In de stille Kempen …

… op de Purperen Heide

Nu echt stil was de Kempen vandaag niet want het was overal “pokkedruk” op de weg.

Maar de heide ziet wel behoorlijk Purper. Dat hebben we kunnen zien op de Kesselse Heide.

De Kesselse Heide is een provinciaal domein met landschappelijke waarde en heeft een oppervlakte van 43 ha. Het domein is opgericht in 1976 en is sinds 1996 een beschermd landschap.
 

Rommel, tuin, fietsen, wandelen en een verjaardag

Het was me weer een druk (verlengd) weekend.

15 augustus staat de laatste jaren traditioneel voor een fietstochtje naar Boortmeerbeek voor een bezoekje aan één van de grootste (openlucht) rommelmarkten die ik ken. En elk jaar “scoor” ik daar wel iets . Deze keer waren het een aantal stripverhalen maar vooral twee boeken om toe te voegen aan mijn collectie “BRT-jeugdserie-boeken” uit de jaren ’60 en ’70. En dan nog wel van de reeks die mij als jonge knaap milieubewust heeft gemaakt : De Kat.

Vrijdag en zaterdag werd er dan weer het nodige maai- en snoeiwerk in de tuin gedaan maar er was ook nog de tijd voor een korte fietstocht naar Brasserie Gusting o de grens van Grootlo en Keerbergen. Ons eerste idee was om richting Mechelen en het Zennegat te fietsen maar we hadden schrik dat het daar te druk zou zijn. Wij hebben alvast een rustige tocht gehad en onderweg nog wat kunnen genieten van de paarse heide.

De knooppunten: 1 – 74 – 66 – 67 – 82 – 24 – 64 – 69 – 68 – 90 – 84 – 4 – 3 – 2 – 26 – 1 (32km)

En zondag zijn we even terug naar Vorselaar gereden. Moeder werd gisteren 90 jaar en dat zijn we zondag al gaan vieren met een dankmis en een verjaardagsetentje.

Tussen de twee in zijn we 8 km gaan wandelen. Ik had gehoopt op een paar foto’s van een ijsvogeltje of een ree maar het is helaas niet gelukt. Nochtans was mijn broer mee en die ziet altijd en overal ijsvogeltjes en/of reeën maar deze keer dus niet.

Ook volgend weekend zal druk worden want dan vieren we de verjaardag van ons moeder nog eens met de neven en nichten en Conny en ik vormen samen het feestcomité. Dat betekent dus hapjes en dessertjes maken, zaal versieren enzovoort enzovoort …

Bootje Varen

Conny is op fietsweekend met de vriendinnen en daarom vond ik dat ik zelf ook wel een extraatje verdiend had.

Daarom vertrok ik gisteren rond 8u richting Drimmelen, de thuishaven van Rederij Zilvermeeuw. Sinds onze eerste kennismaking tijdens een OKRA-reis zijn we daar al een paar keer teruggeweest. Voor een tochtje door de Biesbosch, voor een brunch- of dinercruise …

Deze keer kozen we voor de Marktocht, een tocht van zo’n 85 km goed voor ruim 7u varen. Inbegrepen was ook koffie met taart bij het inschepen, uitgebreide lunch en snacks in de namiddag.

Via de Amer bereikten we al snel de Amertak om dan via de Marksluis in Oosterhout . Daar namen we niet het Wilhelminakanaal maar wel het Markkanaal. Na ruim 15 km varen bereikten we de Mark die we zo’n 35km zouden volgen.

Langs de Mark worden industriezones afgewisseld met natuurgebieden. Soms moet je al eens vertragen omdat er een brug openmoet. Bij een gewone brug stop je dan het verkeer, bij een spoorwegbrug is dat niet zo eenvoudig.

Ter hoogte van Stampersgat passeerden we de suikerfabriek van Dinteloord, één van de twee resterende actieve suikerfabrieken van Nederland.

Daarna bereikten we via het Dintelsas de Volkeraksluizen, één van de drukste sluizencomplexen van Nederland. Toen we daar doorheen waren ging het over het Hollandsch Diep terug naar Drimmelen.

Een mooie dag ondanks het eerder sombere weer in de voormiddag. Iets minder natuur dan op onze vorige tochten. Moeder heeft er in ieder geval van genoten.

Enkele foto’s:

Botsen, snoeien, steken, fietsen en pendelen

Ligt het aan mij of vliegt de tijd echt zo snel voorbij?

De ene dag post je iets, je knijpt even de ogen dicht en we zitten al bijna twee weken verder.

Het bezoekje aan het Kasteel van Zellaer heeft trouwens nog naweeën gehad. Op weg naar huis zag ik een papieren zakdoekje onder de ruitenwisser zitten. Ik had het bijna achteloos weggegooid tot ik zag dat er iets stond opgeschreven. Blijkbaar had een BMW-rijder mijn wagen geraakt bij het uitrijden van zijn parkeerplaats en was hij of zij gewoon doorgereden. Een attente bezoeker had de reflex gehad om de nummerplaat op te schrijven en had dit dus gemeld via een papieren zakdoekje.

Berichtje aan de leasingmaatschappij, bezoekje aan de politie, afspraak met de hersteller … en dat alles voor nauwelijks zichtbare schade.

Vrijdag dan een korte wandeling gemaakt in het Beekpark in Nijlen en zaterdag een hele dag gevochten tegen een klimophaag en de duizenden insecten die niet zo blij waren met het feit dat ik er met de snoeischaar door ging.

Zondag was er dan tijd voor ontspanning, meer bepaald voor de Aarschotse Buitenband. Dat is een fietstocht in de ruime omgeving van Aarschot georganiseerd door zes lokale afdelingen van de Landelijke Gilden.

Wij kozen voor de 40 km met Werchter als vertrekpunt. De tocht ging via Betekom, Sint Pieters Rode, Holsbeek, Wezemaal, en Rotselaar terug naar Werchter.

Het was een mooie fietstocht al waren er wel enkele minpuntjes. De pijlen waren niet overal even goed aangebracht en voor sommige stukken was een mountainbike meer aangewezen geweest.

Een groot pluspunt was wel de rondleiding in de Watermolen van Rotselaar die nu is omgebouwd tot een woongemeenschap van 9 gezinnen. Malen doen ze er niet meer maar elektriciteit maken wel.

Ondertussen zijn we uiteraard terug aan ’t werken, deze week voor mij zelfs zoals vroeger … elke dag pendelen naar Antwerpen. Ik doe het dan wel met de auto vanuit Peulis en niet met de trein vanuit Herentals. Dat is immers veel ontspannender.

De fietstocht:

Een paar fotootjes

Zellaer

Na twee gevulde weekends (dagje in de tuin werken, dagje bekomen van een dagje in de tuin werken, dagje jaarlijkse reünie met de schoolvriendinnen van Conny en een dagje fietsen) ben ik vandaag nog eens op stap geweest met moeder.

Bij dergelijke temperaturen leek het me een goed idee om ergens in de schaduw te gaan wandelen en het Domein Zellaer in Bonheiden leek me perfect. Ik ben er al tientallen keren gepasseerd en ook al vaak iets gaan drinken in de zomerbar maar door het domein zelf wandelen had ik nog niet gedaan.

De geschiedenis van Kasteeldomein Zellaer gaat wellicht minstens terug tot de 13e eeuw. Toen stond er een waterslot op de plek waar het huidige kasteel nu staan. De eerste bewoner was naar alle waarschijnlijkheid Arnold van Zellaer, een welgesteld kanunnik van Sint-Rombouts. Het domein is sindsdien altijd een gegeerde woonplaats in de rand van Mechelen geweest. Er hebben meerdere hoge geestelijken gewoond, verschillende burgemeesters van Mechelen, een burgemeester van Bonheiden, welgestelde zakenlui, enkele graven en een baron.

Het huidige kasteel is een neo-gotisch waterslot dat gebouwd werd rond 1885. De buitengevel vertoont een robuust uiterlijk met een ophaalbrug, een Donjon, kantelen en schietgaten. De gevelsteen is Gobertange zandsteen die afkomstig is van de afbraak van de stadsomwalling van Vilvoorde. Het interieur van het kasteel vertoont heel wat goed bewaarde elementen die eerder in Renaissance stijl werden uitgevoerd, met prachtig houtsnijwerk en beschilderingen. De structurele elementen zoals de trappen en plafonds werden vaak uitgewerkt in een combinatie van gegoten staal en hout, kenmerkend voor de periode waarin het kasteel gebouwd werd (industriële revolutie).

Het 18,5 hectare grote kasteelpark omvat nog heel wat historische elementen zoals een grachtenstructuur, vijver en dreven die centraal samenkomen in een ster. Heel wat van deze structuren dateren minstens uit de 18e eeuw, gezien ze al zichtbaar zijn op de kaarten van de Ferraris (1771-1778)

In 2017 heeft de gemeente Bonheiden het kasteeldomein gedeeltelijk aangekocht. De vzw Foyer De Charité Bonheiden, een lekengemeenschap van de Katholieke kerk en de toenmalige eigenaar van het domein, bleef ook gedeelde eigenaar van het domein. Kempens Landschap heeft het volledige kasteeldomein in erfpacht genomen voor een periode van 54 jaar.

Je kan het domein zelf verkennen of een wandeling uitstippelen via virtuele wandelknooppunten op Wandelknooppunt.be

Fietsweekend

Het weekend was weer veel te kort maar toch goed gevuld.

Er is vooral veel gefietst.

Zaterdag zijn we in Gierle gaan fietsen. Mijn moeder gaat elke zaterdag met een vriendin kaarten in Gierle. Nu zitten ze wel met het probleem dat hun vaste chauffeur voor een paar weken onbeschikbaar is. En als dan ook nog eens de alternatieve chauffeur verstek moet geven wat moet je dan doen?

Dan koppel je het aangename aan het nuttige, zet je de fietsen op de fietsendrager en rij je van Peulis via Vorselaar naar Gierle en en ga de daar fietsen.

De auto lieten we achter aan de kerk in Gierle en al snel zaten we aan knooppunt 76 waar mijn tocht begon.

In Poederlee weken we even af van het parcours om te gaan eten in het Mollenhof. Vandaar ging het via de Vorselaarse gehuchten Vispluk en Heiken richting Herentals. Via Achterlee en Tielen stonden we na ruim 44 km terug aan het vertrekpunt in Gierle, net op tijd om het einde van de kaartprijskamp mee te maken.

De knooppunten : 76 – 35 – 285 – 16 – 1 – 1 – 18 – 14 – 56 – 95 – 57 – 58 – 36 – 75 – 74 – 76

Ook zondag werd er gefietst. Toen moesten we in Leuven een kat eten gaan geven.

Hiervoor hebben we ook een prachtige knooppuntenroute die hier en daar wel werd verstoord door rockfestivallen en werken. Het vertrek van de tocht is in Rijmenam aan knooppunt 73 (Brug over de Dijle).

In Werchter is het momenteel moeilijk fietsen. Er is uiteraard het festival maar er zijn ook de werken aan de Dijlebrug.

Gelukkig is er daar een prima omleiding voorzien. Een omleiding die quasi door de backstage van Rock Werchter gaat. En dat is echt indrukwekkend. Als je bijvoorbeeld die Barn ziet … dat hadden ze in mijnen tijd toch niet. Een “tentje” waar 20.000 festivalgangers een plaatsje kunnen vinden. Da’s bijna 3 keer de inwoners van Vorselaar!

De tocht ging verder via Wakkerzeel en het wondermooie Wijgmaalbroek maar even verder in Wilsele botsten we weer op werken, deze keer zonder omleiding. Daar besloten we de kortste weg naar Leuven te nemen en de knooppunten even te laten voor wat ze waren. Een paar boterhammetjes en kattenbrokjes later en een smakelijke koffie van de Madmum vertrokken we terug richting Peulis via het Kanaal Leuven-Dijle. Daar is het ook altijd mooi fietsen.

De knooppunten: 73 – 22 – 83 – 23 – 25 – 25 – 71 – 72 – 30 – 35 – 40 – 81 – 4 – 80 – 33 – 12 – 93 – 31 – 32 – 28 – 97 – 20 – 77 – 77 – 41 – 65 – 73 – 73

Enkele foto’s van zondag:

Mooie liedjes

Mooie liedjes duren niet lang en dat geldt dus ook voor vakanties.

Maar we hebben wel geprobeerd om er een leuk einde aan te breien.

Zo gingen we zaterdag naar Antwerpen naar het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen … het KMSKA. We waren te laat om de miljoenste bezoeker te zijn sinds de heropening maar dat kon de pret niet bederven.

Het moet geleden zijn van de middelbare school dat ik daar nog eens was geweest (en dat is dus héél lang geleden). Het is natuurlijk een heel indrukwekkend gebouw, zowel van binnen als van buiten. En ze hebben de indeling ook heel goed aangepakt. De klassieke meesters zoals Rubens en Van Dyck in een klassieke omgeving, de modernere meesters zoals Dali en Ensor in een moderne omgeving.

En gisteren hebben we de fietsen nog eens op de fietsendrager gezet om “op verplaatsing” te gaan fietsen. We kozen voor de Ter Heide fietstocht. Die vertrekt normaal gezien in Rotselaar maar wij kozen Tremelo als vertrekplaats.

Het werd een mooie fietstocht al was het er wel een met hindernissen. In Werchter was er al één en ander afgesloten (iets met een optreden of zo dat daar in de buurt door gaat???). De Dijlebrug was er nog niet open. Dat werd wel opgelost door een prima aangeduide omleiding.

Die omleiding bracht ons quasi achter de schermen van Rock Werchter wat best indrukwekkend was. Ook de vlucht van 18 ooievaars die we daar zagen was heel indrukwekkend.

In Wilsele was er ook een stuk afgesloten maar daar was geen omleiding voorzien en moesten we vertrouwen op de GPS.

Afin, het was een heel mooie fietstocht, zelfs met de probleempjes.

’s Avonds zijn we dan nog lekker gaan eten in Pizza Square in Rijmenam. Eenvoudig maar superlekker.

De knooppunten: Knooppunten 67 – 57 – 58 – 25 – 25 – 71 – 72 – 30 – 41 – 40 – 81 – 82 – 64 – 64 -63 -63 – 62 – 66 – 66 – 67.(Tremelo ligt tussen punten 57 en 58)

Back Home

Ondertussen zijn we al even terug thuis maar het zijn vrij vermoeiende dagen geweest en dan is er de fut niet meer om nog te bloggen.

Maandag was het weer vroeg opstaan om op tijd aan de check in van de ferry te staan. De overtocht verliep weer rimpelloos. 70 km op twee uur, inclusief inchecken, uitchecken en grenscontroles.

Van de ferry ging het eerst naar de auto om de bagage te lossen. Gelukkig stond die er nog met alle wielen en met alle vensters nog intact 😉. Ik heb me daar wel een beetje zorgen over gemaakt.

Daarna even naar de Intra Muros om een hapje te eten en dan terug de fiets op om nog een klein uitstapje te doen.

Dat tochtje ging naar het Domain de la Briantais op een paar kilometer van het stadscentrum.

Het kasteel de la Briantais werd gebouwd in 1864, ter vervanging van een oud landhuis uit de XVIIᵉ eeuw dat toebehoorde aan bekende reders uit Malouin. De familie La Chambre werd eigenaar in 1888. Guy La Chambre, burgemeester van Saint-Malo tijdens de wederopbouw van la cité Corsaire na de Tweede Wereldoorlog, was de laatste bewoner.

Het kasteel, omringd door 27 hectare prachtig park dat in de 19ᵉ eeuw werd heringericht door de gebroeders Bülher, biedt een ononderbroken uitzicht over de monding van de Rance, de Tour Solidor en de baai van Saint-Malo en wordt omgeven door standbeelden en tuinhuizen die door de steegjes slingeren. Nu staat het kasteel helaas nog in de steigers voor een nieuwe restauratie.

Voor het laatste avondmaal heb ik me wel laten gaan. Ik koos voor een fruits de mer schotel : krab, langoustines, garnalen, wukkels en alikruikjes … zaaaaaalig lekker.

Dinsdag weer vroeg uit de veren want er stond nog een lange terugreis op het programma. Onderweg wel wat regen maar al bij al ging het heel vlot. Die regen was voor sommigen erger dan voor ons.

Maar verder geen problemen, tenminste tot we op de Brusselse ring zaten. Voor de 5 km tussen de E40 en de E19 hebben we evenveel tijd nodig gehad als voor de overtocht van Jersey naar Frankrijk. Ruim een uur hebben we daar “gereden”.

En daarmee zit de reis er weeral op. Conclusies? Jersey is een heel mooi land maar als je gaat fietsen is een elektrische fiets geen slecht idee. De korte verplaatsing op de fiets in Frankrijk was niet echt aangenaam. Fietsen doen we toch liever bij onze noorderburen.

Oh ja, en als je nog 5 jaar oude ponden zou hebben … veel kan je daar niet meer mee doen. Behalve naar de bank of de post gaan en ze omwisselen.

Foto’s van de overtocht en van Parc de la Briantais

Sport, turbo en patatten

Het is weeral onze laatste dag op Jersey ☹. Morgen maken we opnieuw de oversteek naar het vasteland.

Onze fietstocht van vandaag zou ons naar het Noordwesten brengen, meer bepaald naar de restanten van Grosnez Castle.

Deze kasteelruïne werd gebouwd in de 14e eeuw .Philippe de Carteret verdedigde het tegen de Fransen toen zij tussen 1461 en 1467 de helft van Jersey in handen hadden, maar het is een ruïne sinds het midden van de 16e eeuw.

De uitzichten zijn er wel prachtig. Dat was ook onderweg het geval maar er is één nadeel aan mooie uitzichten … je moet ervoor meestal voor klimmen. En vandaag zijn we weer serieuze stijgers tegengekomen. Maar ja, dan gaat de fiets op sport of turbo en dat gaat dat zonder problemen.

Wat we ook heel veel gezien hebben vandaag zijn aardappelvelden. Zo ver je kon zien, aan beide kanten van de weg … patatten.

Niet zo maar een patat maar wel de Jersey Royal. Rond 1878 liet een boer uit Jersey, Hugh de la Haye, vrienden een grote aardappel zien die hij had gekocht. Hij had 15 ‘ogen’: punten waaruit nieuwe planten ontspruiten. Ze sneden deze aardappel in stukken en plantten die in een côtil (een steil aflopend veld) boven de vallei van Bellozanne. Eén plant produceerde niervormige aardappelen, met een papierdunne schil, die ze de Jersey Royal Fluke noemden. Dit werd later afgekort tot “Jersey Royal”.

De aardappelteelt is goed voor 70% van de totale groenteteelt in Jersey. 99% van de oogst wordt uitgevoerd naar het Verenigd Koninkrijk.

Om onze dag af te sluiten zijn we nog even naar de zeedijk gereden om daar een ijsje te eten. Dat hebben we wel verdiend.

De fietstocht

De foto’s

Saint Helier

De weersvoorspellingen voor vandaag waren dus slecht, heel slecht. Het zou heel de dag regenen en de wind zou tot windkracht 5 halen.

Daarom hadden we besloten om te voet naar het centrum van Saint Helier te gaan. En toen we vertrokken regende het inderdaad maar heel lang duurde dat niet. Het is quasi heel de dag droog gebleven. Nu ja, klagen doen we daar niet over.

De gemeente “Saint Helier” is genoemd naar Hélier (of Helerius), een 6de-eeuwse ascetische heremiet geboren te Tongeren. Zijn sterfjaar is 555 na Christus. Op zijn naamdag (16 juli) vindt een jaarlijkse processie plaats, waarin inwoners van Saint Helier en oecumenische deelnemers meelopen. Het doel van de processie is de voormalige hermitage van Sint-Helier of Sint-Helerius. Hij leefde op Jersey en stond daar bekend als de kluizenaar die de eilanders waarschuwde voor aanvallen vanaf zee. In Normandië en Engeland is hij bekend om zijn genezende gaven.

Tot het einde van de 18de eeuw bestond de stad voornamelijk uit een lint van huizen, winkels en pakhuizen dat zich uitstrekte langs de duinen naar beide kanten van de kerk van Saint Helier het naastgelegen marktplein (sinds 1751, Royal Square). La Cohue (een Noors woord voor gerechtsgebouw) stond aan één zijde van het plein, nu herbouwd als het Royal Court en het Staten gebouw. Het marktkruis in het midden van het plein werd tijdens de reformatie verwijderd. De ijzeren kooi waarin gevangenen werden bewaard is vervangen door een gevangenishuis aan de westkant van de stad. (bron : wikipedia)

Saint Helier is een gezellig winkelstadje met enkele musea, waaronder het Maritime Museum dat wij bezochten. Dit museum herbergt ook de “Occupation Tapistry Gallery”, een collectie van handgemaakte tapijten die de bezetting door de Duitsers in WWII weergeeft.

Ook aan te raden is een bezoekje aan de Central Market, een combinatie van de overdekte markt in Antwerpen en de Vleeshallen in Mechelen. De iets verderop gelegen Fish Market (Bereford Market) is minder spectaculair maar wij hebben er wel lekker gegeten in een restaurantje dat werd uitgebaat en veel bezocht door Portugezen.

Op de terugweg naar ons appartementje hebben we dan nog het nabijgelegen kerkhof met grafstenen uit de 18de en 19de eeuw bezocht.

Morgen gaan we terug fietsen (volgens de planning).

De wandeling