Winterwandeling

Vorige week zag ik op Facebook een postje van CC Zwanenberg passeren over Pass Thru Fire, een tributeconcert rond Lou Reed. Ik ken wel wat nummers van Lou Reed maar ik zou niet zeggen dat ik een fan ben.

Maar toen zag ik de namen van de artiesten : Patrick Riguelle (zang/gitaar/lapsteel), Guy Swinnen (zang/gitaar), Axl Peleman (bas), Jan Hautekiet (keyboards), Bjorn Eriksson (zang/gitaar/pedalsteel), Piet De Pessemier (zang/gitaar), Seraphine Stragier (cello/viool/harp), Ron Reuman (drums).

Die eerste vier namen spraken me zeker wel aan en zullen wel door iedereen gekend zijn. Eriksson blijkt Ex-Zita Swoon te zijn en Piet de Pessemier heeft nog bij Monza gespeeld. Seraphine Stragier hebben we nog zien spelen met Jonas Winterland en Ron Reuman drumde o.a. bij Laïs en Kadril.

Zet deze mensen samen op één podium en je krijgt bijna 2 uur top-entertainment in de plaats. Eén van de betere concerten van de afgelopen tijd. Absoluut dus geen spijt van deze last minute beslissing om ticketjes te kopen en richting Heist op den Berg te rijden.

Vandaag weer richting Heist gereden maar halverwege haltgehouden in Beerzel voor de jaarlijkse Putse winterwandeling die elk jaar in een andere deelgemeente plaatsvindt. Vandaag was dat dus Beerzel.

We kozen voor de 6 km (ook al bleek die volgens mijn app wel 7,5 km ver te zijn). Het was een mooie wandeling maar ook een hele zware wandeling. Niet omdat we rond het hoogste punt van de Provincie Antwerpen wandelden (al speelde dat natuurlijk wel mee) maar vooral omdat er nog veel ijs lag. De dooi is weliswaar ingezet maar ontspannen wandelen was op een groot deel van het traject niet mogelijk. Zeker op Beerzelberg zelf was het behoorlijk lastig.

Maar we hebben het toch maar weer gehad.

De wandeling:

De foto’s:

Winterapocalyps

We hebben het overleefd … de “apocalyptische” winterprik van de afgelopen week.

Nu ja, apocalyptisch … zo leek het wel wanneer je de krant opensloeg of radio of tv aanzette. Soms vraag ik me wel eens af hoe we dat vroeger deden, toen er nog geen internet was. Hoe heb ik de winter 1986-1987 en 1987-1988 overleefd? Elke dag met de fiets 8 km naar het station fietsen door weer en wind. Daar aankomen en de ijspegels van de bivakmuts trekken. Het Albertkanaal dat dichtgevroren was. Zelfs de zee bevroor.

Ook in de jaren ’90 was het nog behelpen. Toen had ik al wel een auto maar nog altijd geen internet. Wel ’s morgens een uurtje vroeger opstaan om op BRT Teletekst te gaan zien welke wintercode het was … A, B, C, D of E. Kleurcodes bestonden toen nog niet.

Afin … bij ons in de Kempen viel het nog best mee wat sneeuwval betreft. Maar ik was wel blij dat ik gewoon kan thuiswerken want ik ben geen fan van dit weer. Naast de baan wel maar op de baan … dat hoeft voor mij niet.

De katten zijn er ook geen fan van. Maar je ziet ze nu wel beter lopen😉

De laatste tijd laten ook de hertjes van Peulis zich vaker zien, ze lopen zelfs gewoon door de tuin. Jammer genoeg op momenten dat er geen fotocamera in de buurt is maar ze zijn er wel. Met een beetje geluk worden ze eens gefilmd door het voederhuisje dat ik voor mijn verjaardag heb gekregen. Dat is er immers eentje met camera, wifi-verbinding en vogelherkenningsprogramma … super leuk is dat. Ik probeer binnenkort wel eens wat filmpjes te publiceren op deze blog.

Ik heb ook gemerkt dat niet elke gemeente hetzelfde reageert bij winterweer. In Bonheiden besparen ze blijkbaar serieus op het zout. We hebben vandaag een wandeling van een vijftal kilometer gedaan waarvan de helft op grondgebied Bonheiden en van zout hebben ze daar blijkbaar nog niet gehoord. Met alle gevolgen van dien. De baantjes lagen er spekglad bij. Zelfs te voet was het levensgevaarlijk.

Door Den Battelaer naar het Zennegat (en terug)

Na een vrijdagnamiddag op stap met moeder (naar Laura Lynn in CC De Werft in Geel Godbetert) een zaterdagnamiddag winkelen, shoppen en beginnen met het plannen van onze grote vakantie) trokken we zondag nog eens de wandelschoenen aan.

We zochten het dichtbij namelijk het voetbalterrein van SK Heffen aan de Gentsesteenweg in Mechelen.

Naast het voetbalterrein begint namelijk Den Battelaer, een oud overstromingsgebied tussen de Zenne en het kanaal Leuven-Dijle. We zijn daar al eerder gaan wandelen en toen was het daar vreselijk modderig. Nu lag er meer ijs dan modder. Op een gegeven moment waren we wel heel blij met onze waterdichte Meindls. Het volledige pad was overstroomd, zo’n 10 à 15 cm diep in het midden.

Maar we zijn er met droge sokken door geraakt.

De knooppunten : 80 – 77 – 78 – 79 – 86 – 87 – 88 – 132 – 130 – 131 – 163 – 80

De foto’s:

De wandeling:

Boerenkrijgwandeling

Gisteren was het na al die regen van de afgelopen dagen nog eens vrij deftig weer om te gaan wandelen, tenminste wanneer je een warme winddichte jas en een muts had.

Wij trokken naar Berlaar voor de Boerenkrijgwandeling (knooppunten 31 – 72 – 73 – 74 – 76 – 75 – 11 – 59 – 81 – 31). Dat wandeling was “maar” 6,6 km maar het zou wel een droge wandeling worden.

Over de Boerenkrijg zelf zouden we niet veel te weten komen. Aan de oude pastorie vonden we een infobord maar verder op de wandeling niets meer. Erg was dat niet want het was een leuke wandeling die ons naar het pittoreske Gestel bracht.

Terug naar normaal

Oef … ze zijn voorbij. De vervelendste dagen van het jaar. De jaarwisseling.

Ik ben er nooit fan van geweest van die dagen. Je moet er de kranten maar op nalezen : dronkenschap, vernielingen, vandalisme, ongevallen met vuurwerk …

En waarom? Omdat de aarde nog eens rond de zon is gedraaid. Tenminste, voor ons toch.

Voor de Chinezen is dat pas op 10 februari. En de Joden vieren het in oktober. Die zitten dan trouwens in 5785 in plaats van in 2024.

Als het werk dat vorige week donderdag nog in mijn werkbak lag nu uit die werkbak zou verdwenen zijn dan ha dik misschien nog iets aan Nieuwjaar gehad maar neen hoor, het zat er gisteren nog altijd in.

Akkoord, we hebben zondag en maandag nog eens lekker gegeten maar daar houdt het dan toch ook op?

Afin, waarschijnlijk me nog een dikke week ergeren aan al die mails en telefoontjes die beginnen met “beste wensen” en we kunnen terug “normaal” leven.

Wandelen in het Land van de Rode Ridder

Het eerste weekend van de vervelendste week van het jaar is een feit: Kerstmis.

Hoewel het op Kerstmis mijn verjaardag is (of misschien juist omdat het mijn verjaardag is?) ben ik geen fan van deze tijd van het jaar al valt de Kersttweedaagse nog het beste mee.

In mijn geval betekent dat de avond voor Kerstmis eten bij de schoonfamilie en op Kerstdag bij de familie. Dit jaar had ik voor de gelegenheid nog eens een koud buffet gemaakt.

Afin, we hebben de dagen overleefd en dat hebben we op Boxing Day gevierd met een bijzonder mooie maar wel heel pittige en glibberige wandeling in Holsbeek, meer bepaald in Sint-Pieters-Rode. De wandeling die we gekozen hadden was immers de Horstwandeling die, zoals de naam doet vermoeden, vertrekt aan het Kasteel van Horst.

De Heren van Horst woonden hier al in de 13e eeuw, de karakteristieke vierkante donjon dateert uit de 15e eeuw. In de 17e eeuw liet de adellijke bewoonster, Maria-Anna van den Tympel, twee vleugels aanbouwen rond de binnenkoer en voerde belangrijke verfraaiingswerken uit. Zij liet ook het wagenhuis bouwen, waar nu het bezoekerscentrum met erfgoedwinkel en een gezellig streekgasthof gevestigd zijn.

Het kasteel, met zijn grote vijver annex slotgracht, is ook de thuishaven van stripfiguur De Rode Ridder van Willy Vandersteen.

Knooppunten : 143 – 141 – 142 – 133 – 134 – 167 – 135 – 136 – 137 – 138 – 139 – 140 – 144 – 143 (9,3 km).

Dijlepad of Dijlevallei?

Zo net voor de feestdagen leek het ons een goed idee om nog eens een frisse neus te halen. De boodschappen hadden we gisteren al gehaald en morgen gaan we koken voor overmorgen dus bleef er enkel nog vandaag over.

We kozen voor de Dijlepadwandeling of voor de Dijlevalleiwandeling, ik heb dezelfde wandeling onder die 2 namen teruggevonden.

De wandeling vertrekt eigenlijk aan het bruggetje van Hollaken in Rijmenam maar daar raak je de auto niet kwijt. Wij zijn dus verder gereden richting Haacht en hebben de auto achtergelaten aan de kerk van Sint Adriaan waar er wel ruime parking is (en waar je onmiddellijk op de route zit).

De wandeling gaat dan richting Boortmeerbeek waar je door Ronsdonk en het Boortmeerbeeks Broek wandelt. Zo bereik je dan het jaagpad langs de Dijle in Rijmenam om zo terug naar Sint Adriaan in Haacht te wandelen.

Een frisse neus hebben we zeker gehaald, daarvoor was er ruim voldoende wind. Maar we zijn wel droog gebleven.

De knooppunten (vanaf Sint Adriaan): 512 – 511 – 510 – 21 – 20 – 22 – 509 – 508 – 507 – 506 – 505 – 512.

Radio in de mist

Zo’n midweekje vliegt toch wel voorbij hè?

Zeker wanneer het maar tot donderdag duurt. Meestal blijven we tot vrijdag maar omdat we tickets hadden voor de try-out van het nieuwe theaterprogramma van Jasper Steverlinck zijn we deze keer maar 4 dagen weggeweest.

Het was de bedoeling om op die laatste dag, op weg naar huis, een tussenstop te maken in ’s Hertogenbosch. Dat is sowieso een gezellige stad om te vertoeven maar er loopt tegenwoordig ook een tentoonstelling omtrent de familie Breughel.

Dat plan hebben we woensdagavond echter laten varen want het eerst mogelijke tijdslot was om 13u15. Dat had gekund maar dan zou het weer stressen worden om ’s avonds naar Jasper te kunnen gaan.

Als alternatief kozen we dan maar voor Radio Kootwijk dat vlakbij  Hoenderloo ligt.

Radio Kootwijk is een voormalig zenderpark op de Veluwe, ten westen van de plaats Apeldoorn, dat in de eerste helft van de 20ste eeuw een belangrijke communicatieverbinding vormde tussen Nederland en zijn toenmalige koloniën, met name Nederlands-Indië. Het werd gebouwd vanaf 1918. Ook werden er voor werknemers woningen gebouwd, die samen het gelijknamige dorp gingen vormen.

In 1917 stonden er al tijdelijke zend- en ontvangststations voor draadloze telegrafie op de lange golf op de hoogvlakte Malabar nabij Bandoeng op het Nederlands-Indische eiland Java, voor contact met het moederland. Er moest ook nog een tegenhanger in Nederland worden gebouwd. Na bestudering van verschillende locaties viel de keuze op een stuk Veluwe, een dunbevolkte landstreek. In de beginjaren werd de zender nog “Radio Hoog Buurlo” genoemd, naar het meest nabijgelegen gehucht. Ook werd zowel voor het dorp bij de zender als voor de zender zelf de naam “Radio Assel” gebruikt, eveneens naar een dichtbijgelegen plaats.

In 1923 begon het Staatsbedrijf der Posterijen en Telegrafie (P&T), voorloper van de P.T.T., met draadloze transoceanische telegrafie via de lange golf. Op 7 januari 1929 werd op het hoofdkantoor van de toenmalige P&T in Den Haag de radiotelefoondienst officieel geopend voor het publiek door koningin-moeder Emma. Na deze gebeurtenis werden de woorden “Hallo Bandoeng, hier Den Haag” legendarisch.

In maart 1980 werd de laatste en grootste zendmast (212 m hoog) neergehaald. In 1999 verloor het park elke zendfunctie. In 2001 werd alle zenderapparatuur uit de gebouwen gehaald, waarna het terrein in 2004 door de Dienst Landelijk Gebied (DLG) in opdracht van de Nederlandse Staat werd aangekocht van KPN (de opvolger van de PTT). Ongeveer 400 van de aangekochte 450 hectare werd direct overgedragen aan Staatsbosbeheer, de eigenaar van het terrein vóór 1918. Vijftig hectare met daarop ongeveer 15 heel diverse gebouwen bleef in eigendom van DLG. Deze ging op zoek naar een nieuwe eigenaar/exploitant voor de gebouwen.

Het hoofdgebouw van het voormalig zenderpark, Gebouw A, is een rijksmonument. Het gebouw in art-deco-stijl door architect Julius Luthmann ontworpen, met sculpturen van beeldhouwer Hendrik van den Eijnde, is een mengvorm van de Berlijnse en de Amsterdamse School.

Het diende als decor voor de Amerikaanse film Mindhunters (uitgebracht 2004), de Nederlandse film Ver van familie (opnames in 2007) en de 42e editie van Kinderen voor Kinderen. Ook figureerde het als snoepfabriek in de jeugdfilm Mega Mindy en de Snoepbaron. Daarnaast werden er diverse videoclips opgenomen, waaronder Sorry van Kensington, Kijk omhoog van Nick & Simon en Onderweg naar later van Suzan & Freek. Meer recent werd het nog gebruikt als Kazerne Zuidpoort in Arcadia. Het gebouw dient vooral als locatie voor evenementen.

Eerder had de Nederlandse zanger Willy Derby een hit met het nummer “Hallo Bandoeng”. Deze titel is een verwijzing naar de bovengenoemde woorden waarmee koningin Emma de radiotelefoondienst met Nederlands-Indië opende.(Bron Wikipedia)

Het gebied is erg desolaat en de mist maakte het nog wat specialer. We hadden dus een goeie beslissing genomen.

En Jasper Steverlinck? Die was niet goed maar geweldig goed. Een heel intiem en ingetogen concert maar wat een stem. Ik denk niet dat er in België iemand is die een betere stem heeft. Ik heb ‘m al vaker gezien, zowel solo als met Arid en hij heeft mij nog geen enkele keer teleurgesteld.

En zo zag Radio Kootwijk er uit als Kazerne Zuidpoort in Arcadia

Hanzestad Elburg

Na onze wandeldag van gisteren hadden we vandaag zin in iets anders.

Dat “anders” werd het Hanzestadje Elburg waar we al eerder op bezoek waren, ook met de fiets.

Maar dat was in het zomerseizoen en het contrast kon niet groter zijn dan nu. Op deze eerder frisse herfstdag was het er bijzonder rustig om niet te zeggen verlaten. Het komende weekend zal dat wel anders zijn want dan is het “winterfeest” en dat zou, volgens een lokale winkelier zo’n kleine 100.000 mensen aantrekken.

Maar nu was het er rustig maar niet minder mooi of pittoresk.

Ooit was Elburg een vissers- en handelsplaatsje dat rechtstreeks op de Zuiderzee uitkeek en bestond uit een lintbebouwing rondom de huidige Ellestraat en het verlengde daarvan. Elburg en haar vrijheid waren onderdeel van het oude Doornspijk. Een charter van graaf Floris V van Holland van 27 maart 1291 is de oudst bekende schriftelijke bron waarin voor het eerst over Elburg als stad wordt gesproken

Elburg was tot 1798 een van de vijf steden in het Kwartier van Veluwe die in hoge mate zelfbestuur hadden en vertegenwoordigers naar de Statenvergadering in Arnhem stuurden. In de Franse tijd werd het kerspel Elburg omgezet naar een gemeente. Een deel van Elburg is een beschermd stadsgezicht. Verder zijn er in Elburg enkele honderden rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en een aantal oorlogsmonumenten.

Miggelenberg en Spelderholt

Vandaag hebben we het niet ver gezocht. Dat moet ook niet wanneer het wandelknooppuntennetwerk op enkele meters van je deur passeert.

Ik had een route van om en bij 8 km uitgestippeld op het Landgoed Spelterholt (knooppunten 21 – 44 – 42 – 69 – 78 – 66 – 40 – 31 – 52 – 21).

Landgoed Spelderholt ligt tussen Hoenderloo en Beekbergen.

De eerste vermelding van het Spelderholt dateert uit 1730. Er wordt een boerderij ‘het Spelderholt’ aan de Speelweg genoemd. ‘Spel’ is waarschijnlijk een afkorting van het woord kerspel, maar het kan ook op de naalden van naaldbomen slaan. De toponiem ‘holt’ verwijst naar een bos dat timmerhout levert. In elk geval was het gebied een holt dat bij een kerspel hoorde.

Op latere kaarten is de naam Speldermark te vinden. De marke was een deel van het kerspel. De Speldermark is in 1870 ontbonden. Ook komt de naam Spelderveld voor. Samen met het Lierderveld vormde dit het gebied tussen Beekbergen, Hoenderloo en Loenen. Het lag aan de rand van een gebied dat in de volksmond al eeuwen “Het groote zand” heette, een met heide begroeide en door schapen begraasde heuvelachtige vlakte.

In 1905 werden de woeste gronden van Spelderholt aangekocht door jonkheer Louis Frederik Teixeira de Mattos om er een buitenverblijf te stichten. Hij liet de Nederlandsche Heidemaatschappij, waar hij een hoge functie bekleedde, de gronden ontginnen.  In 1921 stond Teixeira de Mattos het landgoed, op ongeveer 14 hectare na, af aan de Staat der Nederlanden.

De bossen van Spelderholt zijn aangelegd voor houtproductie. Ze vallen onder boswachterij Ugchelen-Hoenderloo van Staatsbosbeheer. Het beheer richt zich steeds meer op het in stand houden en vergroten van de natuurwaarden. Het is een Natura 2000-gebied. Door stroperij kwamen hier na 1945 nauwelijks meer edelherten voor. Ter instandhouding van de soort op de Veluwe werd het bos in 1956 onderdeel van een Staatswildreservaat. Er werden drinkplaatsen, voerplaatsen, wildakkers en graasweides aangelegd. De hertenpopulatie groeide weer en in 1988 konden verschillende rasters worden weggehaald. Aan de Ringakker, een oude wildakker in het centrum van het Spelderholt staat een wildkijkscherm dat in 2013 vernieuwd is.(bron : Wikipedia)

Jammer genoeg hebben we aan de Ringakker geen wild kunnen zien. Een paar hertjes, everzwijnen of zelfs een wolf waren welkom geweest.  We hebben het moeten doen met het “wild” dat zich op ons terras te goed deed aan nootjes en dergelijke.