Back to “normal”

Na een laatste vakantieweekend waarin er in de tuin werd gewerkt (waar blijft dat onkruid toch vandaan komen?) en waarin er werd gewandeld (in Peulis en Koningshooikt) was het afgelopen maandag terug naar de realiteit.

In mijn geval was het zelfs nog iets realistischer dan anders want mijn eerste werkdag na de vakantie was er eentje op kantoor.

En vandaag was het mogelijk nog meer terug naar vroeger.

Vanochtend vroeg met de fiets naar het station van Herentals, daar op de trein naar Antwerpen-Berchem om vandaar met de Vélo naar het werk te fietsen.

Hoe lang zou het geleden zijn dat ik dat nog eens gedaan had? Geen idee. Maar het deed wel deugd. Het was wel een beetje schrikken toen de fietsenstalling die ik kende tegen de grond lag en het stationsgebouw in de steigers staat. Kan je nagaan hoe lang het geleden was.

Vanaf nu zal dat wel meer gebeuren want bij ons worden we vanaf volgende week minstens één keer op kantoor verwacht en vanaf november worden dat 8 dagen per maand (of in mijn geval 6 dagen omdat ik maar 4/5 werk).

Ik ga zoveel mogelijk vanuit Peulis vertrekken want dat kost me amper 25 minuten met de auto. Dat zal vooral op maandag zijn. De andere dagen vertrek ik vanuit Vorselaar maar dat zal dan met de trein zijn.

Afin … ik ben blij dat het donderdagavond is zodat ik aan mijn weekend kan beginnen.

Nog een paar fotootjes van de wandelingen van afgelopen weekend

Oirlandse Heide

Na een rustdag eergisteren en 5 km joggen ben ik vandaag nog eens met moeder gaan wandelen.

Ver zijn we daarvoor niet gereden, nauwelijks 2 km in mijn eigen dorp maar toch ben ik vandaag op plaatsen geweest waar ik nog nooit eerder was.

We vertrokken aan de Schapenstal van Natuurpunt in Vorselaar en volgden de gele wandeling. Een wandeling van zo’n 4,5 km die dus vertrekt aan het Schupleer en dan verder gaat over de Oirlandse Heide, de vroegere naam van het gehucht dat wij nu kennen als het Heiken.

Heel mooie wandeling door de natuur waar er vandaag veel waterjuffers en libellen te spotten waren. Van sommigen heb ik zelfs een foto kunnen nemen.

Mooie Liedjes

Het is alweer waar gebleken … mooie liedjes duren niet lang.

Ons mooi liedje in Limburg – Fietsparadijs is gisteravond ook op z’n eind gekomen.

Na een laatste ontbijt in onze bungalow zijn we op de fiets gestapt voor een laatste tochtje. Deze keer was het er eentje dat ik uit de Pasar van vorige maand had gehaald.

Na het teleurstellende “fietsten door de bomen” en het bijzonder goed meegevallen “fietsen door het water” was het nu de beurt aan “fietsen door de heide”.

Ik kan al zeggen dat “fietsen door de heide” heel erg is meegevallen. Alleen had ik het niet door op het moment dat we erdoor reden. Ik had immers ergens gelezen dat je gedurende een verhoogd platform door de heide zou rijden en wij waren gewoon over een fietsbrug gereden. Weliswaar een heel mooi fietsbrug maar het was een fietsbrug. En daarna volgde een heel mooi stuk doorheen de Mechelse Heide maar ik had de link nog altijd niet gelegd. Zelfs niet na verwoede pogingen van Conny om mij van het tegendeel te overtuigen.

Na onze tocht door de Heide bereikten we het station van As waar we eerder tijdens onze vakantie al een fietstocht waren begonnen. Nu draaiden we daar echter linksaf in plaats van rechtsaf richting Genk.

Via het stadion van KRC Genk bereikten we het THOR Park waar de oude toren van de mijn van Waterschei volop wordt gerestaureerd.

Daarna ging het verder richting Zutendaal. We passeerden weer Sportcomplex Kattevennen met zijn schansen voor snowboarders.

In Zutendaal stopten we aan het enige terras dat open was maar omdat men ons daar (doelbewust?) negeerden zijn we koffieloos doorgereden en hebben nog een koffietje gedronken op het terras van Café Narvik in het Landal Mooi Zutendaal bungalowpark.

En daarmee was onze vakantie afgelopen. Het was een zalige week in Limburg. En een sportieve week want we hebben dik 35 km gewandeld en bijna 240 km gefietst op die acht dagen.

Het aftellen naar de volgende vakantie kan beginnen.

Tongeren

Na de “slopende” fietstocht van gisteren kozen we vandaag nog eens voor een wandeling.

Daarvoor trokken we naar Tongeren. Iedereen kent Tongeren als de oudste stad van België waar Ambiorix en zijn Eburonen tegen de Romeinen vochten.

Ondertussen is niet iedereen het daarover eens en zouden de Eburonen eerder in de buurt van Thuin hebben gewoond. Afin, dat is voer voor historici. Je moet er Wikipedia maar eens op nalezen.

Wij gingen vooral naar Tongeren om eens de wekelijkse Antiek- en Brocantemarkt te bezoeken. Die verspreid zich over een groot deel van de stad en was zeker een bezoekje waard.

Daarna kozen we voor de groene Mijlpaalwandeling. Deze zou ons buiten de stadskern brengen waar het heel aangenaam en rustig wandelen was. Het Kasteel van Betho en het Pliniuspark lagen op de route. Aan het kasteel hebben we ook de extra lus van het Verborgen moois-pad gedaan, ook een aanrader.

Via de site van de Romeinse Tempel ging het dan terug naar het centrum. De wandeling op zich was goed voor ruim 7,5 km, samen met de andere stappen zitten we vandaag toch weer aan 12,5 km.

Klimmen en dalen

Nog steeds in Fietsparadijs Limburg en om onze gastheren eer aan te doen kozen we ook vandaag voor de fiets.

Geen vooraf uitgestippelde route maar wel eentje die ik gisteren zelf in elkaar heb geknutseld via het Fietsknooppuntennetwerk.

Net geen 50 km en het vertrekpunt lag zo’n 3 km van onze bungalow. Dat moest toch zonder problemen lukken?

Al snel zaten we aan het Albertkanaal maar daar koos het netwerk niet voor het lager gelegen jaagpad maar wel voor een (veel) hoger gelegen weg. Het zou de eerste van vele “beklimmingen” zijn.

We bleven het water volgen tot aan Kesselt waar we meer naar het “binnenland” trokken. Tussen de velden met maïs, suikerbiet en boomgaarden ging het op en neer richting Lafelt, Hees, Rosmeer en Grote Spouwen tot aan Alden Biesen waar we even stopten voor een koffietje. Dat was meer dan welkom want sinds we het water hadden verlaten was het nog geen meter plat geweest. Dat heb je wanneer je in het grensgebied van Haspengouw en de Kempen fietst.

We fietsen vrij veel maar het constant bergop en bergaf begonnen we na 40 km toch wel te voelen. Ik ben zelfs twee keer gewoon afgestapt en te voet verder gegaan. Ik was nog wel fris genoeg om NIET over het eekhoorntje, dat zonder kijken de straat overstak (!), te rijden.

Van Alden Biesen ging het verder via Waltwilder, Hoelbeek en Munsterbilzen verder. Het stuk doorheen het Munsterbos hadden we eerder deze week al te voet gedaan. Uiteindelijk stonden er net geen 57 km op de teller.

De knooppunten: 532 – 533 – 65 – 558 – 11 – 88 – 124 – 90 – 81 – 89 – 68 – 67 – 504 – 104 – 69 – 567 – 64 – 532 (50 km)

Langs het water

Na de fietstocht door het water van gisteren kozen we ook vandaag weer voor de fiets. Even gezocht op Google en al snel had ik een fietstochtje van een dikke 40 km gevonden met vertrek in As. Dat is maar 13 km of zo van Zutendaal maar we besloten toch maar om de fietsen op de fietsdrager te zetten en met de auto naar ginder te rijden. Het moet tenslotte plezant blijven.

We waren duidelijk niet de enigen die knooppunt 41 hadden uitgekozen om te vertrekken. De parking stond vol met auto’s met fietsendragers. Het vlakbij gelegen Brasserie ‘t Stasjon (het oude station van As) zal er ook wel iets mee te maken hebben gehad 😉.

Via de oude spoorlijn was het bijna 10 km fietsen naar Dilsen-Stokkem. 10 km die precies altijd bergaf gingen. Heel lekker fietsen was dat.

Via Dilsen bereikten we dan de oude Maas en het Natuurgebied Negenoord-Kerkeweerd. Heel mooi om door te fietsen<.

Dan ging het via de Maas naar Meeswijk en Leut waar we even pauzeerden om te genieten vn een koffie met een lekker stuk Limburgse Vlaai.

Via Vucht bereikten we dan Eisden waar we een heel stuk door de “Cité” fietsten. Totaal verschillend van de natuur die we eerder hadden gehad maar ook dat maakte de tocht van vandaag extra leuk.

Het lastigste hadden ze voor het laatst bewaard : 5 km naast de drukke N763, gelukkig wel op een afgescheiden fietspad. Maar dat fietspad ging wel behoorlijk op en neer. Gelukkig konden we bij aankomst in Brasserie ’t Stasjon nagenieten bij een frisse drank en een lekkere koffie.

De fietsknooppunten : 41 – 501 – 42 – 44 – 48 – 49 – 5 – 56 – 55 – 60 – 551 – 565 – 41

Door het Water

Uitstel is geen afstel.

Hoewel er nog behoorlijk wat ochtendgrijs was vandaag stapten toch op de fiets richting Zutendaal centrum waar we bij punt 251 zouden inpikken op het fietsnetwerk.

De eerste 15 km vielen me eerlijk gezegd een beetje tegen. We passeerden wat winkels en vervallen industrie, niet echt mooi vond ik.

Maar toen kwamen we ter hoogte van de watermolen Termien afsloegen naar natuurgebied De Maten. Vanaf dan werd het wel mooi fietsen. Heide afgewisseld met vijvers en bossen. Heel aangenaam fietsen.

Via het jaagpad van het Albertkanaal ging het dan verder richting Bokrijk waar het fietspad ons “door het water” stuurde. “Fietsen door het water” is ons veel beter bevallen dan “fietsen door de bomen”.

Het feit dat het water op ooghoogte is geeft toch een ander perspectief, zeker wanneer er eendjes op amper één meter van je zwemmen. Dergelijke effecten krijg je nooit wanneer je op een brug staat, zelfs niet wanneer je in een boot zit.

We maakten van onze museumpas gebruik om in het Openluchtmuseum Bokrijk een hapje te gaan eten. En natuurlijk ook te gaan kijken naar de Vorselaarse boerderij van de Willems van ’t Vispluk 😉.

Onze fietstocht ging verder langs Winterslag en C-mine. Daar zijn we deze keer niet gestopt. Een groot deel hebben we al gezien toen de Tim Burton tentoonstelling daar liep.

Via de Kattevennen bereikten we terug Zutendaal en na een laatste stop om op een terrasje van een verfrissend drankje te genieten kwamen we met 52 km op de teller terug aan onze bungalow.

Munsterbos

Onze plannen om DOOR het water te fietsen zijn vandaag IN het water gevallen vanwege het water dat vanochtend UIT de lucht viel. Het regende naar ons gevoel echt te hard om met de fiets richting Bokrijk te fietsen.

Maar niet getreurd, alternatieven genoeg hier in de buurt. Wij dan maar met de auto naar het 10 km verderop gelegen Munsterbilzen. Daar vertrekt in het dorpscentrum immers de Munsterboswandeling. Je hebt de keuze uit een blauwe wandeling van een kleine 6 km of een rode wandeling van ruim 10km. Wij kozen voor de tweede wandeling.

Het Munsterbos is een natuurgebied dat gelegen is tussen het Albertkanaal en de plaats Munsterbilzen. Het gebied is Europees beschermd als onderdeel van Natura 2000-gebied ‘Overgang Kempen-Haspengouw’. Vanaf 2020 is het onderdeel van Nationaal Park Hoge Kempen.

Het bos behoorde bij de Abdij van Munsterbilzen, waar het naar vernoemd is. In het bos zijn twee kapelletjes, beide gebouwd vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog: de Sint-Amorkapel en de Kapel Geheim Leger uit 1947.

Het hele gebied heeft een oppervlakte van 450 ha en het bestaat uit bossen, visvijvers, moerassen en graslanden. In 2000 verwierf Natuurpunt hier 90 ha, en dit eigendom werd geleidelijk uitgebreid tot meer dan 150 ha. Het noordoostelijk deel wordt gekenmerkt door naaldhout en enkele heiderestanten, het Haspengouws deel kent een oud eikenbos dat in oppervlakte één der grootste van Belgisch-Limburg is. Verder zijn er eiken-berkenbossen, broekbossen en enkele populierenplantages. Ook is er een reeks van negen visvijvers in de vorm van zogenaamde terrasvijvers, die begin 17e eeuw werden aangelegd, en zijn er bloemrijke graslanden. Deze streek bevat leem en de kenmerkende plantengroei. (Bron : Wikipedia)

Na een drietal kilometer kwamen we aan de Kapel van het Geheim Leger dat in 1947 werd opgericht ter nagedachtenis van de ruim 800 verzetstrijders die er in de tweede wereldoorlog schuil hielden. De gevallen strijders worden jaarlijks herdacht op de tweede zondag van september.

De Amorkapel bereikten we na ruim 8 km. Deze kapel werd opgericht in 1941 met brokstenen van de Belgische legerbarakken en van het perron dat in 1940 werd vernietigd tijdens een bombardement. De Heilige Amor is patroonheilige van de Munsterse kapittelkerk en zou rond 700 Munsterbilzen hebben uitgekozen om zich als kluizenaar te vestigen. Aan de kapel staat ook nog een gedenkteken voor de bemanning van een Britse bommenwerper die daar in de tweede wereldoorlog neergestort is.

Het was ook daar dat we plots een hertje aan de bosrand zagen. Heel even bleef het staan, alsof het zich wilde verontschuldigen omdat zijn soortgenoten zich altijd voor de lens van mijn broer toonden maar niet voor de mijne. Heel lang zagen we het niet maar net lang genoeg om een redelijke foto te nemen.

Als het weer morgen meezit fietsen we naar Bokrijk (fingers crossed).

Lieteberg

Tweede dag in het mooie Limburg. Vandaag stond er een wandeling op het programma, meer bepaald de gele wandeling in het Lietebergbos.

Lieteberg is een van de toegangspoorten tot het Nationaal Park Hoge Kempen. Deze bevindt zich enkele kilometers buiten het park, aan de Stalkerweg ten zuiden van Zutendaal.

In deze omgeving werd zand en grind gewonnen, waardoor plassen zijn ontstaan. Nadat de winning beëindigd was werd er begin jaren 90 van de 20e eeuw door imkers een bevruchtingscentrum voor Carnicabijen opgezet. Hieruit kwamen weer andere activiteiten met betrekking tot insecten voort, zoals een insectentuin en een klein insectenmuseum, dat onder de naam Fascinerende microkosmos. Verder is er een vlinderserre, waar rupsen opgekweekt worden tot vlinders. Ook allerlei activiteiten met betrekking tot insecten worden hier georganiseerd. (Bron : Wikipedia)

Wij hebben er enkel gewandeld en de musea niet bezocht. Het duurde wel even eer we het begin van de wandeling hadden gevonden. We waren met de fiets naar het bezoekerscentrum gereden maar onze wandeling bleek niet daar te starten maar ongeveer anderhalve kilometer verder (en dichter bij onze bungalow zou later blijken).

De wandeling van ruim 10 km is wel de moeite waard. Je zit bijna constant in het bos. Een aanrader op een warme zonnige dag dus.

Het gaat er wel constant op en neer. Geen steile beklimmingen of afdalingen maar toch genoeg om na meer dan 10 km blij te zijn dat je terug aan je fiets bent 😉.

Morgen nemen we weer de fiets en gaan we, als er niets tussenkomt, door het water fietsen.

Door de bomen

Nu iedereen na de lange zomervakantie (nu ja … zomer?) terug aan het werk is, is het aan ons om aan onze vakantie te beginnen.

Vanochtend de fietsen op de fietsendrager gezet en op weg naar Lommel waar we onze eerste fietstocht zouden starten.

Het is immers de bedoeling om de komende 7 dagen enkele mooie fiets- en wandeltochten te doen in fietsparadijs Limburg.

Vandaag zouden we een fietstocht doen die ons ook “door de bomen” zou laten fietsen want dat moet je toch echt eens hebben gedaan.

Na een kleine tien kilometer passeerden we het Duits Kerkhof van Lommel.

Het Kerkhof is 16 ha groot en er liggen meer dan 38.000 soldaten uit de Tweede Wereldoorlog. Deze zijn voor het overgrote deel afkomstig uit verzamelbegraafplaatsen te Hendrik-Kapelle, Fosse, Overrepen en Neuville-en-Condroz. Daar waren ze voorlopig door de Amerikaanse Gravendienst (U.S. Battle Monument Commission) begraven, om in 1946 en 1947 naar Lommel te worden overgebracht. Sinds 1946, toen de Belgische regering met de aanleg van de begraafplaats begon, worden alle Duitse soldaten uit de Tweede wereldoorlog die op Belgisch grondgebied gevonden worden hier begraven. De 483 soldaten uit de Eerste Wereldoorlog zijn afkomstig van een soldatenkerkhof te Leopoldsburg. In 2016 lagen er in totaal 39.108 gesneuvelden. Het aantal is in de loop der tijd licht gestegen omdat er nog resten van vermiste gesneuvelden werden gevonden, bijvoorbeeld omdat de overheid overging tot berging van vliegtuigwrakken. Zo werden in 2008 nog stoffelijke resten van drie personen uit de Luftwaffe ter aarde besteld. Op 21 september 2019, op de Internationale Dag van de Vrede werden, ter herinnering aan 75 jaar bevrijding en het 100-jarig bestaan van de Duitse oorlogsgravendienst, drie onbekende soldaten bijgezet. Op deze speciale gelegenheid werd eveneens een “vredesklok” gegoten, die daarna op het binnenplein voor de crypte geplaatst is. (Bron : Wikipedia)

Zo’n kerkhof blijft toch altijd indruk maken, zeker de sobere Duitse kerkhoven.

In de buurt kwamen we dan aan “fietsen door de bomen”. Dat viel toch wel een beetje tegen. Je fietst dus in een cirkel naar boven en dan terug naar beneden. Wat zie je tijdens dat heel korte tochtje? Een paar boomkruinen maar dat is het dan ook . Geen vergezichten of zo. Een paar boomkruinen. Voor je het goed en wel beseft is het voorbij. Ik vond het in ieder geval een tegenvaller.

De rest van de fietstocht was wel een meevaller, ondanks de soms stevige tegenwind. Via het kanaal naar Beverlo fietsten we naar het kanaal Bocholt-Herentals en zo terug naar De Soeverein in Lommel.

Ondertussen zijn we gesettled in onze bungalow in Landal Mooi Zutendaal. Klaar voor een weekje genieten van de Limburgse natuur.