ochtendwandeling van 5 km die we vandaag in Peulis maakten was dan weer winters wit en koud. Hoogtepunt van deze wandeling was de winterooievaar die we onderweg hebben gezien. Hoewel het merendeel van de ooievaars jaarlijks de trek naar het zuiden maken zijn er altijd exemplaren die de tocht niet aanvatten en gewoon hier blijven. Waarom ze dat doen blijkt niet duidelijk te zijn.

De ooievaar die wij hadden moet wel goeie sokken hebben gehad want bij -2°C in een plas water gaan staan … daar begin ik niet aan 😉

Dus lente, herfst en winter op drie dagen. En die zomer?

Tja, dat ben ik zelf hè … altijd het zonnetje in huis (hihi).

Zonder modder

Na de modderige en bijna verzopen wandelingen van de afgelopen weken en na die miezerige dag van gisteren hadden we vandaag behoefte aan een wandeling waarbij onze wandelschoenen na aankomst nog even proper waren als bij vertrek.

We kozen vandaag voor Lier. Ik heb wel iets met Lier. Ik heb er 6 jaar school gelopen en op internaat gezeten. Ik ben er jaren wekelijks naartoe gereden om een paar kilometer te joggen met loopmaatje Sally.

Ik had een route uitgestippeld die ons via het jaagpad van de Nete naar Emblem zou brengen om dan via het jaagpad van het Netekanaal terug naar Lier te stappen. Samen goed voor een kleine 9 km. Het was bijwijlen heel koud in de wind en op sommige plaatsen was het vrij druk maar het was proper wandelen. Geen spatje modder gezien.

Water hebben we wel gezien, veel water. Overal waar we keken leek er water te zijn. Dat heeft dan weer als voordeel dat je al eens watervogels ziet. Als je daar dan een paar niet zo slechte foto’s van kunt nemen dan is dat best leuk.

Wat ik wel gemerkt heb is dat, wanneer je zo een jaartje niet meer op je oude joggingrondje bent geweest, er bijzonder veel kan veranderen. Daar is behoorlijk wat bijgebouwd.

We zijn in ieder geval klaar voor een nieuwe werkweek. 

Stiltewandeling in Galmaarden

Na een bijzondere drukke en lastige werkweek, zowel voor Conny als voor mezelf, hadden we behoefte aan een fikse wandeling.

We kozen weer voor Vlaams-Brabant. Niet alleen omdat we daar gewoon veel wandelboekjes van hebben, maar ook omdat het daar meestal heel rustig wandelen is.

Het mocht vandaag iets verder zijn en we kozen voor Galmaarden waar we de Stiltewandeling van ongeveer 10 km zouden doen (knooppunten 6-612-611-622-623-624-60-59-58-614-613-612-6). Volgens de beschrijving zouden alleen het ruisen van de wind, het zingen van de vogels en wat landbouwactiviteiten in de verte horen in dit stille, groene hoekje van het Pajottenland.

Net voor we toekwamen in Galmaarden kregen we nog een fikse bui over ons heen maar op het Marktplein in Galmaarden scheen de zon.

Na anderhalve kilometer zaten we echter al met een probleem. Het wandelpad was een rivier geworden. Een strook van zo’n 50 à 100 meter was volledig overstroomd. Nergens een droog plekje te vinden. We hebben nog even overwogen om het toch te wagen maar het gezond verstand heeft de bovenhand gehaald. Het risico op vallen was te groot. Als het dan 30°C is dan is dat anders maar bij 10°C moet je geen risico’s nemen.

Geen probleem, de Knooppunten-app erbij genomen en een alternatieve route uitgestippeld die voor een groot deel onze oorspronkelijke wandeling zou volgen.

Uiteindelijk stonden er toch 9,5 km op de teller toen we terug op het Marktplein waren. Al bij al toch een geslaagde wandeling.

Modder, modder, modder

Na de kilometers van vrijdag dacht ik eerst om het zaterdag rustig aan te doen maar dat is toch even anders uitgedraaid.

In de voormiddag nog even “snel” een wandelingetje met moeder gedaan van zo’n 5 km gedaan. Na de middag naar Peulis gereden en daar ook nog een wandelingetje van ongeveer evenveel kilometers gedaan.

Ik was tijdens die namiddagwandeling wel bijna slachtoffer van Wereldoorlog II. Ik wou nog eens snel binnenkijken in één van de vele bunkers die er in en rond Peulis staan maar had de hoogte van het deurgat wat verkeerd ingeschat. Gevolg : pijnlijke kennismaking met het beton en omdat ik me rechthield aan de struik die naast het deurgat stond ook nog een paar doornen in mijn hand. Gelukkig verder geen schade, alleen wat gekraakte trots 😉.

Van de sneeuw die over het land is getrokken hebben we weer weinig gemerkt want die was toen we deze middag naar Holsbeek vertrokken nagenoeg volledig verdwenen.

In Holsbeek zouden we de Dutselhoekwandeling doen, een knooppuntenwandeling.

Deze wandeling zou ons via trage paadjes naar het Dunbergbroek brengen om dan later via de berg van het Chartreuzebos terug naar het centrum van Holsbeek brengen.

Nu weten we dat iets met “broek” meestal een “vochtige” wandeling is. Dat is geen probleem wanneer je goed uitgerust bent en stevige, waterdichte, Meindl’s aan de voeten hebt. Maar wat we vandaag hebben meegemaakt dat hebben we nog niet vaak gezien. Modder, modder en nog eens modder. Tot aan de enkels of dieper. Dan moet je ook nog over omgevallen boomstammen klauteren, één keer zelfs tussen de boomstam door. Toen we het bos uitwaren en terug vaste grond onder de voeten hadden, hadden we het wel gehad. Dat Chartreuzebos is meer dan waarschijnlijk heel mooi maar we wilden niet het risico lopen om in die omstandigheden ook nog eens een berg te moeten beklimmen of afdalen. We gaan wel eens terug wanneer het een paar weken niet heeft geregend. Dat bos loopt niet weg.

Alhoewel … dat dachten we van het onlangs ontdekte Kelderbos in Rijmenam ook. Maar wat blijkt? Natuurpunt is deze week begonnen met het rooien van het volledige bos. Jawel … het volledige bos verdwijnt. Waarom? Omdat ze er de heide die er 40 jaar geleden bestond terug aan te planten. Echt waar hè, ik verzin dat niet. Ik heb veel respect voor mensen die zich inzetten voor het behoud van natuur maar een bos waar veel mensen wandelen en verkoeling zoeken in de zomer gaan kappen om heide aan te planten? Ik begrijp het echt niet. En wat met al die dieren die nu hun habitat kwijt zijn? De vogels, de eekhoorntjes, de bosdieren? Ik mag maar hopen dat ze weten wat ze doen. De buurtbewoners en de burgemeester zijn alvast laaiend.

Traditionele wandeling

Het is een jaarlijkse traditie : de onderhoudsbeurtwandeling.

Elk jaar in januari rij ik met de auto van mijn moeder naar de garage voor zijn jaarlijkse onderhoudsbeurt. Tot vorig jaar was dat garage GVK in Sint-Antonius-Zoersel maar aangezien zij ermee opgehouden zijn ben ik vandaag naar Garage Ben Vercammen geweest. Ben is een ex-werknemer van GVK die enkele personeelsleden heeft overgenomen net als een klantendatabase (waaronder wij dus).

Terwijl zij sleutelen aan de auto ga ik dan een wandeling doen. Het knooppuntennetwerk Kempense Hoven is daarbij een grote hulp.

Ik had een wandeling van zo’n 13 km uitgestippeld naar het Zoersels Bos en het Boshuisje, je weet wel, daar waar de Loteling zijn verhaal vertelde aan Hendrik Conscience (althans, zo gaat de legende).

Zo’n ochtendwandeling in de winter heeft wel iets. De zonsopgang was dit jaar minder spectaculair maar de kleuren zijn ’s ochtends precies toch anders.

Op weg naar Vorselaar nog wat boodschappen gedaan en eens die uitgepakt waren ben ik … nog een wandeling gaan doen met moeder. Ja ik weet … maar zot zijn doet gelukkig geen zeer.

Uiteindelijk heb ik dus 19 km gewandeld vandaag. Als ik er de “gewone” stappen nog bij tel dan zegt mijn Fitbit dat ik 24 km gestapt heb.

Er was echter ook minder leuk nieuws vandaag. Terwijl ik aan het wandelen was is Vlekje, één van de twee katten van Conny ingeslapen. Je zag de laatste weken wel dat ze last van de ouderdom begon te krijgen. Maar voor een beestje van 19 jaar is dat vrij normaal. Je kan dat tenslotte vergelijken met een mens van ruim 90 jaar. De laatste dagen werd het echter elke dag erger. Het meisje zag enorm af, dat was duidelijk.

En ook al kende ik ze niet zo lang en heeft het een poosje geduurd eer ze me vertrouwde, ik zal ze toch ook enorm missen.

Sneeuw?

Gisteren waren we net op tijd binnen vóór de sneeuw. Toen het sneeuwtapijt er dan lag was het te donker om van te genieten en toen we vanochtend opstonden was het tapijt volledig verdwenen.

Vind ik dat erg? Niet echt. Sneeuw is mooi zolang hij naast de wegen valt en dat doet hij meestal niet.

We hebben vanochtend dan maar een sneeuwloze wandeling gemaakt. Geen sneeuw maar best wel een mooie wandeling met een klein maar mooi stukje doorheen een bos dat Conny onlangs tijdens een coronawandeling met een vriendin had ontdekt.

Verder was het zalig wandelweer in een lekker zonnetje. Goed voor 7 km.

Na de middag mijn tweede verblijf in Peulis dan verlaten om terug richting Vorselaar te rijden. Het weer was niet zo mooi meer maar toch nog met moeder naar de mooiste waterburcht van het land gewandeld … uiteraard is dat Kasteel De Borrekens met zijn prachtige dreven. Weer 4,5 km bij op de teller.

En zo eindig ik de dag met ruim 23.000 stappen op mijn Fitbit. Klaar voor een nieuwe werkweek.

Wijngaardberg Wezemaal

Met de voorspelde sneeuw in het achterhoofd kozen we vandaag voor een niet zo verre bestemming om te gaan wandelen.

De Wijngaardberg in Wezemaal leek ons perfect.

De Wijngaardberg is een van de laatste onaangetaste getuigenheuvels van het Hageland.

De heuvel is 72 m hoog en werd tijdens het Tertiair gevormd door de Diestiaanzee. Het ijzerzandsteen dat in de berg wordt aangetroffen vindt men terug in het onderste deel van de toren en de zijbeuken van de Sint-Martinuskerk in Wezemaal.

Tijdens de eerste helft van de 19e eeuw werd op de zuidelijke flank van de berg aan wijnbouw gedaan. De in 1995 geklasseerde wijngaardmuur moest de wijnranken beschermen tegen de noordenwind. Regen heeft gezorgd voor de vorming van holle wegen in de heuvelflanken.

In 1997 werd de vzw Steenen Muur gesticht als resultaat van een project waarbij de gemeente onder meer de wijnbouw op de berg nieuw leven wilde inblazen. Momenteel (2006) zijn er vijf soorten druiven aangeplant: Chardonnay, Bacchus, Sirius, Pinot gris en Pinot noir. Er is één wijngaard waar de druiven nog worden geteeld zoals tijdens de middeleeuwen. (Bron : Wikipedia)

Het was bijwijlen bitterkoud wegens de gure wind en het was vaak behoorlijk steil omhoog of steil omlaag op een glibberige ondergrond maar we hebben het al wel lastiger gehad.

Het was vooral een mooie en rustige wandeling. Zo eentje die je eigenlijk in elk seizoen eens zou moeten doen.

De wandelknooppunten: 6 – 604 – 62 – 63 – 65 – 74 – 64 – 61 – 605 – 6