Langs het water

Na de fietstocht door het water van gisteren kozen we ook vandaag weer voor de fiets. Even gezocht op Google en al snel had ik een fietstochtje van een dikke 40 km gevonden met vertrek in As. Dat is maar 13 km of zo van Zutendaal maar we besloten toch maar om de fietsen op de fietsdrager te zetten en met de auto naar ginder te rijden. Het moet tenslotte plezant blijven.

We waren duidelijk niet de enigen die knooppunt 41 hadden uitgekozen om te vertrekken. De parking stond vol met auto’s met fietsendragers. Het vlakbij gelegen Brasserie ‘t Stasjon (het oude station van As) zal er ook wel iets mee te maken hebben gehad 😉.

Via de oude spoorlijn was het bijna 10 km fietsen naar Dilsen-Stokkem. 10 km die precies altijd bergaf gingen. Heel lekker fietsen was dat.

Via Dilsen bereikten we dan de oude Maas en het Natuurgebied Negenoord-Kerkeweerd. Heel mooi om door te fietsen<.

Dan ging het via de Maas naar Meeswijk en Leut waar we even pauzeerden om te genieten vn een koffie met een lekker stuk Limburgse Vlaai.

Via Vucht bereikten we dan Eisden waar we een heel stuk door de “Cité” fietsten. Totaal verschillend van de natuur die we eerder hadden gehad maar ook dat maakte de tocht van vandaag extra leuk.

Het lastigste hadden ze voor het laatst bewaard : 5 km naast de drukke N763, gelukkig wel op een afgescheiden fietspad. Maar dat fietspad ging wel behoorlijk op en neer. Gelukkig konden we bij aankomst in Brasserie ’t Stasjon nagenieten bij een frisse drank en een lekkere koffie.

De fietsknooppunten : 41 – 501 – 42 – 44 – 48 – 49 – 5 – 56 – 55 – 60 – 551 – 565 – 41

Door het Water

Uitstel is geen afstel.

Hoewel er nog behoorlijk wat ochtendgrijs was vandaag stapten toch op de fiets richting Zutendaal centrum waar we bij punt 251 zouden inpikken op het fietsnetwerk.

De eerste 15 km vielen me eerlijk gezegd een beetje tegen. We passeerden wat winkels en vervallen industrie, niet echt mooi vond ik.

Maar toen kwamen we ter hoogte van de watermolen Termien afsloegen naar natuurgebied De Maten. Vanaf dan werd het wel mooi fietsen. Heide afgewisseld met vijvers en bossen. Heel aangenaam fietsen.

Via het jaagpad van het Albertkanaal ging het dan verder richting Bokrijk waar het fietspad ons “door het water” stuurde. “Fietsen door het water” is ons veel beter bevallen dan “fietsen door de bomen”.

Het feit dat het water op ooghoogte is geeft toch een ander perspectief, zeker wanneer er eendjes op amper één meter van je zwemmen. Dergelijke effecten krijg je nooit wanneer je op een brug staat, zelfs niet wanneer je in een boot zit.

We maakten van onze museumpas gebruik om in het Openluchtmuseum Bokrijk een hapje te gaan eten. En natuurlijk ook te gaan kijken naar de Vorselaarse boerderij van de Willems van ’t Vispluk 😉.

Onze fietstocht ging verder langs Winterslag en C-mine. Daar zijn we deze keer niet gestopt. Een groot deel hebben we al gezien toen de Tim Burton tentoonstelling daar liep.

Via de Kattevennen bereikten we terug Zutendaal en na een laatste stop om op een terrasje van een verfrissend drankje te genieten kwamen we met 52 km op de teller terug aan onze bungalow.

Munsterbos

Onze plannen om DOOR het water te fietsen zijn vandaag IN het water gevallen vanwege het water dat vanochtend UIT de lucht viel. Het regende naar ons gevoel echt te hard om met de fiets richting Bokrijk te fietsen.

Maar niet getreurd, alternatieven genoeg hier in de buurt. Wij dan maar met de auto naar het 10 km verderop gelegen Munsterbilzen. Daar vertrekt in het dorpscentrum immers de Munsterboswandeling. Je hebt de keuze uit een blauwe wandeling van een kleine 6 km of een rode wandeling van ruim 10km. Wij kozen voor de tweede wandeling.

Het Munsterbos is een natuurgebied dat gelegen is tussen het Albertkanaal en de plaats Munsterbilzen. Het gebied is Europees beschermd als onderdeel van Natura 2000-gebied ‘Overgang Kempen-Haspengouw’. Vanaf 2020 is het onderdeel van Nationaal Park Hoge Kempen.

Het bos behoorde bij de Abdij van Munsterbilzen, waar het naar vernoemd is. In het bos zijn twee kapelletjes, beide gebouwd vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog: de Sint-Amorkapel en de Kapel Geheim Leger uit 1947.

Het hele gebied heeft een oppervlakte van 450 ha en het bestaat uit bossen, visvijvers, moerassen en graslanden. In 2000 verwierf Natuurpunt hier 90 ha, en dit eigendom werd geleidelijk uitgebreid tot meer dan 150 ha. Het noordoostelijk deel wordt gekenmerkt door naaldhout en enkele heiderestanten, het Haspengouws deel kent een oud eikenbos dat in oppervlakte één der grootste van Belgisch-Limburg is. Verder zijn er eiken-berkenbossen, broekbossen en enkele populierenplantages. Ook is er een reeks van negen visvijvers in de vorm van zogenaamde terrasvijvers, die begin 17e eeuw werden aangelegd, en zijn er bloemrijke graslanden. Deze streek bevat leem en de kenmerkende plantengroei. (Bron : Wikipedia)

Na een drietal kilometer kwamen we aan de Kapel van het Geheim Leger dat in 1947 werd opgericht ter nagedachtenis van de ruim 800 verzetstrijders die er in de tweede wereldoorlog schuil hielden. De gevallen strijders worden jaarlijks herdacht op de tweede zondag van september.

De Amorkapel bereikten we na ruim 8 km. Deze kapel werd opgericht in 1941 met brokstenen van de Belgische legerbarakken en van het perron dat in 1940 werd vernietigd tijdens een bombardement. De Heilige Amor is patroonheilige van de Munsterse kapittelkerk en zou rond 700 Munsterbilzen hebben uitgekozen om zich als kluizenaar te vestigen. Aan de kapel staat ook nog een gedenkteken voor de bemanning van een Britse bommenwerper die daar in de tweede wereldoorlog neergestort is.

Het was ook daar dat we plots een hertje aan de bosrand zagen. Heel even bleef het staan, alsof het zich wilde verontschuldigen omdat zijn soortgenoten zich altijd voor de lens van mijn broer toonden maar niet voor de mijne. Heel lang zagen we het niet maar net lang genoeg om een redelijke foto te nemen.

Als het weer morgen meezit fietsen we naar Bokrijk (fingers crossed).

Lieteberg

Tweede dag in het mooie Limburg. Vandaag stond er een wandeling op het programma, meer bepaald de gele wandeling in het Lietebergbos.

Lieteberg is een van de toegangspoorten tot het Nationaal Park Hoge Kempen. Deze bevindt zich enkele kilometers buiten het park, aan de Stalkerweg ten zuiden van Zutendaal.

In deze omgeving werd zand en grind gewonnen, waardoor plassen zijn ontstaan. Nadat de winning beëindigd was werd er begin jaren 90 van de 20e eeuw door imkers een bevruchtingscentrum voor Carnicabijen opgezet. Hieruit kwamen weer andere activiteiten met betrekking tot insecten voort, zoals een insectentuin en een klein insectenmuseum, dat onder de naam Fascinerende microkosmos. Verder is er een vlinderserre, waar rupsen opgekweekt worden tot vlinders. Ook allerlei activiteiten met betrekking tot insecten worden hier georganiseerd. (Bron : Wikipedia)

Wij hebben er enkel gewandeld en de musea niet bezocht. Het duurde wel even eer we het begin van de wandeling hadden gevonden. We waren met de fiets naar het bezoekerscentrum gereden maar onze wandeling bleek niet daar te starten maar ongeveer anderhalve kilometer verder (en dichter bij onze bungalow zou later blijken).

De wandeling van ruim 10 km is wel de moeite waard. Je zit bijna constant in het bos. Een aanrader op een warme zonnige dag dus.

Het gaat er wel constant op en neer. Geen steile beklimmingen of afdalingen maar toch genoeg om na meer dan 10 km blij te zijn dat je terug aan je fiets bent 😉.

Morgen nemen we weer de fiets en gaan we, als er niets tussenkomt, door het water fietsen.

Door de bomen

Nu iedereen na de lange zomervakantie (nu ja … zomer?) terug aan het werk is, is het aan ons om aan onze vakantie te beginnen.

Vanochtend de fietsen op de fietsendrager gezet en op weg naar Lommel waar we onze eerste fietstocht zouden starten.

Het is immers de bedoeling om de komende 7 dagen enkele mooie fiets- en wandeltochten te doen in fietsparadijs Limburg.

Vandaag zouden we een fietstocht doen die ons ook “door de bomen” zou laten fietsen want dat moet je toch echt eens hebben gedaan.

Na een kleine tien kilometer passeerden we het Duits Kerkhof van Lommel.

Het Kerkhof is 16 ha groot en er liggen meer dan 38.000 soldaten uit de Tweede Wereldoorlog. Deze zijn voor het overgrote deel afkomstig uit verzamelbegraafplaatsen te Hendrik-Kapelle, Fosse, Overrepen en Neuville-en-Condroz. Daar waren ze voorlopig door de Amerikaanse Gravendienst (U.S. Battle Monument Commission) begraven, om in 1946 en 1947 naar Lommel te worden overgebracht. Sinds 1946, toen de Belgische regering met de aanleg van de begraafplaats begon, worden alle Duitse soldaten uit de Tweede wereldoorlog die op Belgisch grondgebied gevonden worden hier begraven. De 483 soldaten uit de Eerste Wereldoorlog zijn afkomstig van een soldatenkerkhof te Leopoldsburg. In 2016 lagen er in totaal 39.108 gesneuvelden. Het aantal is in de loop der tijd licht gestegen omdat er nog resten van vermiste gesneuvelden werden gevonden, bijvoorbeeld omdat de overheid overging tot berging van vliegtuigwrakken. Zo werden in 2008 nog stoffelijke resten van drie personen uit de Luftwaffe ter aarde besteld. Op 21 september 2019, op de Internationale Dag van de Vrede werden, ter herinnering aan 75 jaar bevrijding en het 100-jarig bestaan van de Duitse oorlogsgravendienst, drie onbekende soldaten bijgezet. Op deze speciale gelegenheid werd eveneens een “vredesklok” gegoten, die daarna op het binnenplein voor de crypte geplaatst is. (Bron : Wikipedia)

Zo’n kerkhof blijft toch altijd indruk maken, zeker de sobere Duitse kerkhoven.

In de buurt kwamen we dan aan “fietsen door de bomen”. Dat viel toch wel een beetje tegen. Je fietst dus in een cirkel naar boven en dan terug naar beneden. Wat zie je tijdens dat heel korte tochtje? Een paar boomkruinen maar dat is het dan ook . Geen vergezichten of zo. Een paar boomkruinen. Voor je het goed en wel beseft is het voorbij. Ik vond het in ieder geval een tegenvaller.

De rest van de fietstocht was wel een meevaller, ondanks de soms stevige tegenwind. Via het kanaal naar Beverlo fietsten we naar het kanaal Bocholt-Herentals en zo terug naar De Soeverein in Lommel.

Ondertussen zijn we gesettled in onze bungalow in Landal Mooi Zutendaal. Klaar voor een weekje genieten van de Limburgse natuur.

Vakantie

Na twee maanden van vakantie hier en vakantie daar en vakantie ginder in alle kranten en op radio en tv is het eindelijk aan mij … Ik ben sinds gisteren 16u met vakantie en dat tot 27 september.

En het werd tijd hoor. Ook wanneer je hoofdzakelijk thuis werkt blijft het moeilijk om collega’s “virtueel” met vakantie te zien vertrekken, en terugkomen, en opnieuw vertrekken …

De vakantie werd ingezet met een bezoekje aan de dokter. Tijd om de suikerspiegel nog eens te laten controleren en een nieuwe voorraad medicijnen in te slaan. Die suikerspiegel zit trouwens heel goed.

Terug van de dokter ben ik dan samen met moeder naar Westerlo vertrokken. Daar stond een mooie wandeling van zo’n 6 km op het programma. We vertrokken op de Grote Markt richting kerk. Daar sloegen we rechtsaf richting de staande wip en het clubhuis van de Sint-Sebastiaansgilde van Westerlo.

Er is al meer dan 500 jaar een schuttersgilde in Westerlo. Sinds 1596 is de Familie de Merode hoofdman van de Gilde.

Even verder langs de Grote Nete zagen we dan het kasteel van de Familie de Merode. Helaas werd het zicht grotendeels versperd door de tenten van de musical 1830 die daar tijdens de zomer werd gebracht.

De rest van de wandeling ging door de Kwarekken.

We waren net op tijd terug aan de auto want het begon al snel te motregenen.

Lunchen deden we bij het Looze Vissertje in Herselt. Dat is een grijs café. Een grijs café is zoiets als een bruin café maar dan gevuld met grijsharige mensen. En je weet … als er ergens veel mensen met grijs haar zitten dan is het eten daar heel lekker en niet duur.

Voor het dessert zijn we dan nog even naar Tielen gereden. Beter ijs dan dat van het IJssloeberke bestaat er immers niet.

Zoals vroeger

Het is de afgelopen dagen een beetje “zoals vroeger” geweest.

Het begon op donderdag. We hadden immers een teammeeting “op locatie”. Het volledige team was aanwezig in ons kantoor in Antwerpen zodat we afspraken konden maken voor de periode “na corona”. Het deed toch een beetje vreemd hoor. Zo met 10 personen samen in een zaaltje zitten. Maar de afspraken zijn wel gemaakt en daar ging het om. Wanneer die effectief in voege gaan treden weten we nog niet exact maar het zal wel ergens in oktober zijn.

Ook vrijdag was nog eens een dag zoals vroeger. ’s Morgens met de fiets naar Mechelen om daar de trein naar Antwerpen te rijden en dan, helemaal op mijn eentje, van de ene winkel naar de andere te stappen. Eerste bezoek was uiteraard voorbehouden aan Stripwinkel Beo maar ook FNAC en De Slegte werden bezocht. Tussendoor nog eens gaan eten bij McDonalds, dat was ook jaren geleden. De buit was 25 strips en 12 CD’s. En op het einde van dag, na nog een concertje van Isolde in Heist op den Berg, ook meer dan 22.000 stappen.

Zaterdag was eerder een rustige “werk in de tuin dag” met ook een bezoekje aan de winkel en aan de garage want ik moet stilaan beginnen uitkijken naar een nieuwe leaseauto. De keuze is ondertussen gemaakt, nu is het nog wachten op het signaal van de Leasingmaatschappij om de procedure te starten.

Gisteren werd er dan lekker gewandeld met 8 km op de teller.

Rommel

Vandaag nog eens iets gedaan dat ik in maanden niet meer gedaan heb … een rommelmarkt bezocht. Een goeie ouderwetse rommelmarkt.

Ik ben er zelfs met de fiets naartoe gereden want het was een openluchtrommelmarkt in Grobbendonk.

Gelukkig was er niet al teveel volk want ik weet niet of ik me anders op mijn gemak zou voelen. Maar dat lukte dus wel.

Het was zelfs een succesvolle rommelmarkt. Ik ben thuisgekomen met 5 cd’s en 15 stripverhalen in mijn rugzak en ik was nog geen 25 euro kwijt. De stripverhalen komen uit een reeks die ik (tot nu toe) niet volg maar voor 1 euro per stuk kon ik ze echt niet laten liggen. Op stripbeurzen wordt het moeilijker en moeilijker om koopjes te doen. Op “gewone” rommelmarkten lukt dat nog wel .

Na de middag dan nog een wandeling gedaan met mijn moeder. En daarbij heb ik een paadje genomen dat ik nog nooit eerder had bewandeld. Je zou denken dat je na 18 maanden Covid-wandelen wel elk hoekje in de buurt hebt gezien maar neen hoor, er zijn nog onbekende plekjes.

Naar de Westhoek

De “vraalie” zijn nog altijd op fietsweekend en zo was ik voor het eerst in maanden niet in Peulis op een zaterdag.

En wat doe je dan? Je vertrekt ’s morgens, vrij vroeg trouwens, samen met je moeder naar Ieper om eens een bezoekje te brengen aan je broer annex zoon die daar al geruime tijd woont.

Hij had voor ons twee wandelingen op het programma staan. Een korte wandeling rond de Verdronken Weide en een iets langere wandeling aan de Palingbeek.

Tussen de twee wandelingen zouden we dan een hapje eten in de Brasserie van het Provinciaal Domein Palingbeek.

De Verdronken Weide is een natuurgebied dat wordt beheerd door het Agentschap voor Natuur en Bos en het meet iets meer dan 40 ha.

Van 1992-1996 werd dit gebied ingericht als waterbergingsgebied. Vooral het water van de Bollaertbeek wordt er gebufferd. Ook wordt dit water gebruikt voor de productie van drinkwater.

In het gebied bevindt zich een diepe plas, aan de oever waarvan zich vele oeverplanten bevinden. Ook zijn er graslanden met wisselende waterstanden, waar moeraszuring, zilverschoon, veerdelig tandzaad, fraai duizendguldenkruid en platte rus aangetroffen worden.

In het gebied komen meer dan 160 vogelsoorten voor. zeldzame soorten zijn onder meer: zomertaling, slobeend, kleine plevier, kluut, rietzanger, waterral en blauwborst.

Een deel van het gebied wordt begraasd door runderen. (Bron : Wikipedia)

We hebben niet alle 160 vogelsoorten gezien maar het was wel een mooi wandelingetje.

Daarna ging het met de auto verder naar de Palingbeek.

Eerst gingen we dus een hapje eten in de Brasserie. Nu ja … “hapje” … zeg maar hele hap. We moesten redelijk lang wachten op het eten maar het was wel superlekker en de porties waren bijzonder groot.

Tijdens het eten vielen er al wel enkele regenbuien. Dat in combinatie met een darmprobleem hebben ervoor gezorgd dat we onze vroegtijdig hebben moeten afbreken. Geen probleem, dat geeft ons een reden om nog eens terug te gaan.

Ook tijdens de rit naar huis kregen we nog een aantal fikse regenbuien op ons dak.

Onderstaande foto’s zijn dus enkel van de Verdronken Weide.