Abdij van Westmalle

Vandaag terug een echte fietstocht gedaan : rondrit 1 uit het boekje van VOS Travel die ons naar de Abdij van Westmalle zou brengen.

We vertrokken via Brasschaat  waar we na 9 km fietsen het vliegveld van Brasschaat aan onze linkerkant zagen liggen. Sinds 1910 is er constant vliegactiviteit geweest op dit vliegveld dat een onderdeel is van de militaire basis van Marie-ter-Heide. Op 16 april 1913 werd hier het eerste squadron van de compagnie des Aviateurs, de voorloper van de Belgische Luchtmacht, opgericht. Nu is het de thuisbasis van de Koninklijke Aeroclub Brasschaat.

Via de villawijken van Brasschaat bereikten we na 17 km de antitankgracht. Deze werd tussen 1937 en 1940 aangelegd om Antwerpen en zijn haven te beschermen tegen tanks. De gracht verbond de Schelde met het Albertkanaal. Hij is 33 km lang, 18 meter breed en minstens 2 meter diep. Het is het langste natuurgebied van Vlaanderen en telt 5 forten, 2 schansen (kleine forten) en een veertigtal bunkers van 3 verschillende types.

Ter hoogte van de E10 plas moesten we even het jaagpad verlaten maar dat gaf ons dan weer de gelegenheid om de kunsten van een waterskiër te bewonderen.

Na een kleine 20 km bereikten we het Kempisch kanaal, één van de 7 kanalen tussen Maas en Schelde. Het Kempisch kanaal is 63 km lang en verbindt het Kanaal Bocholt-Herentals in Dessel met het Albertkanaal in Schoten. De bouw begon in 1844 maar het zou tot 1875 duren voor het over de hele lengte afgewerkt was.

We reden verder via Schilde en na een kleine 30 km bereikten we de Abdij van Westmalle. Deze abdij is eigenlijk ontstaan als boerderij in 1794 toen monniken van de abdij Notre Dame de la Grande Trappe uit Soligny-la-Trappe (Normandië) op de vlucht sloegen tijdens de Franse Revolutie. Enkelen van hen zochten toevlucht in Westmalle. Tot 1836 deed de boerderij dienste als klooster waarna ze officieel een abdij werd. Een kerk, klooster en gastenkamers werden opgericht. Ze begonnen ook met het brouwen van hun eigen bier, aanvankelijk voor eigen gebruik, vanaf 1856 ook voor de verkoop.

Wij maakten van de gelegenheid gebruik om even onze route te verlaten en in het nabijgelegen café een smakelijke croque monsieur met abdijkaas te verorberen. We hebben er geen Trappist bij gedronken, geen Tripel, geen Dubbel en ook geen Extra.

Na de lunch ging het verder via de Scherpenbergmolen van Westmalle. Verder naar Brecht en Wuustwezel om na ruim 66 km terug de parking van Hotel Jerom op te rijden. Alweer moe maar voldaan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s