Middelburg en Veere

Onze tweede dag in Zeeland begon in Middelburg. Daar had ik een stadswandeling van een dikke 3 km uitgestippeld.

Middelburg is de hoofdstad van Zeeland en moet rond het midden van de 9e eeuw zijn ontstaan. Bij archeologische opgravingen van na de verwoesting van 1940, zijn gebruiksvoorwerpen uit die periode gevonden. Bij de plaats werd vermoedelijk eind 9e eeuw de middelste ringwalburg (of vluchtburg) op Walcheren aangelegd, die lag tussen de Duinburcht (Domburg) en de Zuidburcht (Souburg). Deze burcht was vermoedelijk als verdediging tegen de Vikingen bedoeld nadat zij na de mislukte strooptocht van Rodulf (873) van het eiland verjaagd waren.

Gedurende de Tweede Wereldoorlog heeft Zeeland zeer te lijden gehad door het oorlogsgeweld. Bij de capitulatie van Nederland op 15 mei 1940 was de provincie niet inbegrepen omdat Franse en Engelse troepen als deel van een geallieerd plan er de strijd in Midden-Zeeland wilden voortzetten tegen de Duitse aanvaller. Om de Franse terugtocht vanaf de Sloedam naar Vlissingen te dekken werd Middelburg op 17 mei enkele keren door Frans mobiel zeegeschut vanaf Breskens beschoten. Omdat de meeste bewoners waren geëvacueerd en de Luchtbeschermingsdienst grotendeels was uitgeweken, ontbrak het aan mankracht om een beginnend brandje te blussen. Bij dit bombardement op Middelburg werd ongeveer een kwart van de binnenstad door brand verwoest, waarbij meer dan 600 panden verloren gingen, waaronder het stadhuis, het abdijcomplex, het Oost-Indisch Huis, een aantal voormalige pakhuizen van de VOC en vele beeldbepalende woonhuizen. (Bron Wikipedia)

Middelburg is trouwens ook de plaats waar in 168 de telescoop werd uitgevonden

Nu is het een gezellig stadje om door te wandelen, vooral de stillere straatjes. Het was er redelijk druk. Het is hier immers schoolvakantie.

Na de lunch zijn we even naar ons huisje teruggereden om wat te rusten. Aanvankelijk was het de bedoeling om in de namiddag Mini Mundi (het vroegere Miniatuur Walcheren) te bezoeken maar de recensies die ik kon terugvinden waren zo vernietigend dat ik dat maar niet gedaan hebben.

In de plaats daarvan reden we naar Veere.

Veere begon in de 13e eeuw als havenplaats als het gehucht Kampvere of Ter Veere, gelegen in de parochie en het ambacht Zandijk. In 1318 bevonden zich reeds Italiaanse bankiers, Lombarden, in Veere, wat erop duidt dat er al handel werd gedreven.Veere scheidde zich vóór 1339 af van het ambacht Zandijk. In 1346 wordt Veere beschreven als ‘die veste ter Vere’, maar ook als dorp. Later, in de 15e eeuw wordt Veere stad genoemd, met het bijbehorende stadsrecht.In 1509 werd de stad door een stormvloed getroffen.

In de zestiende eeuw (tot 1560) was Veere de zetel van de Admiraliteit der Nederlanden. De Bourgondische heren van Veere bekleedden het ambt van admiraal. (bron : wikipedia)

Alweer een leuke dag gehad met dik 6 km wandelen.

Kruiningen en Domburg

Vóór we vanochtend richting Zeeland vertrokken ben ik nog even de naftbak gaan voldoen. Het waren maar 16 liter maar aan 0,50 euro verschil in vergelijking met Nederland heeft ons dat toch al zeker twee koffies opgeleverd 😉.

Na anderhalf cruisen over rustige landwegen kwamen we aan in Kruiningen voor onze eerste wandeling.

De plaats waar Kruiningen is ontstaan, behoorde tot een van de oorspronkelijke eilandjes die later Zuid-Beveland vormden. De omgeving werd bedijkt door monniken van de abdijen van Ten Duinen en Ter Doest.

Het dorp was in de 14e eeuw door een gracht omgeven. Naast de kerk stond sinds de 13e eeuw het kasteel van Kruiningen, gebouwd door de adellijke familie Van Kruiningen. Het kasteel was het bestuurlijk centrum van de heerlijkheid. In 1720/1721 liet de toenmalige eigenaar het kasteel afbreken. Aan de oostzijde van het dorp stond tevens het kasteel Voorhoute, dat in 1751 is afgebroken.

Kruiningen werd zwaar getroffen tijdens de watersnood van 1953: 62 inwoners kwamen om het leven en het gehele dorp kwam gedurende een half jaar onder de invloed van eb en vloed te staan.

De Johanneskerk is na een brand, waarbij de toren uit de 14e eeuw behouden bleef, herbouwd in de 15e en 16e eeuw. In de kerk staat de graftombe van Arnoud van Cruningen (overleden 1561), een heer uit het geslacht Van Kruiningen. (bron : Wikipedia)

Bijna was de vakantie daar trouwens al voorbij. Even niet opgelet en de voet omgeslagen aan de rand van de weg. Hoe ik trouwens rechtgebleven ben is me een raadsel. Nu is het vooral een zeurende pijn. Straks de Voltaren maar bovenhalen.

Na een smakelijke lunch in Brasserie Smits in Wemeldingen (een “twaalfuurtje” vlees en een “twaalfuurtje” vis) ging het verder naar Domburg, onze basis voor de komende dagen. Eerst een wandelingtje van een uurtje door het centrum en daarna naar de Landal Hof Domburg (vroeger een Roompotpark).

Domburg is de op twee na oudste badplaats van Nederland.

In de Romeinse tijd werd de Nehalennia-tempel gebouwd. Deze werd na de 7e eeuw bedolven onder duinzand om in de 17e eeuw weer aan de oppervlakte te komen. Door het verder afkalven van de kust kwam zij al spoedig onder water te liggen. Schippers beschouwden Nehalennia als beschermgodin en maakten, na de zeeën getrotseerd te hebben, een stenen gedenkschrift.

In de duinen ten noordoosten van Domburg lag in de vroege Middeleeuwen de handels- en havenplaats Walichrum (Walacria) die in de 8e eeuw een bloeiperiode moet hebben doorgemaakt. Dat wordt afgeleid uit de vele muntvondsten die in de loop der jaren op het strand zijn gedaan. De naam van deze plaats moet zijn samengevallen met de aanduiding van het eiland Walcheren. (Bron : Wikipedia)

De aankomst in het park verliep niet zo vlot. We waren er om half vier maar de sleutel op de smartphone werd pas om vier uur geactiveerd. Toen bleek dat er geen linnengoed was voorzien. In tegenstelling tot andere parken moet je dat hier blijkbaar op voorhand bestellen (en betalen). En om alles compleet te maken weigerde de laptop op de wifi te geraken.

Maar alles is ondertussen opgelost. Al bij al een leuke zij het ook een heel vermoeiende dag.

North West Walls

Een druk driedaags weekend achter de rug.

Vrijdag een paar uur in de tuin gewerkt en als “beloning” een fietstochtje van zo’n 25 km gemaakt met een tussenstop bij Monsieur Kaffee aan de kerk in Bonheiden. Zaaaalige cappuccino hebben ze daar.

Zaterdag was het geen weer om te gaan fietsen. Dat kwam eigenlijk goed uit. Dan kon ik me bezig houden met een namiddagje koken (een paar kilo stoofvlees voor in de diepvries) een smakelijke Tajine volgens het recept van Loïc Van Impe, die van Zot van Koken. Ik was daar ’s avonds wel vermoeider van dan verwacht.

Vandaag was het enkel ontspannen. Dat deden via een fietstochtje naar Werchter. Na de, quasi verplichtte, koffie aan de kerk ging het via het Festivalpark terug naar huis.

Ik had vorige week immers gezien dat de containers van de North West Walls er op dit moment bijzonder mooi uitzagen.

North West Walls, dat is permanent kunst in het Festivalpark in Werchter. In 2014 werd de eerste fase van de realisatie van het landschapspark opgestart. Het Festivalpark werd uitgebreid. Centraal in het bijgewonnen stuk festivalterrein, in het noordwesten gelegen, staat sindsdien het grootse kunstproject. North West Walls is een landschapsbaken dat elke dag van het jaar te bewonderen is.

Een installatie van permanente aard. En toch ook niet. Arne Quinze is curator van North West Walls. Onder zijn auspiciën brengt een selectie street-art kunstenaars de walls tot leven. Elk jaar opnieuw. Quinze bedacht ook de constructie voor North West Walls. Een ongewone, indrukwekkende constellatie van zeecontainers die het canvas voor de street-art kunstwerken vormt.(bron: website Werchterpark.be)

Verder gewoon dolce far niente gedaan. Dat mocht wel want vanaf morgen ga ik nog eens op midweek met moeder. Haar vroegere reisgenoten hebben helaas het tijdelijke voor het eeuwige gewisseld en daarom offer ik af en toe een paar dagen vakantie op om met haar ergens naartoe te gaan. Dit jaar wordt het Domburg in Zeeland. We hebben een gevuld programma met wandelingen, stadsbezoekjes en een boottocht. Hopelijk zit het weer wat mee.

Tuinwerk

In maart nemen we traditioneel een weekje verlof om in de tuin te werken. Alle winterresten verwijderen, hier en daar een beetje snoeien, zoveel mogelijk onkruid verwijderen en daar waar nodig wat nieuwe plantjes zetten die dan ook nog eens moeten worden gehaald uit één of ander tuincentrum.

Dat is dus een paar dagen hard maar wel ontspannend werken.

Er is gelukkig ook tijd om te gaan wandelen en fietsen.

Zo zijn we gisteren in Relst, deelgemeente van Kampenhout, het Prosper van Langendonckpad gaan wandelen. Een afgepijlde wandeling van zo’n 6 km die vertrekt aan de kerk van Relst.

Prosper Antoine Joseph Van Langendonck  was een Vlaams auteur die in 1893 samen met August Vermeylen, Emmanuel de Bom en Cyriel Buysse het literaire tijdschrift “Van Nu en Straks” oprichtte, het tijdschrift dat de Vlaamse literatuur vernieuwde.

Zijn opstel uit 1894 De herleving van de Vlaamse poëzij gold als manifest van de literaire vernieuwing. Binnen de redactie van het tijdschrift had hij als enige rooms-katholiek wel meer voeling met de traditionele stijl.

Hij vatte in Leuven de universitaire studies wijsbegeerte en letteren aan, maar kon die door familiale omstandigheden niet afmaken. Zijn vorming volstond wel om als ambtenaar te werken voor het ministerie van justitie. In 1899 kon hij, tot aan de Eerste Wereldoorlog aan de slag als vertaler bij de diensten van de Kamer van volksvertegenwoordigers. Hij ondervond steeds meer last van een (erfelijke) schizofrenie en overleed in 1920 in een Brussels ziekenhuis.

Hij publiceerde een honderdtal verzen en sonnetten, meestal in Van Nu en Straks, maar ook in Dietsche Warande en Belfort.

Van Langendonck bracht veel van vakanties in Relst door.

De wandeling:

Enkele foto’s:

En vandaag zijn we de nieuwe knooppunten rond Mechelen gaan proberen. Dat ging vrij goed maar door wegwerkzaamheden en een koers in Bonheiden ging het terugkeren iets moeilijker.

Bij de Schapenkoppen

Laatste dag van onze laatste vakantie. Het weer voorspelde niet veel goeds.

Dan kan je gelukkig altijd terecht in Lier. We waren eerst van plan om nog eens naar Anderstad te wandelen maar kozen toch maar voor de Lierse Vesten die we dan voor een stukje zouden “afsnijden” om de Brocantemarkt op de Grote Markt te bezoeken.

Wat ons al direct opviel bij het vertrek aan Parking de Mol : de Lierse standbeelden droegen oranje lintjes.

Die opvallende aankleding is een initiatief van De Zilveren Knoop, de Lierse afdeling van Soroptimist Belgium, en maakt deel uit van de internationale campagne ‘Orange the World’. Die campagne ging op 25 november van start en loopt nog tot 10 december, tijdens de jaarlijkse 16 Dagen van Activisme tegen Geweld op Vrouwen.

Volledig droog hebben we het niet gehouden maar kletsnat zijn we dan ook weer niet geworden.

Een week in telegramstijl

De eerste week van december is meestal een vakantieweek bij ons … kwestie van die laatste vakantiedagen op te souperen. Het verslag van deze week volgt hierna in telegramstijl 😉

Vrijdag 28/11: jaarlijks bezoek aan de endocrinoloog en goede punten gekregen. Ik ben goed bezig

Zaterdag 29/11: jaarmarkt in Peulis. Enkele lokale verenigingen gesteund. Optreden van Laura Lynn hebben we aan ons voorbij laten gaan

Zondag 30/11: wandeling gemaakt in Lint, meer bepaald het afgepijlde Eugeen Goeyvaert Wandelpad. Al zijn niet alle bordjes even duidelijk 😉

Maandag 1/12: een beetje opruimen en winkelen

Dinsdag 2/12: shoppen voor eindejaarsgeschenken, afspraak bij Audika om het haperend hoorapparaat te laten herstellen (alweer) en tussen de soep en de patatten een nieuwe auto gekocht. Ik weet dat de Ford Kuga nog geen jaar oud is maar van een 10 maanden oude auto zou je mogen verwachten dat die niet een volledige maand daarvan in de garage staat vanwege een “motorstoring” . Je zou ook niet verwachten dat ze op tijd geen echte oorzaak van het probleem hebben kunnen vinden. Soit, het vertrouwen is zoek, zowel in de auto als in de garage, dus was er nood aan een vervanger. Die is er dus en hij is ook snel beschikbaar: een Peugeot 2008 GT.

Woensdag 3/12: dagje Antwerpen met bezoek aan de Magritte-tentoonstelling in het KSMKA, nog wat verder naar eindejaarsgeschenkjes gezocht en uiteraard een bezoekje gebracht aan “den Beo”, de beste Stripwinkel van het land.

Donderdag 4/12: grote opruimdag en de kledingcontainers in de buurt wat bijgevuld

Vrijdag 5/12: bezoekje aan Mechelen met het Museum Busleyden. De “special” rond Rik Wouters viel een beetje tegen maar de rest van het museum was zeer de moeite waard.

Zaterdag 6/12: even “op en af” naar Vorselaar om met moeder naar het Galaconcert van het Vlaams Muziek Theater in CC Zwanenberg in Heist op den Berg te gaan. Zij heeft er uitermate van genoten (we zaten op de eerste rij !!) en ik kan dat ook wel smaken. Tenslotte heeft Spotify vastgesteld dat ik 233 verschillende genres heb beluisterd het afgelopen jaar. Dat is natuurlijk zever, ik luister maar naar één genre : het goeie muziekgenre

Huis ter Heide

Zo’n midweek vliegt voorbij.

Vandaag moesten we terug naar huis. Maar vóór we dat deden maakte ik nog een tussenstop in De Moer om een wandeling te maken door Natuurgebied Huis ter Heide.

Dat domein is zo’n 1.000 hectare groot maar 35 hectare is ingericht als natuurbegraafplaats.

Ik had daar al veel over gehoord maar had het nog nooit gezien. Het heeft wel iets. Grafzerken zie je er niet. Op elk graf ligt een “boomstronk”. Heel mooi, heel sereen.

Verder is het een heel mooi domein om over te wandelen.

De wandeling

Enkele foto’s (klik op de foto voor een groter exemplaar)

Drimmelen, de Biesbosch en de schaatsbaan van Kaatsheuvel

Vandaag gingen we eindelijk doen waar we deze midweek voor geboekt hadden : varen.

Het was eigenlijk de bedoeling dat we dat afgelopen maandag zouden gedaan hebben met een tocht van Drimmelen naar Antwerpen (en daarna met de bus terug naar Drimmelen). Maar deze tocht werd jammer genoeg geannuleerd vanwege te weinig deelnemers. Blijkbaar is 4 man te weinig?

Dan maar een nieuwe tocht geboekt bij Rederij Zilvermeeuw : de Marktocht, een tocht van een uur of zeven inclusief lunchbuffet. Helaas, ook deze werd geannuleerd om dezelfde reden.

Wat bleef er nog over: de klassieke twee uur durende tocht door de Biesbosch met een “etagère-lunch”. Die ging wel door.

Vóór we aan boord gingen zijn we nog wel een wandelingetje door Drimmelen en omgeving gaan doen. Dat was met momenten minder “rollator-vriendelijk” maar het ging wel.

Drimmelen is een piepklein dorpje met amper 570 inwoners. In 1421 werd het tijdens de Sint-Elisabethvloed volledig van de kaart geveegd. Rond de Herengracht staan nog enkele 18de en 19de eeuwse huisjes. Er staat ook een standbeeld van een griendwerker. Griendwerkers sneden in drassige gebieden de wilgentenen van verschillende soorten wilgen. De takken en twijgen werden gebruikt voor vlechtwerk van onder andere stoelzittingen.

Na 50 minuten wandelen en 2,75 km op de teller stonden we terug aan de auto.

De wandeling:

Enkele foto’s (klik op de foto voor een groter exemplaar):

Om 11u45 konden we dan inschepen. Omdat we twee annuleringen hadden moeten doorstaan kregen we van de Zilvermeeuw twee jetons voor een gratis consumptie. Dat vond ik wel heel sympathiek.

Twee uur varen door de Biesbosch en tegelijkertijd lekker eten : dat valt altijd mee.

De boottocht:

Enkele foto’s (klik op de foto voor een groter exemplaar):

Om de dag af te sluiten hebben we nog een korte wandeling gemaakt van ons huisje naar de schaatsbaan van de Loonse en Drunense Duinen. De Kaatsheuvelse ijsbaan is geen natuurlijk ven. De plas is gegraven door mensenhanden. Tijdens de crisisjaren 1929-1940 zocht het Rijk een werkverschaffingsproject om werklozen aan werk te helpen. De gemeente Loon op Zand had wel een idee: een ijsbaan om bewoners tijdens die economisch moeilijke jaren wat winterplezier te bieden. Graafmachines bestonden al, maar om de werknemers bezig te houden, mocht het graafwerk niet te snel klaar zijn. Al het zand moest met de schop worden afgegraven en met kruiwagens worden afgevoerd.

De wandeling:

Enkele foto’s (klik op de foto voor een groter exemplaar):

Kasteel Heeswijk en Kamp Vught

In de voormiddag van de derde dag van onze midweek in Noord-Brabant had ik een wandeling gepland op het domein van Kasteel Heeswijk.

In 1080 was er op die plaats al een motte, later werd dat een kasteel.

Kasteel Heeswijk heeft meerdere malen een rol gespeeld in de geschiedenis. Het lukte prins Maurits rond 1600 tot tweemaal toe niet om het kasteel in te nemen. Zijn halfbroer Frederik Hendrik slaagde daar in 1629 wel in, zodat hij vervolgens ‘s-Hertogenbosch kon belegeren. In 1672 was de Zonnekoning Lodewijk XIV een ongenode gast op Kasteel Heeswijk tijdens zijn strijd tegen de Republiek. De verdedigingswerken worden vernietigd en het kasteel verwordt tot een buitenhuis. Aan het eind van de 18e eeuw gebruikte Pichegru, generaal van de Franse Revolutie onder leiding van Napoleon, het kasteel nog als hoofdkwartier.

In 1835 kocht gouverneur André baron van den Bogaerde van Terbrugge het in verval geraakte kasteel en startte meteen een grootse verbouwing. Toen die in 1855 overleed kwam het kasteel in het bezit van zijn zoon, jonkheer Donat Théodore Alberic van den Bogaerde van Terbrugge (jawel, diezelfde jonker met zijn treinhalte aan het Kasteel Nemerlaer waar we gisteren waren).

Het kasteel zelf hebben we niet bezocht maar we hebben wel een wandeling van 3 km over het domein gemaakt:

Enkele foto’s (klik op de foto voor een grote exemplaar)

Lunchen deden we in Vught bij Loetje. Conny had me gezegd dat ik zeker de steak moest proberen en aangezien ik altijd luister 😉heb dat ook gedaan. Ze had (weer) gelijk: de steak was zalig.

Na de lunch was het maar een paar minuutjes rijden naar Nationaal Monument Kamp Vught.

Dat is een herdenkingsplaats met museum over Konzentrationslager Herzogenbusch, beter bekend als Kamp Vught dat daar in de Tweede Wereldoorlog gevestigd was. Het bevindt zich op de noordoostpunt van het voormalige kampterrein.

Op het buitenterrein bevindt zich een nagebouwde halve barak, nummer 13b, en een aantal nagebouwde wachttorens. De wachttorens zijn lager dan de originele torens, omdat men anders over de muren van de verderop gelegen gevangenis heen zou kunnen kijken.

Het voormalige crematorium van het concentratiekamp staat ook op het buitenterrein, het is het enige museumonderdeel dat niet gereconstrueerd is.

In totaal werden er ruim 31.000 mensen in het kamp gedetineerd.

Aan de achterzijde van het gebouw bevindt zich het Monument der verloren kinderen. Op 6 en 7 juni werden immers vanuit dit kamp zo’n 1.000 Joodse kinderen via Kamp Westerbork naar vernietigingskamp Sobibor gedeporteerd.

In het kamp zelf zijn zeker 735 mensen om het leven gekomen. Het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk iets hoger. Zo zijn er officieel 329 personen, onder wie 36 Belgen, geëxecuteerd in Vught. Die Belgen werden nog dezelfde dag of de dag na aankomst opgehangen. Ze waren bijna allemaal door de Duitse bezetter in een militair proces ter dood veroordeeld wegens sabotageacties. Het vonnis moest met de strop ten uitvoer worden gebracht. Van veel van de veroordeelden is bekend dat het communisten waren.

Na het bezoek aan het museum zijn we nog naar de fussilladeplaats gewandeld zodat we weer 3,4 km op de teller hadden.

De wandeling:

De foto’s (klik op de foto’s voor een groter exemplaar)

Annanina’s Rust en Domein Nemerlaer

Annanina’s Rust & Nemerlaer

Tweede dag van de “midweek met moeder” in Brabant. Op het programma stonden twee (rolstoel)wandelingen

Onze eerste stop was Annanina’s Rust.

Dat is een natuurgebied van het Brabants Landschap van 151 ha dat ligt tussen Hilvarenbeek en Diessen. Het bestaat uit een oud landgoed met loof- en naaldbos. Het is in 1899 gesticht door Emile Huijsmans, die leefde van 1850 tot 1920 en die notaris was te Diessen. Het is vernoemd naar zijn maîtresse, een Russische, die een huisje had op het landgoed.

Het zuidwestelijk deel van het landgoed is aangelegd in Engelse landschapsstijl. Hier staan monumentale eiken en beuken en twee boswachterswoningen uit 1940. Er zijn ook vele rhododendrons aangeplant. Het overige deel bestaat voornamelijk uit naaldgoedaanplant en werd ook voor de houtproductie gebruikt.

Tegenwoordig is het landgoed bezit van het Brabants Landschap.

De wandeling (2,50 km) :

Enkele foto’s (klik op de foto voor een groter exemplaar)

Lunchen deden we in het restaurant van het Fletcher Hotel in Oisterwijk. Daar waren ze trouwens al volledig klaar voor Kerstmis.

Van het hotel was het maar 10 minuutjes rijden naar onze volgende wandeling : Domein Nemelaer in Oisterwijk.

Het landgoed omvat 165 ha. Het gebied is sinds 1964 eigendom van de stichting Het Brabants Landschap, evenals het bijbehorende Kasteel Nemerlaer waaraan het landgoed zijn naam ontleend. Het kasteel is vernoemd naar het riviertje de Amer (later Nemer) en Laer (open plek in het bos).

Het kasteel wordt voor het eerst genoemd in 1303, als woning van ridder Geerlinck van den Bossche. Kasteel Nemerlaer werd in 1718 gerestaureerd en gedeeltelijk verbouwd. In 1852 werd het kasteel eigendom van jonkheer Donat Théodore Alberic van den Bogaerde van Terbrugge. In 1880 volgde een verbouwing van het kasteel met een uitbreiding aan de achterzijde met serres en een middenpaviljoen. De rest van het gebouw werd van een beklamping voorzien.

In een berucht geworden testament bepaalde de jonkheer wegens onmin met zijn familie dat het huis bijna 70 jaar onbewoond moest blijven, dit lot trof ook kasteel Heeswijk.

Toen er in 1865 plannen waren om een spoorlijn dwars door het domein te leggen gaf de diezelfde Jonkheer Donat toestemming op voorwaarde dat hij een fikse vergoeding kreeg EN dat hij een privé-opstapplaats kreeg. Als hij de trein wilde nemen dan zwaaide zijn butler met een rode vlag en dan stopte de trein. Dat recht bestaat trouwens nog altijd voor de beheerders van het domein.

Aan de inkom van het domein staat sinds 2011 het standbeeld “Droomtijd voor de Raaf” van de kunstenaars Kees Wevers en Jaqueline van der Laan.

De wandeling (2,75 km):

De foto’s (klik op de foto voor een groter exemplaar)