Het verkeer. Dagelijks hebben we er op één of andere manier wel mee te maken. En dan stel je vast dat je “heren” en “beren” in het verkeer hebt. Helaas zijn er van de tweede categorie meer dan van de eerste categorie, althans dat idee heb ik toch.
Een paar voorbeeldjes ? Als ik ’s avonds van het station van Herentals naar huis rij moet op de Poederlesesteenweg opdraaien. Dat moet één van de drukste wegen uit de buurt zijn en op een gewone werkdag is het al moeilijk om er op te geraken. Nu zijn ze daar aan ’t werken en dat zorg elke dag voor behoorlijk wat file. Dan zit er dus niks anders op van te hopen dat er van de andere kant iemand komt als ik en me er tussen laat. Niet tot mijn verbazing waren het de afgelopen drie dagen telkens vrachtwagenchauffeurs die een “gaatje” lieten vallen en me ertussen lieten.
Andere “beren” ben ik vanochtend tegengekomen. Net zoals de afgelopen dagen was het weer een ware zondvloed in Antwerpen. Gevolg hiervan : grote plassen naast de voetpaden. En dan zijn er dus chauffeurs die, zonder enige snelheid te minderen, het plezant vinden om daar door te rijden zonder ook maar iets rekening te houden met de arme voetgangers die naast die plassen lopen.
Ook ik was zo’n voetganger. Gelukkig had ik een heel grote paraplu bij en liep ik zo ver mogelijk verwijderd van de rand van het voetpad. Enkel de onderste helft van mijn broek heeft een douche gekregen.
Het rotweer heeft er wel voor gezorgd dat ik nog eens een hele week met de trein ben gaan werken. Er was dan ook meer tijd om te lezen zodat het boek dat ik eergisteren begonnen nu al uit is. Het Mozartcomplot leest als een actiefilm, geen Oscarwinner maar wel zo’n film die je probleemloos verschillende keren kunt bekijken. Een duister genootschap, rituele moorden en een held. Meer moet dat soms niet zijn. Volgende boeken op de leeslijst : een trio van historische romans van Arturo Pérez-Reverte met Kapitein Diego Alatriste in de hoofdrol en de tachtigjarige oorlog als achtergrond.
Door het gure weer van de afgelopen dagen staat het lopen deze week op een laag pitje. Gisteren stond er zoveel wind dat ik het risico loopt om achteruit te lopen. En vandaag was ik mijn snorkel en zwembandjes vergeten
. De Jan Van Rijswijcklaan, de Legrellelaan, de Desguinlei … ze stonden allemaal onder water. UEn uiteraard helpt het vele werk ook niet echt. 
Iedereen heeft zo wel zijn eigen karaktertrekjes. Ik dus ook maar daarover heb ik het zo dadelijk. Eerst heb ik het even over het boek dat ik net heb uitgelezen : De Duivel in de Witte Stad van Erik Larson. In dit boek worden twee verhalen verteld. Er is het verhaal van Daniel H. Burnham, de architect achter de wereldtentoonstelling van Chicago van 1892-1893. Een boeiend stukje geschiedenis met enkele interessante weetjes. Zo weet ik nu bijvoorbeeld waar de Engelse benaming van een reuzenrad vandaag komt. Het eerste dergelijke rad werd namelijk door ene mijnheer Ferris gebouwd voor de wereldtentoonstelling van Chicago.


Wat doet dat toch pijn … vroeg moeten opstaan na een week verlof. En dan zeker wanneer je nog eens een extra halfuurtje vroeger opstaat zodat je vóór het werk nog even kunt gaan lopen.
Over die goesting heb ik later nog maar misschien even een update van wat er vóór vandaag gebeurd is. 




Nog een geluk dat zot zijn niet zeer doet want anders had ik vandaag serieus afgezien.
Stilaan moet ik er me toch bij gaan neerleggen.
Wat ik gevreesd had is waarheid geworden. De zware werkweek zou er voor zorgen dat het vandaag een zware training zou worden. En dat is het dan ook geworden.