Heksenwandeling

Een tijdje geleden zag ik in de Standaard Boekhandel een boekje liggen met als titel “Grensgevallen – wandelen op de taalgrens in de Vlaamse Ardennen”. In het boekje 5 knooppuntenwandelingen die de knooppunten van de Vlaamse Ardennen met die van het Pays des Collines met elkaar verbinden.

Eerst even Conny’s auto bij de garage gedropt en dan op weg naar Ronse meer bepaald naar het Muziekbos. Volgens de overlevering zou in dit bos in 1888 de naam Vlaamse Ardennen zijn bedacht door schrijver Omer Wattez en zijn vriend Pol De Mont.

Vertrekken deden we aan Bistro Boekzitting. Een koffietje vooraf was helaas niet mogelijk want de bistro was niet open. Dan maar verder richting taalgrens. Eenvoudig was dat niet. Een zwaar geaccidenteerd parcours met moeilijk begaanbare ondergrond. Je moest soms echt opletten om niet onderuit te gaan. Waarschijnlijk daarom dat we een paar pijltjes hebben gemist. Maar met mijn Garmin eTrex, de GoogleMaps van Conny en de (eerder onduidelijke) kaart in het boekje vonden we telkens het juiste pad terug.

Volgens het boekje zouden er in Ellezelles een massa aan cafés en restaurants zijn. Dat is ongetwijfeld waar maar probeer er op een maandag maar eens eentje te vinden dat open is. Gelukkig vonden we aan de kerk wel één café waar we iets konden drinken.

Ellezelles is trouwens bekend voor de jaarlijkse heksensabbat ter nagedachtenis van de heks Quintine de le Clisserie die daar in 1610 op de brandstapel is gezet. Het zou ook de plaats zijn waar op 1 april 1850 ene zeker Hercule Poirot werd geboren.

Via de Fiertel en Kapel Lorette die in 1676 in opdracht van Pastoor Christophe de la Tenre werd gebouwd wandelden we terug naar onze vertrekplaats in het Muziekbos. Bijna 15 km op de teller en ons terdege bewust van het feit dat het lang geleden was dat we nog een wandeling om te wandelen hebben gedaan.

De terugweg naar huis ging gelukkig behoorlijk vlot ondanks een passage over de Brusselse Ring tijdens de spits.

En daarmee is de kop van onze laatste week vakantie er ook af.

Harry

Twintig jaar. Zolang heeft het geduurd na het verschijnen van de Nederlandse vertaling van het eerste Harry Potter boek eer ik deze reeks heb gelezen.

Maar deze voormiddag in de wachtzaal van de oogarts heb ik de laatste bladzijden van De Relieken van de Dood gelezen. Gelukkig was er een beetje vertraging want anders had ik het misschien niet gehaald.

Het is me een raadsel waarom ik niet eerder aan die reeks ben begonnen want zoals Conny al van in het begin zei past ze inderdaad wel echt bij een Anglofiel als ik. Ik heb me wel voorgenomen om ze ook eens in het Engels te lezen. En de films moet ik uiteraard ook nog zien.

Ik zal de wereld van Harry, Ron, Hermelien en Zweinstein toch een beetje missen hoor.

potter7

Tim Burton

tim burtonTim Burton. Waarschijnlijk heeft iedereen al wel eens een film van hem gezien. Batman, Planet of the Apes, Charlie and the Chocolate Factory, Beetlejuice, Nightmare before Christmas of Edward Scissorhands om er maar enkele te noemen.

In Genk loopt momenteel de tentoonstelling The World of Tim Burton en daar zijn Conny en ik vandaag, op kosten van De Standaard, naar toe geweest. En of het de moeite was. Daar hadden we zelfs graag de entreeprijs voor betaald.

Servietjes, blaadjes uit kladschriften … je kan het zo gek niet bedenken of Burton heeft er wel één van zijn schepsels of gedachten op neergeklad. Soms grappig, soms ontroerend maar altijd in zijn eigen specifieke stijl. Jammer genoeg was fotograferen binnen niet toegelaten. Misschien hopen ze op die manier meer van die (veel te) dure boeken te verkopen in de shop maar die vond ik teveel kosten.

Na de tentoonstelling hebben we nog even rondgekuierd in en rond de oude mijn. We gaan daar zeker nog eens terug naar toe wanneer alles fotografeerbaar is. Volgend jaar ergens tijdens één of andere fiets- of wandelvakantie in Limburg.

Illegaal

Het is een afgezaagd cliché maar het is helaas wel waar : mooie liedjes duren echt niet lang. Zo is er vandaag ook een einde gekomen aan een heel gezellige vakantie in Engeland.

Gisterenochtend vroeg opgestaan en ook vroeg een laatste Full English gegeten (althans voor mij, Conny is niet zo voor worstjes of witte bonen in tomatensaus of champignons of gestoofde tomaten of eieren om half acht ’s ochtends) om dan ook vroeg te kunnen vertrekken naar Hull om daar de Pride of Bruges te nemen.

De drie uur durende rit verliep heel rustig, ondanks de regen die we onderweg kregen. Rond de middag waren we in Hull wat ons de gelegenheid om enerzijds nog wat rond te kuieren door de oude stad en anderzijds nog een paar winkels te bezoeken.

Rond een uur of vier waren we door de check-in. Werden we er toch wel uitgepikt voor een random security check zeker. Ze kozen er deze keer zeker de betrouwbare mensen uit want het koppel vóór ons leek me zo’n typisch koppel van gepensioneerde Britten.

Do you carry any weapons or knives or something of the sort on you, Sir?

Waarheidsgetrouw zeg ik dat ik altijd een zakmes in mijn rugzak draag. Bleek toch wel dat mijn soort zakmes (het type dat vastklikt) illegaal is in Engeland en bijgevolg in beslag werd genomen. Vijf keer heeft het de oversteek heen en terug overleefd. Deze keer is het beperkt gebleven tot heen. Ik zal iets anders moeten vinden om een eventueel appeltje te schillen volgend jaar ;-).

De terugreis verliep probleemloos, zowel op ze als op land. Rond 9 uur zagen we de spuuglelijke Belgische kust en rond half tien waren we op weg naar Peulis.

In de namiddag nog even geprofiteerd om een bezoekje te brengen aan het St. Ursula Instituut in O.L.V. Waver (naar aanleiding van Open Monumentendag) maar daarover later meer. Om de vakantie helemaal af te sluiten zijn we nog smakelijk gaan eten (al was dat eigenlijk ter gelegenheid van de verjaardag van mijn moeder in augustus).

Het afkicken van de vakantie kan beginnen.

Kastelen, huizen en tuinen

Zo druk als het gisteren in Oxford was, zo rustig was het op de twee plaatsen die we vandaag bezochten.

We zouden eerste Broughton Castle bezoeken maar gelukkig checkte ik vanmorgen nog even de openingsuren. Bleek dat we dit kasteel enkel op woensdag of op zaterdag konden bezoeken. We zouden dus voor een gesloten deur hebben gestaan.

Het alternatief werd Kenilworth Castle, het kasteel dat door de jaren heen verschillende keren werd verbouwd en uitgebreid maar dat vooral bekend is omdat Graaf Robert Dudley grote sommen geld besteedde om het kasteel aan te passen zodat Koningin Elisabeth I zich er thuis zou voelen tijdens haar veertiendaags verblijf.

Ondanks het feit dat er nu grotendeels ruïnes overblijven is het toch een indrukwekkend gebouw. De gratis audiotour maakte het bezoek aanzienlijk interessanter. De Elizabethaanse tuin achter het kasteel was ook in deze tijd van het jaar nog heel mooi.

Na de middag trokken we richting Banbury om een bezoek te brengen aan Upton House & Gardens. Dit 17de eeuwse landhuis werd ook verschillende malen verbouwd tot het in 1927 in het bezit kwam van Walter Samuel, 2de Viscount Bearstead. Hij erfde zijn fortuin van zijn vader Marcus Samuel en die was de oprichter van Shell Transport & Trading. In 1948 schonk hij het aan The National Trust.

Het huis bevat een uitgebreide kunstcollectie met werken van onder andere Pieter Breughel, Jeroen Bosch, El Greco, Jan Steen en Thomas Gainsborough. Er is ook een mooie collectie porselein en uiteraard kunnen ook Shell Posters niet ontbreken.

In de terrastuin die achter het huis ligt is de nationale collectie van asters aanwezig.

Daarmee is onze laatste volledige dag in Engeland een feit. Time flies when you’re having fun is hiermee weeral bewezen. Morgen bezoeken we nog Hull vóór we aan boord gaan maar dan is het voorbij. Het aftellen naar de volgende vakantie kan beginnen.

Oxford

Naast Blenheim Palace was ook een bezoek aan Oxford een must deze vakantie.

Daarom vertrokken we vroeger dan normaal om zoveel mogelijk uit deze dag te halen. Helaas werkte het verkeer niet mee. Omdat de A35 afgesloten was moest iedereen via afrit 8A in plaats van 9. Gevolg … ongeveer 45 minuten in file gestaan. Niet prettig uiteraard. We waren na de afrit gelukkig heel snel aan de Park & Ride zodat we met de bus verder konnen.

Eerste plaats die we zeker wilden zien was de Bodlean Library. Daar kozen we voor de korte rondleiding van een halfuurtje maar dat was wel genoeg om veel te weten te komen over deze bibliotheek die na The Library of Congress in Amerika en The British Library in London het meeste aantal boeken in zijn bezit heeft (zo’n 12.000.000). We mochten ook het oudste gedeelte van de bibliotheek bezoeken. Daar staan boeken van meer dan 500 jaar oud.

We wilden ook zeker naar Christ Church College maar vóór we dat deden hebben enkele boekenwinkels (Blackwell’s, Waterstone’s) en uiteraard ook The Mountain Warehouse bezocht.

Christ Church was zo mooi als ik het me kon herinneren. Ik was er al eerder geweest, Conny nog niet. We waren daar niet alleen. Duitse studenten en uiteraard hordes Japanners hielden ons gezelschap (of liepen in onze weg, ’t is maar hoe je het bekijkt).

Op weg naar huis hebben we dan een fikse bui over ons dak gekregen maar wat maakt dat uit wanneer je in de auto zit na alweer een zalige vakantiedag?

Het Arboretum en de Bard

Al 30 jaar kom ik nu naar Engeland en nog nooit is het me gelukt om een Car Boot Sale te bezoeken. Nog nooit. Tot Conny gisteren een plakkaatje zag staan in Evesham : Car Boot Sale every Wednesday.

Laat het nu vandaag toch woensdag zijn zeker. Op weg naar Batsford Arboretum hebben we daar dan ook een tussenstop gemaakt. De Car Boot Sale viel een beetje tegen wat grootte betreft maar ik heb er nu toch eentje bezocht.

Na de tussenstop ging het dan verder naar het Arboretum en dat was een zeker een meevaller. Ik raad iedereen die in de buurt komt aan om zeker een bezoekje te brengen. Een mooi wandelpad, af en toe flink klimmend, brengt je doorheen het park. Echt rustig wandelen in de natuur. Meer moet dat soms niet zijn.

We hebben daar ook gegeten en zijn dan doorgereden naar de stad van de Bard … Stratford-Upon-Avon. Ondertussen waren de grijze wolken terug verdwenen en scheen er een mooi zonnetje tussen de wolken.

Stratford is een gezellig druk stadje dat, uiteraard, het feit dat William Shakespeare er geboren en begraven werd behoorlijk uitmelkt. Wij hebben vooral genoten van een stadswandeling en hebben rustig rondgekuierd langs de vakwerkhuizen, historische gebouwen en de oevers van de Avon. Uiteraard hebben we ook de kerk bezocht waar het graf van Shakespeare is maar dat was niet het belangrijkste.

Het belangrijkste was misschien wel de Cream Tea die Conny en ik op een terrasje genuttigd hebben. Ook een “first” na 30 jaar. Ik moet zeggen dat het best lekker was al vind mijn dokter dat misschien niet.

Morgen trekken we naar de stad van Morse en Lewis … Oxford.