De Klerck of De Cock?

Ondernemer Bart Bovend’Eerdt komt naar het hoofdbureau om een misverstand recht te zetten. Terwijl hij op zakenreis was, is iemand zijn kantoorpand heimelijk binnengedrongen, een gebeurtenis die door een verborgen camera is vastgelegd.

Na weken speuren heeft De Klerck een verdachte vastzitten. Volgens Bovend’Eerdt is er sprake van een misverstand en zit de verdachte onschuldig vast. Hoewel hij grote bedenkingen heeft, laat De Klerck op aandringen van Bovend’Eerdt de verdachte los. De ondernemer en de verdachte verlaten gezamenlijk het politiebureau.

Een uur later komt er een ontstellend bericht. Bart Bovend’Eerdt heeft zichzelf opgehangen aan de Erasmusbrug. Hij liet op zijn kantoor een afscheidsbriefje achter. Maar is het wel een vrijwillige zelfmoord?

De Klerck en zijn assistent Ruben Klaver zitten met tal van onbeantwoorde vragen, maar commissaris Hakkel wil dat ze de zaak afsluiten.

De Klerck bijt zich echter vast in de zaak en merkt dat er veel meer aan de hand is.

Rechercheur De Klerck en het Doodvonnis is het eerste verhaal rond deze Rotterdamse rechercheur van de hand van Paul Dieudonné.

Dat Dieudonné een fan is van Albert Cornelius Baantjer en dus ook van diens creatie De Cock met ceeooceekaa stopt hij niet onder stoelen of banken. Hij draagt het boek trouwens ook op aan Baantjer. Bovendien wordt De Klerck, wanneer hij naar Amsterdam gaat opgevangen door ene rechercheur Jurre, een oudere man met een sjofel hoedje die al eens graag een cognacje drinkt en een cafeetje met een graatmagere caféhouder.

Net als de boeken van Baantjer is dit eerste verhaal van Dieudonné heel vlot te lezen. Een nobelprijs voor literatuur zal hij nooit krijgen maar het is wel heel ontspannende spannende lectuur, perfect om na een zware werkdag tot rust te komen op de trein.

Ik ben fan.

de klerck 1

Kerkrat (inhaalbeweging (4))

De Cock is door zijn rug gegaan, en met moeite beweegt hij zich richting de Oudezijds Voorburgwal.

Vastgoedhandelaar Koen Pronk is dood aangetroffen; een val of moord?

Niet veel later worden De Cock en Vledder naar de Vituskerk geroepen, waar op het altaar het levenloze lichaam ligt van Okke, de kraker van de kerk.

Het eerdere slachtoffer Pronk blijkt een goede kennis van de voormalige pastoor van de Vituskerk te zijn geweest. De Cock weet dat de moorden verband moeten houden, maar hoe?

Heeft de prediker Vincent hier iets mee te maken. Of de oud-priester die vreselijk boos was toen hij vernam dat Pronk van de kerk een café wilde maken. En wat weten de twee krakers die in de pastorie verbleven?

In De Cock en de dood van een kerkrat weet Peter Römer de traditie van A.C. Baanter verder te zetten. Geen streken, gewoon een eenvoudig vlot lezend politieverhaal. Meer moet dat soms niet zijn.

baantjer83

Inhaalbeweging (2)

Het is een grijze, druilerige dag, maar De Cock laat zijn humeur er niet door verpesten. Aangekomen op de Warmoesstraat kan hij meteen weer op pad: er is een dode aangetroffen in een slootje bij voetbalclub HAS’32 in Ookmeer.
Als hij even later samen met Vledder aan de drassige slootkant staat, blijkt dat het om Richard Geelhoed gaat, een bestuurslid. De man heeft geen zichtbaar letsel en lijkt verdronken, maar De Cock weet eigenlijk wel zeker dat er opzet in het spel is en dat Geelhoed is vermoord.

Omdat De Cock geen aanknopingspunten heeft, besluit hij eerst maar eens wat rond te vragen op de voetbalclub. Zo belandt hij die zaterdagochtend langs de lijn samen met Keizer, wiens zoontje speelt bij HAS’32. Het is De Cock al snel duidelijk dat het bestuur van de club een besloten wereldje op zich is binnen de club, en hij heeft het sterke vermoeden dat hij daar moet zoeken naar het motief voor de moord op Geelhoed..

In het 81ste deel uit de Baantjer reeks komen de klassieke punten uit een De Cock-verhaal naar boven. Peter Römer is een waardige opvolger van Appie Baantjer, de meester zelve.

En het is ook perfecte treinliteratuur. Leest vlot en vraagt een pak minder concentratie als bijvoorbeeld De Zonnekoning.

baantjer81

 

Jurre

Nog niet zo lang geleden ben ik begonnen in Het geheim van Leonardo da Vinci van Francesco Fioretti. Het leek me een heel interessant boek te zijn. Da Vinci is tenslotte een intrigerend figuur.

Helaas was zijn geheim minder intrigerend. Hoe ik ook probeerde … ik geraakte maar niet vertrokken. Veel gepraat over wiskunde en wiskundige figuren maar echt boeien deed het me niet. Ik heb het boek dan ook opzij gelegd. Dat probeer ik later nog wel eens.

In zo’n gevallen is het altijd prettig om te kunnen terugvallen op de avonturen van Juriaan (Jurre) De Cock (met cee-oo-cee-kaa), de eigenwijze rechercheur van de Amsterdamse politie. Geesteskind van A.C. (Appie) Baantjer en na diens dood in leven gehouden door Peter Römer, zoon van Piet Römer die De Cock jaren gestalte gaf op TV.

In De Cock en de vermoorde onschuld onderzoekt De Cock en zijn assistent Dick Vledder de moord op de tienjarige Rianne. Zij werd gedood door een kogel uit een kalasjnikov, een kogel die duidelijk bedoeld was voor onderwereld figuur Jantje Havekort.

De Cock krijgt door de Hoofdofficier van justitie verregaande beperkingen opgelegd in zijn nasporingen. Zijn onderzoek naar de moord op het meisje zou immers een grootschalig onderzoek naar de criminele onderwereld in gevaar kunnen brengen.

Het onderzoek zit aanvankelijk muurvast, totdat de motor wordt aangetroffen, die gebruikt is bij de schietpartij. De helm, die de dader heeft achtergelaten, wordt onderzocht. Als er DNA wordt aangetroffen, betekent dat een eerste bruikbaar spoor in het onderzoek. De Cock heeft het idee dat de hele casus van dommigheden en fouten aan elkaar hangt. Na een kidnapping van een meisje en een opvolgende gijzeling, wordt de zaak langzaamaan glashelder.

Akkoord, noch Baantjer, noch Römer zullen ooit de Nobelprijs voor Literatuur of een andere literatuur krijgen. Maar hun boeken zijn wel perfect om na een zware werkdag even te ontspannen op de trein.

baantjer77