Arboretum van Kalmthout (nog eens)

Toen we afgelopen zondag het arboretum bezochten zei ik onmiddellijk tegen Conny dat ik daar zeker nog eens met mijn moeder en mijn tante moest terugkeren. Eerder dit jaar hadden we al de Japanse tuin in Hasselt gedaan maar die was wat tegengevallen dus ik had nog wat goed te maken.

En aangezien ik vandaag nog een dagje vakantie had leek het de uitgelezen dag om even naar Kalmthout te rijden.

We waren er bij de eerste bezoekers van de dag en al was ik er pas eergisteren geweest, het leek wel en andere tuin. Veel had misschien te maken met de druppels die aan alle bloemen en planten hingen. Het was in ieder geval een andere ervaring.

Gelukkig had ik mijn fotocamera weer mee want ook al had ik zondag een pak foto’s genomen, ook vandaag stond er weer een flink aantal op de SD-kaart.

Voor de Vlaamse Gaai was ik niet snel genoeg, voor het eekhoorntje nog net wel (al ging hij bijzonder snel).

Na het Arboretum zijn we gaan lunchen in Café de Trappisten in Westmalle om daarna nog een bezoekje te brengen aan Domein de Renesse in Oostmalle. Nog een laatste tussenstop in het even verder gelegen Mariaoord op de baan naar Wechelderzande en we konden terug naar huis. Net op tijd trouwens want een kwartiertje nadat we thuis waren gingen de hemelsluizen open.

Beide dames hebben genoten van hun dagje uit. Missie geslaagd!

Arboretum van Kalmthout

Mooie liedjes duren niet lang. Vandaag was na 6 dagen ook ons liedje uit. En het feit dat Astrid Stockman in dezelfde ruimte aan het ontbijten was hielp zelfs daar niets aan.

Maar wij zeggen dan “don’t cry because it’s over, smile because it happened”.

Vóór we terug richting Peulis reden hebben we eerst nog een fietstochtje van zo’n 30 km gemaakt. De auto mochten we zonder problemen op de parking van Hotel Jerom laten staan. Als je in de buurt bent en je zoekt een plaatsje om te overnachten, probeer zeker eens of je bij hen terecht kan. We werden er prima ontvangen. Avondmalen kan je er niet maar daarvoor kan je terecht bij de buren van de Heihoeve.

Ons laatste fietstochtje bracht ons ook naar het Arboretum van Kalmthout, een waardige afsluiter van onze zalige vakantie.

Het Arboretum Kalmthout is een van de oudste en meest gevarieerde bomen- en plantentuinen in Vlaanderen.

De boomkwekerij van kweker Charles Van Geert lag in 1856 aan de basis van dit arboretum. Van Geerts opvolgers, Robert en Jelena de Belder-Kovačič maakten er na 1952 hun privé-verzameltuin van en zorgden voor een uitbreiding met vele zeldzame houtige gewassen. Bijzonder is de wijze waarop de wetenschappelijke plantencollectie in de architectuur van de tuin is opgenomen. De schikking van de bomen en planten is zo opgevat dat men het gehele jaar door kan genieten van de afwisseling van kleuren en geuren. Binnen de plantenverzameling zijn de toverhazelaars het meest bekend. In januari en februari vinden ter gelegenheid van de bloei van de oude en breed uitgegroeide struiken in de tuin de Hamamelisfeesten plaats.

Het vroegere zomerverblijf van de oprichter, de parkvilla Vangeertenhof, werd gerenoveerd en doet dienst als tentoonstellings- en evenementenruimte.

Het arboretum is aangesloten bij Botanic Gardens Conservation International, een non-profitorganisatie die botanische tuinen samen wil brengen in een wereldwijd samenwerkend netwerk om het behoud van de biodiversiteit van planten te bevorderen. (Bron : Wikipedia)

En daarmee is onze “zomervakantie” een feit.

We hebben nog maar eens geleerd dat je echt niet ver moet gaan om te kunnen genieten van een vakantie. België is zeker mooi genoeg. Het enige dat je nodig hebt is een betrouwbare reisorganisator (zoals VOS Travel), een fijn hotel (zoals Hotel Jerom) en een goed restaurant (zoals De Heihoeve).

Aan het weer kan je niets veranderen, dat moet je nemen zoals het is. Maar verder moet je er gewoon het beste van maken. Gelukkig lukt ons dat elke keer weer. Het aftellen naar de volgende vakantie kan beginnen.

Grenspark Kalmthoutse Heide

Onze laatste volledige dag in het noorden van de provincie Antwerpen. De overige twee tochten uit het boekje van VOS Travel leken ons met 65 km net iets te lang.

Dan maar zelf iets ineen geknutseld van zo’n 45 km.

We vertrokken door de Kalmhoutse Heide, of beter Grenspark Kalmthoutse Heide want het natuurgebied van zo’n 60 km² is grensoverschrijdend.

Het grenspark ligt op het grondgebied van de gemeenten Woensdrecht, Kalmthout, Stabroek en Essen. Het ligt even ten oosten van de Brabantse Wal, de overgang van het lage Zeeuwse land en de hogere zandgronden van Brabant.

Het zwaartepunt van het park ligt in Vlaanderen met het drukbezochte Staatsreservaat de Kalmthoutse Heide. Het Nederlandse deel is rustiger. In het gebied liggen enkele landbouwenclaves met weilanden.

Het grenspark ligt in een gebied dat zijn huidige vorm heeft gekregen aan het einde van de laatste ijstijd. Toen voerden de westenwinden grote hoeveelheden zand aan. Daardoor werden duinen gevormd, die – zolang het zand niet werd vastgehouden door begroeiing – naar het oosten wandelden. Vanaf de Brabantse Wal strekt dit duingebied zich 25 km naar het oosten uit. Het nationaal park is door die duinen reliëfrijk.[1]

In het Vlaamse deel van het park is meer heide en stuifzand bewaard gebleven. Het Nederlandse deel is vanaf het eind van de negentiende eeuw voor een groot deel met naaldbomen beplant. Hier wordt een deel van dat bos gekapt om de open terreinen aan beide zijden van de grens beter met elkaar te verbinden.

De vennen in het gebied zijn ontstaan doordat op sommige plaatsen het zand weer werd weggestoven tot aan het grondwater. Er zijn ook vennen, die hun oorsprong vonden in het afgraven van veen of zandwinning. (Bron : Wikipedia)

Toen we onderweg even stopten om iets te drinken of iets te eten merkten we wel dat men in Nederland toch net iets anders tegenover Covid-19 staat dan bij ons. Weinig of geen mondmaskers te zien.

Het was alweer een mooie rit. Helaas moeten we morgen al terug naar huis.

Abdij van Westmalle

Vandaag terug een echte fietstocht gedaan : rondrit 1 uit het boekje van VOS Travel die ons naar de Abdij van Westmalle zou brengen.

We vertrokken via Brasschaat  waar we na 9 km fietsen het vliegveld van Brasschaat aan onze linkerkant zagen liggen. Sinds 1910 is er constant vliegactiviteit geweest op dit vliegveld dat een onderdeel is van de militaire basis van Marie-ter-Heide. Op 16 april 1913 werd hier het eerste squadron van de compagnie des Aviateurs, de voorloper van de Belgische Luchtmacht, opgericht. Nu is het de thuisbasis van de Koninklijke Aeroclub Brasschaat.

Via de villawijken van Brasschaat bereikten we na 17 km de antitankgracht. Deze werd tussen 1937 en 1940 aangelegd om Antwerpen en zijn haven te beschermen tegen tanks. De gracht verbond de Schelde met het Albertkanaal. Hij is 33 km lang, 18 meter breed en minstens 2 meter diep. Het is het langste natuurgebied van Vlaanderen en telt 5 forten, 2 schansen (kleine forten) en een veertigtal bunkers van 3 verschillende types.

Ter hoogte van de E10 plas moesten we even het jaagpad verlaten maar dat gaf ons dan weer de gelegenheid om de kunsten van een waterskiër te bewonderen.

Na een kleine 20 km bereikten we het Kempisch kanaal, één van de 7 kanalen tussen Maas en Schelde. Het Kempisch kanaal is 63 km lang en verbindt het Kanaal Bocholt-Herentals in Dessel met het Albertkanaal in Schoten. De bouw begon in 1844 maar het zou tot 1875 duren voor het over de hele lengte afgewerkt was.

We reden verder via Schilde en na een kleine 30 km bereikten we de Abdij van Westmalle. Deze abdij is eigenlijk ontstaan als boerderij in 1794 toen monniken van de abdij Notre Dame de la Grande Trappe uit Soligny-la-Trappe (Normandië) op de vlucht sloegen tijdens de Franse Revolutie. Enkelen van hen zochten toevlucht in Westmalle. Tot 1836 deed de boerderij dienste als klooster waarna ze officieel een abdij werd. Een kerk, klooster en gastenkamers werden opgericht. Ze begonnen ook met het brouwen van hun eigen bier, aanvankelijk voor eigen gebruik, vanaf 1856 ook voor de verkoop.

Wij maakten van de gelegenheid gebruik om even onze route te verlaten en in het nabijgelegen café een smakelijke croque monsieur met abdijkaas te verorberen. We hebben er geen Trappist bij gedronken, geen Tripel, geen Dubbel en ook geen Extra.

Na de lunch ging het verder via de Scherpenbergmolen van Westmalle. Verder naar Brecht en Wuustwezel om na ruim 66 km terug de parking van Hotel Jerom op te rijden. Alweer moe maar voldaan.

Steve McCurry en het Afghaanse meisje

Geen fietstochtje vandaag op de derde dag van onze fietsvakantie. Nu ja, een kleintje namelijk van Hotel Jerom naar het station van Heide, een kleine 2 km verder.

Onze bestemming voor vandaag was immers Antwerpen. VOS Travel had wel een fietstocht naar de Koekenstad in haar boekje staan maar wij kozen voor de trein.

We wilden vooral naar de Waagnatie waar een fototentoonstelling rond Steve McCurry plaatsvindt op dit moment. De naam Steve McCurry zegt je misschien niet zoveel maar zijn foto “Afghan Girl” die in juni 1985 op de cover van National Geographic stond heb je ongetwijfeld al wel eens gezien.

McCurry studeerde aan de Pennsylvania State University, aanvankelijk film maar hij studeerde af in de podiumkunsten. Hij raakte geïnteresseerd in fotografie toen hij foto’s nam voor de universiteitskrant.

Zijn carrière als fotojournalist begon met de Russische bezetting van Afghanistan. Hij vermomde zich in inheemse kleding en verborg fotorolletjes in de zomen. Zijn foto’s behoorden tot de eerste foto’s van het conflict en werden vaak gepubliceerd.

McCurry vervolgde zijn carrière met het verslaan van een hele reeks internationale conflicten, telkens in Azië. Zijn foto’s worden vaak gepubliceerd. Sinds 1986 is hij lid van Magnum Photos.

In 1984 maakte hij in een vluchtelingenkamp een foto van de toen 12-jarige Sharbat Gula. Hij heeft haar nauwelijks een paar minuten gezien maar de foto met de doordringende ogen werd wereldberoemd toen hij in 1985 de cover van National Geographic sierde. In 2002 is hij erin geslaagd om haar terug te vinden en heeft hij ervoor kunnen zorgen dat ze een deftige woning kreeg en dat haar kinderen naar school konden gaan. (Bron : Wikipedia).

De tentoonstelling is een must voor fotoliefhebbers.

De rest van de dag hebben we door Antwerpen gekuierd waarbij we wel de drukke plaatsen hebben vermeden. Nog eens gaan lunchen in de Shilling, nog eens in Stripwinkel Beo binnengaan … het deed deugd.

En we hebben ruim 13 km op onze wandelteller staan. Dat is ook niet slecht.

Morgen gaan we weer fietsen.

Naar Zundert

Eerste “echte” dag van onze vakantie. Het ontbijt dat ze ons in Hotel Jerom voorschotelden was zeker lekker maar ikzelf heb het liever iets “Breugheliaanser”. Niets mis met een paar dikke schellen kaas en hesp 😉.

Maar we zijn zeker niet met honger aan onze fietstocht begonnen. We kozen vandaag voor rondrit 2 van de 4 ritten die VOS Travel voor ons heeft uitgestippeld. Deze tocht zou ons naar Zundert brengen.

Het was een beetje frisjes om te starten maar dat werd al snel beter. Via wijde velden bereikten we na een kleine 20 kilometer de Nederlandse grens. Nog een 5 kilometer later bereikten we Zundert waar we een drank- en planpauze inlasten. 

Zundert is een klein Brabants dorpje dat ongeveer zo groot is als Vorselaar en waarvan er zoveel zijn. Met dat verschil dat in Zundert ene Vincent van Gogh is geboren. Zijn vader was daar immers van 1849 tot 1871 dominee. Ook de drie zussen en twee broers van Vincent werden er geboren en gedoopt.

Het geboortehuis van Vincent zelf werd al in 1903 gesloopt maar op de plaats waar het stond is nu het Vincent van Gogh huis (dat we niet bezochten). Aan de kapel waar Dominee Van Gogh predikte staat ook een standbeeld van de broers Vincent en Theo. In de sokkel zit aarde uit de tuin van het ziekenhuis waar Vincent werd verpleegd. Dat zand werd geschonken door de Franse gemeente Saint-Remy-de-Provence.

In Zundert hebben we ook onze lunch gekocht die we onderweg op een bankje met smaak hebben opgegeten.

Na ruim 40 km reden we in Essen terug de Belgische grens over. Nog eens 20 km verder waren we terug aan Hotel Jerom, moe maar voldaan.

Vakantiemodus

Hoewel ik officieel al sinds vorige vrijdag met vakantie ben, ben ik pas sinds vandaag echt in vakantiemodus.

Afgelopen vrijdag thuis nog wat klusjes gedaan en in de namiddag met de fiets (en met moeder) een ijsje gaan eten bij het IJssloeberke in Tielen. Zaterdag zou mijn vader 86 geworden zijn. In de voormiddag nieuwe bloemetjes op het kerkhof gaan zetten en in de namiddag met moeder een wandeling gedaan die daar passeerde.

Zondag met mijn styliste Conny gaan shoppen voor nieuwe bermuda’s. Die had ik echt wel nodig. Dat het nadeel (nu ja) van afvallen hè maar wel een nadeel dat ik er graag bijneem.

Zelfs gisteren was er nog niet echt een vakantiegevoel. Even gaan winkelen in Heist-op-den-Berg en daarna, voor de eerste keer in mijn leven, een haag geschoren. En al zeg ik het zelf, ik was best tevreden met het resultaat.

Nadeel is wel dat ik ondertussen vol mugge- en dazenbeten sta. Bij de laatste telling waren het er een dertigtal. Vooral voor dazenbeten ben ik gevoelig. Dat zorgt vrij snel voor zwellingen. Die verdwijnen ook vrij snel maar zijn toch wel vervelend (vooral wanneer ze bijvoorbeeld op uw oor staan).

Maar vanochtend was het dan zover. Koffers ingeladen, fietsendrager gemonteerd, fietsen er op en weg waren we. Naar waar? Wel … naar het zonnige en exotische … Kalmthout. Echt zonnig was het niet want tijdens onze kennismakingsrit hebben we zelfs wat regen gehad in het begin. Niet genoeg om echt nat te worden maar wel voldoende om een jasje aan te doen.

Vanaf morgen volgen we de ritjes die VOS Travel voor ons heeft uitgestippeld.

Als alles zo goed is als de ontvangst in Hotel Jerom dan komt dat wel goed.

Vrijbroekpark

Afgelopen vrijdag heb ik van mijn wekelijkse vrije dag gebruik gemaakt om met moeder de verplaatsing naar Mechelen te maken, meer bepaald naar het Vrijbroekpark. Ik ben daar met Conny al vaker geweest, meestal als vertrekpunt van een langere knooppuntenwandeling maar nu was het specifiek de bedoeling om het park zelf en zeker de rozentuin te bezoeken.

De geschiedenis van het ‘Vrijbroek’ klimt op tot 1260, toen een zekere Berthout de Groote, Heer van Mechelen, het oppervlakkig gebruik van de beemden verkocht. Het grootste gedeelte van haar geschiedenis is het Vrijbroek beemdengebied gebleven en werd het gebruikt als weiland.

In 1832 deed het Vrijbroek korte tijd dienst als oefenterrein voor het Franse leger dat langs Mechelen trok om Antwerpen in te nemen. Na het vertrek van de Fransen werd het echter al snel terug door de plaatselijke bevolking als weiland gebruikt. Waar het stadsbestuur reeds verschillende eeuwen de Heer van Mechelen had opgevolgd als bestuurlijk opzichter, kwam in 1865 het Vrijbroek echt in handen van de stad Mechelen. De beemden van het Vrijbroek bleven in gebruik als weiland, doch de gebruiker moest nu inwoner van Mechelen zijn. Deze toestand blijft onveranderd tot de eerste helft van de 20ste eeuw.

Een aanzienlijk gedeelte van het gebied werd in 1929 door de provincie gekocht en opengesteld voor het publiek. Het park dat nu de oostelijke helft van het Vrijbroek beslaat, dateert uit deze periode en wordt gekenmerkt door bospercelen die van elkaar worden gescheiden door een dichte padenstructuur en een grachtenstelsel. Verder omvat het een opvallende rozentuin en de resten van een voormalige spiegelvijver. Vandaag wordt het als Provinciaal Domein sterk getekend door recreatieve infrastructuur. Van de oostelijke helft van het Vrijbroek ging een gedeelte verloren door de aanleg van de autosnelweg E19 Antwerpen-Brussel.  (Bron : inventaris.onroerendgoed.be)

De rozentuin staat nu heel mooi in bloei al zijn er altijd wel struiken waarvoor je ofwel te vroeg ofwel te laat bent. Ook de andere tuinen zoals de Dahliatuin is een bezoekje waard. Een wandeling rond de vijvers werd afgerond met een heel smakelijke koffie op het terras van Brasserie ’t Park.

Daarna was het snel naar huis en terug in de auto naar Nijlen waar ik een kennismaking had met Padellen als teambuildingactiviteit. Ik heb nog altijd een beetje spierpijn maar zo’n avondje in het gezelschap van collega’s die je in maanden niet meer in levende lijve had gezien was wel heel erg leuk.

Zondag rustdag

Na een drukke vrijdag met een trimestriële controle bij de dokter en een bezoekje aan het Vrijbroekpark in Mechelen met moeder en een avondje padellen als teambuilding en een drukke zaterdag met enkele uren onkruid wieden in de tuin en daarna een wandeling van een kilometer of vijf was het vandaag tijd voor een rustdag. Over vrijdag en zaterdag volgt later wel een bericht.

De dag begon al heel goed toen we tijdens het ontbijt op het terras minstens 15 ooievaars zagen rondcirkelen boven Peulis. Je zag ze omhoogcirkelen, gebruikmakend van de thermiek. Een machtig zicht is dat. Even later kwamen ze wat meer naar beneden. Jammer genoeg is er geen enkele geland in de tuin. Dat vond ook de kat jammer want die leek wel geïnteresseerd in zo’n hapje.

Na de middag hebben we dan de fiets genomen en nog een laatste training gedaan vóór onze fietsvakantie later deze maand.

Via het fietsknooppuntennetwerk fietsten we via Onze-Lieve-Vrouwe-Waver en Koningshooikt naar Lier om dan via de oevers van de Nete naar Duffel te fietsen en via Sint-Katelijne-Waver en Bonheiden terug naar Peullis te keren.

Een hele mooie fietstocht, tussen de velden en langs het water. Meer moet dat niet zijn. Soms wel een omleiding vanwege werken (de ene keer perfect aangegeven, de andere keer helaas niet maar dan helpt de Garmin e-Trex ons altijd om het juiste pad te vinden.

Nog één weekje werken vanaf morgen en dan kan de beugel er nog eens af. Het zal deugd doen.

Stormachtig en rustig weekend

Ondanks het stormachtige begin afgelopen vrijdag toch een heel rustig weekendje gehad.

Vrijdag leek het erop dat Conny me met de Ark thuis zou moeten komen oppikken in plaats van met de auto. Talloze ondergelopen straten tussen Peulis en Vorselaar zorgden ervoor dat de rit van heen en terug zo’n 60 km ruim 2 uur duurde.

Gelukkig bleef het de rest van de avond rustig.

Zaterdag stonden we echter al snel terug in de file. Normaal gezien is een ritje Peulis naar Aarschot een halfuurtje rijden. Nu hebben we ruim een half uur nodig gehad om de laatste drie kilometer te overbruggen. Bleek Aarschot namelijk de startplaats van Dwars door het Hageland te zijn. En leek het ook dat de organisatie daaromtrent niet zo goed was dan het wel zou kunnen zijn.

Afin … we zijn toch op onze bestemming geraakt en hebben een nieuwe paraplu gekocht nadat de “oude” (die we pas in februari of zo hadden gekocht) was afgebroken en meegenomen door de rukwinden van vrijdag. De sukkelaar was nauwelijks open geweest en toch al gekraakt ☹.

Na de middag onze klassieke 5 km wandeling in Peulis gedaan al was het uitzicht minder klassiek. Het leek wel het verdronken land van Peulis. Zelden zoveel water gezien in de buurt. Gelukkig hebben de planten in de tuin de stortbui van vrijdag wel goed overleefd. Die tuin is trouwens heel populair bij vlinders en bijtjes.

Ook vandaag is er 5km gewandeld, ook al was het om een ijsje te gaan eten in Grobbendonk na de copieuze rijsttafel die we hadden afgehaald ter gelegenheid van de verjaardag van broer die dit weekend in Vorselaar een tussenstop maakt op zijn fietstocht doorheen Nederlandstalig België.